thunderstruckfandoms

Dit forum is voor iedereen die niet uit hun fandom kan ontsnappen!
 
IndexIndex  PortalPortal  KalenderKalender  FAQFAQ  ZoekenZoeken  RegistrerenRegistreren  InloggenInloggen  

Deel | 
 

 Lost and damned (Harry Potter)

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down 
AuteurBericht
Christina Black-Snape
The Queen
The Queen
avatar

Aantal berichten : 676
Registratiedatum : 03-06-15
Leeftijd : 24
Woonplaats : Zweinstein

Karakter kaart
Fandoms: Christina Black-Snape
Favorite Actor/Actress:

BerichtOnderwerp: Lost and damned (Harry Potter)   di jun 09, 2015 10:56 pm

Hoofdstuk: eerste les.
Severus Sneep stond in de eenvoudige badkamer die bij zijn kamer op Zweinstein hoorde. Hij bekeek zichzelf in de spiegel over tien minuten zou zijn aller eerste les die hij als leraar zou geven beginnen. Het was ook nog eens precies de les waar zijn zusje Melian, die hij al in geen vijf jaar meer had gezien in zat. Severus keek nog even in de spiegel. Hij was nu al 22 jaar oud. Hij miste Lily nog steeds. Rustig liep Severus de badkamer uit, hij liep de simpele slaapkamer door en liep door de kerkers gangen naar zijn lokaal. Daar stonden al een paar leerlingen voor de deur. Zijn blik viel meteen op Melian, ze was knapper geworden en écht een vrouw. Hij glimlachte en was er blij mee dat ze er zo goed uit zag. Daarna viel zijn oog op een meisje dat naast haar stond. Haar gezicht was rood en gezwollen, net als haar ogen. Het was duidelijk dat zij veel had gehuild. Severus vroeg zich af of hij moest vragen wat er aan de hand was of juist niet. Hij wilde niet als een zwakke softe leraar overkomen, nee maar juist als iemand die respect af dwong. Hij besloot daarom niets te doen. Wel bekeek hij het meisje nog even goed, ze had vuurrode lippen, zwart haar en grijze ogen. Ze was slank en redelijk lang. Severus gokte dat ze één kop kleiner was dan hem.
“Naar binnen!”Zei hij kil en krachtig.
Een paar leerlingen keken hem brutaal aan, andere gingen snel naar binnen en waren muis stil toen ze ergens aan een tafel gingen zitten.
Melian glimlachte vrolijk naar haar broer, ze was echt blij hem weer te zien. Melian besloot na de les met hem te gaan praten.
“Zo als jullie weten ben ik professor Severus Sneep, ik wens daarom ook aangesproken te worden als meneer of professor. Veder wil ik dat iedereen zwijgt behalve als die gene wat gevraagd word en dat jullie gewoon goed en zonder geklooi jullie opdrachten uitvoeren. Ben ik duidelijk?”Vroeg Severus aan de klas.
“Ja meneer!”Antwoordde de leerlingen in koor.
Severus liep naar het meisje die gehuild had toe, ze zat naast Melian.
“Hoe heet je?”Vroeg hij aan haar.
“Christina Zwarts.”zei ze schor.
Severus trok zijn wenkbrauwen op. Nu hij haar beter bekeek herkende hij haar. Door dat haar gezicht van het huilen zo vervormt was en door dat ze vijf jaar ouder was had hij haar niet meteen herkent. Al snel drong tot hem door waarom ze zo had gehuild. Haar broer Sirius was natuurlijk twee maanden gelede gearresteerd. Vanwege de moord op Lily en James Potter.
Aan de ene kant verbaasde het Severus dat zij en Melian nog altijd bevriend waren met elkaar,
Maar ergens was hij er ook blij om. Hij wist hoe een lol die twee altijd samen hadden.
“Ik wil u graag na de les spreken Juffrouw Zwarts.”Zei Severus rustig tegen haar.
Christina knikte gedwee.
De les van Severus verliep vrijwel rustig. De meeste leerlingen leken bang voor hem te zijn, er zaten er ook een paar bij die zich duidelijk inhielden om niet te gaan klote.
De les deed maar een half uurtje, omdat Perkamentus wist dat dit de aller eerste keer voor Severus was dat hij les gaf. Zo als Severus had gevraagd bleef Christina zitten. Melian was dat eigenlijk ook van plan om te doen, maar omdat Christina moest blijven had zij besloten gewoon buiten het lokaal op Severus te wachten.

Alle leerlingen waren het lokaal uit, behalve Christina. Severus pakte een krukje en ging aan de andere kant van de tafel tegen over haar zitten. “Waarom heeft u zo een verdriet?”Vroeg Severus die deed als of die geen idee had.
0“Omdat ik mijn broer zo erg mis…hij was er altijd voor me om me te beschermen, hij was de enige van de familie die aardig voor me was. Wie beschermt me nu hij er niet meer is? Naar wie kan ik nu voor steun?”Snikte Christina.
Severus keek even ongemakkelijk naar de tranen. Onhandig klopte hij op haar schouder. Bij geen andere leerling zou hij dit gedaan hebben, maar hij kende Christina al langer dan vandaag. Aangezien ze al vanaf kleins af aan de beste vriendin van Melian was.
Min of meer deed hij dit ook voor Melian, maar ook deels omdat hij met Christina mee voelde. Ze had dus net als hij een rot familie, met maar 1 familie lid die er voor hen was.
Voor hem was dat Melian altijd geweest. Severus had ook op ze 17e om die rede veel moeite gehad met zijn vertrek, maar thuis blijven en klappen krijgen van zijn vader was voor hem ook geen optie.
“Mag ik je Christina noemen?”Vroeg Severus.
Christina knikte.
“Ik zal eerlijk zijn, ik haten je broer vreselijk, voor mij maakt het niet uit dat hij nu weg is, maar voor jou vind ik het rot. Als je ooit ergens mee zit, en steun zoekt, kan je ook naar mij komen, ik weet dat dat niet het zelfde is als je broer, maar ik kan begrijpen dat je ook wel eens iemand anders dan Melian wilt om mee te praten.”
Christina keek verbaast, waarom was hij zo aardig voor haar? Vroeg ze zich af. Tegen de rest van de klas was het maar niets hoe hij deed.
“Dank u professor.”Zei ze, ze was hem oprecht dankbaar hier voor. Ze keek naar de grond en besefte toen opeens dat ze Severus al zo vaak had gezien, tot aan zijn 17e. Misschien wilde hij daarom haar helpen. Of omdat ze de beste vriendin was van Melian.
Severus keek kil, maar dat was niet naar haar gericht. Christina vond de blik toch wel angstaanjagend maar door de toon waarop hij tegen haar sprak voelde ze zich toch ook weer op haar gemak.
“Dan houd ik je niet langer op Christina, je mag gaan, en onthoud je kan altijd bij me terecht, al is het midden in de nacht, of super vroeg in de ochtend.” Zei hij nog even.
Christina glimlachte zwakjes naar hem en knikte nogmaals dankbaar. Vervolgens verliet zij het lokaal.

Melian zag Christina naar buiten komen, meteen liep ze het lokaal in en sloot ze de deur achter zich. Ze vloog Severus vrijwel meteen om de hals. Wat had ze haar broer toch gemist.

Severus keek verbaast maar had al snel door wie hem opeens aanviel. Glimlachend sloeg hij zijn armen rond haar. “Heey Melian.”Zei Severus droogjes tegen haar. “Sev! Ik heb je gemist!”Hoorde hij haar zeggen. Severus knuffelde haar stevig en had zijn kleine zusje ook erg gemist.
Opeens begon Melian zomaar uit het niets te huilen. Bezorgt keek Severus haar aan en lijden hij haar naar de stoel aan zijn bureau.
“Wat is er?”Vroeg hij bezorgt aan haar.
“Sinds jij weg bent…ben ik thuis het slachtoffer van papa.”Huilde ze.
Severus voelde een onmiskenbaar schuldgevoel in zich opborrelen. Toen hij vertrok had hij nooit verwacht dat Melian de gene werd die de klappen zou krijgen, anders was hij wel gebleven.
“Ik wil nooit meer naar huis Sev!” Snikte ze tegen hem aan.
Troostend aaiden Severus, Melian over haar rug en dacht hij even na.
“Dat hoeft ook niet Mel, sinds kort heb ik een eigen huis, als je wilt kan je daar komen wonen.”
Meteen knikte Melian ten teken dat ze dat graag wilde.
Ze knuffelde haar broer stevig die haar terug knuffelde.
“Mel, ik moet nu echt me werk na kijken, ik kan niet op me eerste dag al achter raken.”Zei hij rustig tegen haar.
Melian knikte meteen vol begrip. “Is goed Sev, ik ga naar Christina, ze heeft het moeilijk sinds het Sirius gedoe.”Zei ze rustig, ze gaf haar broer een kus op de wang.
Vervolgens zag Severus hoe Melian zijn kantoor uit liep en weg ging.

Christina zat voor de haard in de leerlingenkamer. Ze speelde met een parel die aan een zilveren ketting om haar hals zat. Die ketting had Sirius haar voor haar verjaardag geven. Tranen sprongen in haar ogen zodra ze aan hem dacht.
Iemand legde een onverwachte hand op de schouder van Christina.


Laatst aangepast door Christina Black-Snape op di jun 09, 2015 10:58 pm; in totaal 1 keer bewerkt
Terug naar boven Go down
http://thunderstruckfandoms.bestforumpro.com
Christina Black-Snape
The Queen
The Queen
avatar

Aantal berichten : 676
Registratiedatum : 03-06-15
Leeftijd : 24
Woonplaats : Zweinstein

Karakter kaart
Fandoms: Christina Black-Snape
Favorite Actor/Actress:

BerichtOnderwerp: Re: Lost and damned (Harry Potter)   di jun 09, 2015 10:57 pm

Hoofdstuk 2: Brand
Geschrokken trok ze haar schouder weg, ze draaiden zich om en zag dat het Melian was. Haar blik ontspande weer. “Heey.”Zei ze rustig.
“Heey Chris.” Glimlachte Melian, ze knuffelde haar even troostend.
“Je broer is aardig.”Zei Christina rustig.
Melian knikte met een brede grijns.
“Ik mag bij hem komen wonen!”zei ze vrolijk.
“Ik ben blij voor je.”Christina meende het oprecht en gaf haar een knuffel.
“Misschien moeten we maar gaan slapen.”Zei Christina loom.
Melian knikte naar Christina samen liepen ze de trap op.

Severus woelde in bed, hij kon de slaap maar niet vatten. Na nog een kwartier te hebben liggen draaien besloot Severus maar een wandeling te gaan maken. Hij keek even op de klok 01: 00 uur was het alweer. Severus trok ze gewaad aan en liep rustig naar een plekje bij het meer waar hij altijd zat als hij zich ellendig voelde. Je had er prachtig uitzicht op de maan en de sterren. Tot zijn schrik zat er een smalle kleine gedaante.
“Juffrouw Zwarts, u hoort in bed te liggen.”Zei hij zachtjes, maar niet al te streng.
“Sorry Professor. Ik weet het.”Zei ze, haar stem klonk zacht en schor, en trillerig alsof ze aan het huilen was. Severus kon het niet zien, door dat ze haar gezicht naar de grond had gericht.
“Huilt u?”Vroeg hij zachtjes.
Christina schrok van die vraag, zo erg dat ze haar blik niet langer verborg en hem aan keek. Meteen had ze spijt, nu zag hij de tranen over haar wangen glijden.
Severus ging rustig naast haar zitten, niet goed wetend wat hij moest doen klopte hij maar droog op haar schouders. Opeens liet Christina haar hoofd snikkend tegen zijn schouder aanvallen. Ze wist niet waarom maar het voelde veilig zo bij Severus, hoe een klootzak andere hem ook vonden.
Severus zat nu in een erg moeilijke positie, hij wenste vurig dat Melian hier was hij wist totaal niet wat hij moest doen.
Severus klopte Christina maar onhandig op haar rug, na ongeveer tien minuten zei ze:
“Ik ga maar eens slapen.”
Severus knikte. “Dat lijkt me een goed idee juffrouw Zwarts, dit keer zie ik het door de vingers dat u uit u bed bent, maar de volgende keer dat ik u buiten de leerlingenkamer betrap heeft u strafwerk en punten aftrek.”zei Severus streng.
Christina knikte gedwee, iets in Severus maakte haar toch wel bang, maar ook voelde ze zich veilig in zijn bij zijnde.

Severus keek Christina nog even na, hij voelde zich vreemd en dacht terug aan vroeger. Ongeveer een kwartier lang bleef hij nog buiten om vervolgens terug naar bed te gaan.

“Kom iedereen naar buiten!”Gilde Mathilde. “Klop aan op iedere slaapzaal! Roep dat ze naar buiten moeten en haal een leraar!”riep ze half in paniek.
De rook was dicht, de meisjes hoesten, het vuur laaiden hoog op. Verscheidende meisjes hadden geprobeerd met magie de vlammen te doffen, maar om de een of andere rede lukte dat niet en werd het enkel maar erger.

Melian rende de trap op naar de jongens slaapzalen en klopte daar keihard op de deuren. “BRAND! ER IS BRAND!”gilde ze. Verscheidende jongens kwamen naar buiten de vlammen waren erger en erger geworden en het gehoest was vanaf hier te horen. De jongens rende meteen de slaapzalen uit op naar buiten.

Christina sliep eindelijk, nadat ze een slaapdrankje en een slaappil in had genomen. Half werd Christina wakker van wat opschudding op de slaap zal, nog slaperig van de pil en het drankje draaiden ze zich op haar buik. Ze trok een kussen op haar hoofd, het drankje deed zijn werk en Christina die hellemaal verstopt lag onder de dekens viel weer inslaap.

Melian rende naar de kerkers. Daar klopte ze keihard in paniek op de deur van Severus.
Melian bleef kloppen tot er werd open gedaan.
Verbaast keek Severus zijn zusje aan.
“Melian weet je we-“ begon Severus maar Melian onderbrak hem.
“Er is brand! Er is brand in de leerlingenkamer van Griffoendor! Met magie is het niet te doffen!”riep ze in paniek.
Severus stak zijn toverstok in de lucht en mompelde een spreuk die alleen de leraren kende.
Een luid gezoem ging af, dit was het teken dat de leerlingen van Zweinstein naar buiten moesten naar de verzamel plaats.
Als het vuur niet te doffen was met magie, zou het slechts een kwestie van tijd zijn voor heel Zweinstein af branden.

Samen met Melian rende Severus naar de verzamel plek waar alle Griffoendorners waren.
Melian verdween in de mensen massa en Severus rende zowat naar Minerva Anderling toe.
“Het vuur is niet te doffe Severus, mensen van het ministerie zijn onderweg.”zei Minerva teneer geslagen.
Een aantal leraren waren bezig te controleren of iedereen er was.
“Christina is er niet!”riep Melian opeens van achter Severus.


Severus keek Melian aan, meteen reageerde hij. “CHRISTINA ZWARTS HIER KOMEN ALSTUBLIEFT!”Riep hij met magie over de leerlingen heen, er kwam geen antwoord.
“O nee, o nee, o nee!”Riep Melian opeens in paniek.
“Melian wat is er aan de hand?”Vroeg Severus. “Waarom denk je dat Christina er niet is?”vervolgde hij.
“Ze heeft slaap pillen en een drankje gebruikt, ze slaapt slecht…”verklaarde Melian.
Severus trok wit weg, als ze dat in combinatie gebruikte was er inderdaad heel wat voor nodig om haar wakker te krijgen. “Melian, ga naar Minerva nu, ik haal Christina eruit.”Hij deed zijn overgewaad uit, omdat dat te gevaarlijk was met de vlammen en stond nu in een zwarte broek, met een wit overhemd.
Melian wilde nog wat zeggen maar Severus was al weg.
Ze besloot maar naar Minerva te gaan en te vertellen wat Severus ging doen.

Severus rende de trappen op, zijn hart ging te keer, hij wilde sneller maar het ging niet, iedere seconde was van belang iedere seconde die hij minder had was minder kans om Christina te redde. Severus vervloekte zichzelf dat hij niet sneller kon, de steken in zijn zij negeerde hij, hij kon niet stoppen dat zou Christina het leven kunnen kosten. Op de 6e verdieping aangekomen zag hij dat de brand al uitgebreid was, de trap naar de 7e verdieping waar hij moest staan stond in brand. “Portus tempos!”riep hij keihard en er verscheen een soort poort in de vlammen hij rende er doorheen, toen hij boven was sloot de poort zich, een brok verscheen in zijn maag, iets in hem zei dat hij die spreuk op terug weg niet zo simpel zou kunnen gebruiken, maar daar moest hij zich later zorgen om maken, zijn eerste prioriteit was het redde van Christina. Het vuur kenterde luid, Severus sloeg snel een arm voor zijn ogen toen een balk instorten en er een hoop vonken vanaf vlogen, nog net kon hij een groot stuk brandend hout ontwijken. Severus wist dat de tijd nu écht drong, de helle zevende verdieping stond in brand zo goed als niets kon Severus zien, hij deed snel een bubbel bel bezwering, het was dan oorspronkelijk wel voor onderwater bedoelt maar boven land kon het ook. Voorzichtig maar haastig baande hij zich een weg door het vuur.
Severus zag dat alle schilderijen uit hun lijsten waren gevlucht naar de andere schilderijen, het schilderij van de dikke dame stond volledig in brand. Hij was dicht. Severus kreunde gefrustreerd, hoe moest hij nu binnenkomen?

Melian liep naar professor Anderling toe, ze voelde zich vreemd, alsof ze Christina in de steek liet. Ze wilde wat doen. “Professor Anderling, Professor Sneep is naar binnen gegaan, Christina was nog binnen…”Zei ze in trance, ze zag eerst een gedaante met een sjofel gewaad en littekens. “Christina Zwarts bedoel je?”Vroeg Remus toen snel. Melian merkte hem nu pas op, ze voelde zich vreemd toen ze Remus aankeek en knikte. “Hoe lang zijn ze al binnen?”Vroeg Anderling toen.
“Severus al iets van 7 minuten.”zei ze, de tranen stonden haar nader, ze stond doodsangsten uit. Melian nam een beslissing. “ik moet naar binnen ik moet helpen!”Melian rende richting de deur en Remus reageerde meteen hij pakte haar stevig vast.
“Je kan niets doen, Severus is een bedreven tovenaar en de schouwers arriveren ieder moment, je kan niets doen, blijf hier, je brengt ze waarschijnlijk enkel maar meer in gevaar en je zelf ook!”zei Remus streng.
Melian keek hem aan, de tranen stroomde over haar wangen, snikkend liet ze zich tegen Remus aanvallen die troostend haar rug aaiden. “Ik ben Remus Lupos.”zei Remus toen maar.
“Ik ben Melian Sneep…” stelde Melian zichzelf voor, ze keek in trance naar de plaats waar de toren van Griffoendor stond te roken.

Severus besloot dat er maar 1 manier op zat, keihard en snel trapte hij tegen het schilderij, om er voor te zorgen dat hij niet zelf in de fik vloog moest het echt snel. Dankzij het vuur was het houd veel brozer geworden en kon hij het makkelijk opentrappen. Heel voorzichtig stapte hij door het brandende schilderij naar binnen.
Tot zijn ongenoegen besefte Severus dat hij de weg hier niet wist. Severus schrok zich rot toen hij rond keek, bijna de helle leerlingen kamer op kleine stukjes na was een en al vlammen zee, Severus was blij met de bubbel bel bezwering anders was hij zeker bezweken. Snel deed Severus nog een spreuk over zich heen, om hem te beschermen tegen de hitte van het vuur, het vuur was hier zo heet dat je zelfs daaraan al kon bezweken. Nu brak het zweet Severus écht uit, niet alleen door de hitte, maar hoe veder hij kwam hoe onwaarschijnlijker het was dat Christina nog leefde. Severus keek naar boven toen hij een luid gerommel hoorde, er storten weer balken in. Toen er nog een harder geluid klonk sprong hij snel opzij, de kristalliet kroonluchter viel naar bende door de tafel heen, honderden glas splinters vlogen in het rond, beschermend deed Severus zijn armen voor zijn borstkast en draaide hij snel de rug ernaar toe, hij voelde hoe de glas splinters in zijn armen en rug kwamen, hij negeerde de snijdende pijn, hij moest veder, om er zeker van te zijn dat Christina niet meer te redde was, anders zou hij zich eeuwen afvragen of hij Christina misschien wel had kunnen redden, het moest gewoon ze mocht niet sterven.

Christina werd bezweet wakker, ze was wakker geworden van de hitte, ze schrok zich lam, om haar heen, een en al vlammen zee. Ik ga eraan, ik zal branden! Dacht Christina vol paniek. Ze stond op uit het bed, op een klein stukje waar geen vuur was, angstvallig probeerde ze de vlammen te ontwijken, haar hart ging te keer, een gevoel van doodsangst borrelde in haar op, ze kreeg bijna geen lucht, ze hoesten, ze zag niets door de dikke rook wanhopig probeerde ze een weg te banen door het vuur. “KRRRRR”klonk er luid, een balk achter haar storten naar bende, nog net kon Christina weg springen, waardoor ze haar hand branden. “Au!”De tranen stroomde over haar wangen, ze ging sterven, dat wist ze zeker, maar ze wilde nog niet steven ze wilde leven, overal om zich heen hoorde ze luid geknetter, de warmte maakte haar duizelig. Wanhopig zocht ze naar haar toverstok maar ze vond hem niet.


“Uche uche uche!”klonk er opeens luid vanuit een toren. Severus bleef een paar seconde stil staan. “Christina?”riep hij toen maar.
“HELP!”riep ze terug. “Professor help me alstublieft.”riep ze weer.
“Christina blijf praten dan volg ik je stem!”Severus hart sprong over van blijdschap toen hij haar stom hoorde, ze leefde nog, hij kon haar nog redden.

Een straaltje hoop ging door Christina heen bij het horen van Severus stem, haar hart sprong over van blijdschap nu had ze toch een kans, het praten koste haar veel moeite het branden om te ademen e te praten, de hete lucht branden aan haar ogen die ze nog met moeite open kon houden. “Ga naar links professor de trap naar links!”riep Christina. “Dan de 4e kamer!”riep ze schor.

Severus volgde de instructies op, hij ging de linker trap op, en liep naar de 4e kamer maar daar was geen Christina, hij besefte dat aan zijn rechterhand nog een rij kamers zat. Snel rende hij daar heen, het gehoest van Christina werd luider, hij probeerde de deur open te breken. “De deur zit vast!”schreeuwde hij.
Christina voelde alle hoop wegglippen. “Red u zelf voor mij is het te laat!”schreeuwde ze.
“Nee! Het is nooit te laat!”Riep Severus koppig.
“Accio bijl!”riep hij en hij zwaaiden met zijn toverstok. Met een luid gezoef kwam de bijl aan. Severus ving hem behendig op uit de lucht en stak zijn toverstok in zijn mouw. Hij had de deur er niet met magie uitgeblazen omdat hij waarschijnlijk het vuur erger maakte door de wind die dat zou opleveren, het huid ging aan splinters toen de bijl met een luide bonk erin ging, Severus hakte een gat in de deur zo groot dat hij er door heen kon.
“AARGH help!”gilde Christina het vuur werd erger en erger, ze voelde de warmte erger en erger worden ze voelde dat ze het niet lang meer vol hield.
Severus begon sneller en sneller te haken, de tijd drong nu echt, hij schopte het laatste stuk van de deur open en rende naar binnen, door de spreuken die hij over zichzelf had gedaan zag hij nog wel iets. Hij zag Christina midden in het vuur staan, met magie kreeg hij het vuur enig sinds aan de kant met veel moeite. Christina begon wankelend richting Severus te gaan en Severus richting haar, toen hij bij was voelde hij hoe Christina tegen hem aan viel, ze hoesten zich rot, niet lang daarna was ze buiten bewust zijnde. Severus had geen tijd te kijken of ze nog leefde of haar te helpen met spreuken, nee ze moesten hier zo snel mogelijk weg.
Zonder enige moeite tilde Severus, Christina op, ze was super licht, met veel pijn en moeite kwam hij weer de slaapzaal uit, maar terug aangekomen in de leerlingen kamer begon de moed hem ook in de schoenen e zakken, er zat een heel gat in de vloer, hij keek of hij eromheen kon, maar dat ging niet, achter hem storten de toren nog meer in. Met magie liet hij een balk over het ‘ravijn’ voorzichtig echt voorzichtig liep hij er over heen. Severus keek bezorgt naar Christina en ging veder, toen hij de leerlingenkamer uit was was het een en al vlammen zee, Severus wist het echt niet meer.
Opeens hoorde hij stemmen.
“Volgens het plaatsvervangend school hoofd zijn er nog twee mensen!”zei een zware stem.
“Dan moeten we goed zoeken!”piepte een ander.
“Hier hier zijn we!”riep Severus snel, hij wist dat het schouwers waren, met veel pijn en moeite wist Severus met behulp van de schouwers een weg te banen, de trap was hellemaal weg gebrand ene hol gevoel kwam in Severus maag, ze moesten springen of verbanden, maar al snel zag Severus dat een schouwer al wat anders had bedacht met de ingestoten balken vormde hij een trap.
De schouwer met de zwarte stem wilde Christina van Severus overnemen, maar Severus weigerde, hij wilde haar zelf dragen, met ze alle rende ze de trappen af, naar bende zo snel mogelijk naar buiten daar liet Severus de spreuken van zichzelf verdwijnen, hij richten zich op Christina, ze ademde niet meer, maar haar hart slag was nog licht. “Haal hulp! ze ademt niet!” de schouwers rende weg. Dit gaat te lang duren besefte Severus een mens kon maar drie minuten zonder zuurstof dan stierven de organen af en wie weet waren dit er al meer dan drie. Severus kneep Christina’s neus dicht en plaatsen zijn mond op de haren hij begon haar beademing te geven. “Kom op adem!”riep hij. Hij ging ermee door, hij weigerde te stoppen, al radde de schouwer die was gebleven aan te stoppen, omdat het al te laat zou zijn, Severus vroeg zich af waar de hulp, waarom hij had gevraagd bleef, hij ging door en door met het beademen, en na een paar minuten die eeuwig leken te duren ging ze weer ademen. Opgelucht keek Severus naar haar, hij aaiden door haar haren, en zag dat ze onder de brand wonden zat van de weggevlogen vonken.
“Chris je gaat het redde.”Zei hij, hij voelde de pijn van al het glas dat in hem zat niet eens meer. Tot dat zijn zusje hem half hysterisch omhelsden. “Severus!”riep ze, “is ze? “vroeg Melian vol moeite. “Ze leeft nog Mel, Mel laat me alsjeblieft los je doet me echt pijn.”zei hij smekend. “En word niet hysterisch om hoe ik eruit zie, ik ben niet in levensgevaar.”zei hij toen streng. Severus zat onder het roet, ook hij zat onder de wonden van de vonken.
Madame pleister kwam eraan, ze nam de zorg van Christina over, maar Severus en Melian bleven er beide bij, bang dat ze het niet zou redde, ook was Remus er inmiddels bij gekomen, Severus keurde hem geen blik waardig en tilde Christina op, naar de tent waar de gewonden werden verzorgt. Daar legde hij Christina neer op een bed, terwijl de schouwers bezig waren het vuur te doffen. Severus wist niet hoe de brand ontstaan was, maar wat hij wel wist was dat het een en al duistere magie was, hij zou zijn vermoedens straks meteen aan Perkamentus melde, en het tot de bodem uitzoeken.
Maar zijn eerste zorg was nu Christina, waarom hij zo bezorgt was, maar hij wist wel dat hij dat was. Hij drukte Melian dicht tegen zich aan, die luid snikte, doodsbang dat Christina zou sterven.

Terug naar boven Go down
http://thunderstruckfandoms.bestforumpro.com
Christina Black-Snape
The Queen
The Queen
avatar

Aantal berichten : 676
Registratiedatum : 03-06-15
Leeftijd : 24
Woonplaats : Zweinstein

Karakter kaart
Fandoms: Christina Black-Snape
Favorite Actor/Actress:

BerichtOnderwerp: Re: Lost and damned (Harry Potter)   di jun 09, 2015 10:57 pm

Hoofdstuk 3: Dromen
Het was nog steeds nacht. Severus was even uit het bed opgestaan en keek naar Christina. Ze was knap vond Severus. Hij maakte zich zorgen, bang dat ze het niet zou halen.
Severus keek even naar Melian en Remus, de woeden borrelde in hem op. Ze lagen tegen elkaar aan te slapen. Severus vertrouwde de helle situatie tussen die twee niet. Hij keek naar Christina. Rustig dekte hij haar nog eens goed toe. Daarna ging hij weer op het bed naast haar liggen. Wetend dat als madame Plijster het zag, er weer een discussie zou volgen.
Zijn blik bleef op Christina gericht.

“Christina!”Hoorde Christina roepen, het klonk als de stem van haar moeder. Christina schrok ervan, en opende haar ogen. Een wit licht weerhield haar ervan te kunnen zien waar ze was.
“Christina!”hoorde ze weer roepen. Na nog even te knipperen zag Christina weer, maar het was niet haar moeder die geroepen had. Het was Melian.
“Sev! Sev! Ze is wakker!”riep Melian.
Severus sprong meteen op van het bed waar madame Plijster hem had gedwongen te gaan liggen. Severus had eerst geweigerd maar na een half uur discuseren had hij toch maar ingestemd.
Christina keek meteen op toen Severus naar haar toe kwam. Ze herinnerde zich nog enkel dat ze in de brand vast zat en hij met gevaar voor eigen leven naar haar toe was gekomen.
Christina besefte al zonder te vragen waar ze was. “Wat is er gebeurt?”vroeg ze toen toch maar. “Ik bedoel ik weet van de brand, maar nadat ik buiten bewust zijnde raakte!”Voegde ze er snel aan toe.
“Je was even dood….”Besloot Severus te zeggen.
“Maar Severus heeft je terug gehaald!”riep Melian trots uit.
“Dank je, je hebt me voor de tweede keer in één nacht tijd dus gered.”Zei Christina die nu lichtjes rood was geworden door dat alles.
Ze vroeg zich af waarom hij zijn eigen leven voor haar op het spel had gezet.
Zou hij dat ook voor een andere leerling gedaan hebben?
Christina probeerde overeind te komen, maar voelde toen hoe zwaar haar lichaam aan voelde, een brandend gevoel kwam in haar longen en keel en ze begon als een gek te hoesten.
Severus duwden haar terug op der rug.
“je longen verkeren nog in slechte staat, blijf zo stil mogelijk liggen, zo lang je je niet inspand zal je je het beste voelen.” Zei Remus toen tegen haar.
Christina haar mond zakte open ze had hem nog niet gezien.
“Remus wat doe je hier?”Vroeg ze verbaast maar blij.
“Ik hoorde dat er brand was en je weet toch dat ik je broer beloofd heb op je te letten of ben je dat soms alweer vergeten?”Vroeg Remus toen glimlachend, hij streelde door haar haren. Christina voelde als een zusje voor hem.
Hij keek even naar Melian, hij vond Melian echt een heel mooi en lief meisje. Ze leek aan de ene kant op Severus maar aan de andere kant ook weer niet.
Ze was in ieder geval een stuk knapper vond hij.
“Geen dank trouwens.”Zei Severus toen nog snel op haar bedankje.
Christina zag nu pas hoe erg hij onder de wonden en korsten zat, een schuld gevoel borrelde in haar borst op, dit was haar schuld!
Melian opende haar mond om wat te zeggen, maar precies oen kwam madame Pleister binnen.
“Eruit! Eruit! Deze twee patiënten hebben rust nodig!”riep ze vel.
“Hup ksst! Schiet op, weg wezen, kom later maar terug!”riep ze tegen Melian en Remus die duidelijk wilde protesteren, maar toen ze de blik van mamdame Pleister zagen loosde Remus snel Melian mee de ziekenzaal uit.
Op de gang aangekomen keek Remus Melian even aan. “Heb je zin om wat te gaan drinken in Zweinsveld? De lessen vandaag zijn toch uitgevallen en je kan voorlopig toch niet naar Chris en Severus.”Zei Remus liefjes en kalm, hij wist dat Melian zich grote zorgen maakte om haar broer en beste vriendin dus vond Remus dat het het beste was als hij Melian zo veel mogelijk aflijden.
Melian was in twee strijd, ze wilde maar al te graag bij haar broer blijven en Christina maar wist dat Remus gelijk zou hebben.
Voorlopig kwam ze er niet meer in, en ze wilde graag Remus beter leren kennen.
“Dat is goed.”kwam ze toen maar tot de conclusie.
Remus glimlachte en boot haar een arm aan, samen gingen ze op weg naar Zweinsveld.

Christina keek Severus even aan en glimlachte kort.
“Je kan beter gaan slapen Christina.”Zei Severus toen.
Christina schudde haar hoofd.
“Lukt niet ik moet steeds maar aan mijn moeder en broer denken, ik mis ze zo!”zei ze droevig.
Severus keek haar aan, hij wist niet wat er met haar moeder gebeurt was en het leek hem wel heel tactloos dat te vragen dus dacht hij diep na over wat hij kon zeggen.
“Misschien kan ik regelen dat je een keer opbezoek kan bij je broer.”zei Severus toen maar.
“Je zou dan wel onder begeleiding moeten….”
“Wilt u me dan alstublieft begeleiden professor?”vroeg Christina vol hoop, ze keek hem super lief aan.
Severus wilde eigenlijk meteen nee zeggen, maar toen keek hij in haar ogen en zag hij de blik, de blik zorgde ervoor dat Severus tot zijn grote ergernis niet kon weigeren. Hij was Severus Sneep! Hij kon alles weigeren altijd wat ie maar wilde, waarom lukte dat nu niet bij haar?
Vroeg Severus zichzelf af.
“Goed goed, ik zal mee gaan, maar wel proberen te slapen dan nu hé?”zei Severus zachtjes.
Christina knikte dankbaar.
“Ik ben u erg dankbaar voor alles.”Zei ze gemeend en oprecht. “Welterusten!”
Christina draaiden zich om en viel langzaam in een diepen slaap.
Severus keek nog even naar Christina, hij glimlachte en voelde dat hij zelf ook dood op was, na nog heel even een blik te hebben geworpen op Christina, en zich zorgen te maken over Melian, wat die aan het uitspoken was met Remus, ging Severus terug op zijn bed liggen, ook hij viel in een diepe slaap.

Keer op keer hoorde Christina iemand haar naam roepen, ze wist zeker dat het haar moeder was die riep. Weer schrok Christina wakker, ze draaiden zich om en viel weer inslaap in de hoop dat de droom nu weg was. Maar helaas dat was niet zo.

[i]Het was kerstavond. Christina was met haar moeder op Zweinstein. Ze was pas vijf jaar oud en had er erg veel zin in. Ze zou ook weer haar grootvader zien en professor Anderling die ze een beetje als oma zag. Ze glimlachte naar haar moeder. Opeens hoorde ze een hoop gerommel en gedaan. Christina keek verbaast, alle leerlingen waren naar huis gegaan, er waren alleen nog leraren. Ze keek haar moeder aan die meteen op haar hoede leek. “Christina verstop je hier.”zei ze streng en ze duwde haar dochter voorzichtig achter een groot fluwelen gordijn. Christina voelde haar hart van angst tekeer gaan. Ze wist door de manier waarop haar moeder praten dat dit niet veel goeds was. Ze keek vannacht het gordijn hoe haar moeder voorzichtig met getrokken toverstok liep. Christina durfde bijna niet te kijken toen ze een gedaante zag, maar ze kon ook niet wegkijken. Haar handen waren nat van het zweet van angst. Ze zag een man met een zilver kleurig masker en een zwart gewaad.
“Eindelijk zien we elkaar terug Elisabeth Perkamentus.”Zei de dooddoener. “Nu is de tijd gekomen om te sterven!” Christina’s adem stokte van angst in haar kil. Ze wist wat die gedaante was.
“Dat zullen we nog wel eens zien.
“Hoorde Christina haar moeder zeggen. Ze zag hoe haar moeder en de dooddoener hun stokken ophieven en non-verbaal een spreuk afvuurde. De dooddoener werd lichtjes geraakt. Bij haar moeder kwam er een dikke snee in haar borstkast. Weer opnieuw volgde er een spreuk, nu had de dooddoener een iets grotere verwonding. Maar die was niets vergeleken de verwonding van Christina’s moeder. Ze was geraakt op haar keel. De dooddoener lachte.
“Zie je wel, ik win.”De dooddoener wist dat Elisabeth dit niet kon overleven. Christina zag de dooddoener snel weg vluchten. Haar grootvader Albus Perkamentus kwam aanrennen. Hij bukte neer bij zijn dochter Elisabeth. Hij was nu niet instaat de dooddoener achterna te gaan. Christina kwam achter het gordijn vandaan en zakte huilend op haar knieën naast haar moeder. “Mama, ga niet dood.”Snikte Christina. Elisabeth tilde met moeite haar hand op, ze ademde heel moeilijk, en verloor veel bloed. Door de spreuk waarmee de wond was veroorzaakt kon het niet meer geheeld worden. Wat Perkamentus ook deed, de magie was te duister. Christina had de hand van haar moeder vast, en Elisabeth de haren.
“C-c-chris, wees vo-vorzichtig, ze zullen je je z-z-oeken. Je ben-t-t e-een ge-gevaar voor hun. Va-vader zorg dat ze ze veilig is.” Stotterde Elisabeth. Net toen Christina wilde vragen wat ze bedoelde was het al te laat, langzaam draaiden haar moeders ogen naar boven, het licht doof en haar hand bleef slap in die van Christina hangen.[i]

Gillend werd Christina wakker, weer opnieuw had ze gedroomd over haar moeder die stierf, weer opnieuw de raadselachtige woorden. Niemand wou haar ooit vertellen wat haar moeder had bedoelt. Zelfs haar grootvader niet. Christina vroeg zich af of hij het überhaupt wel wist. De tranen stroomde over haar wangen. Severus die naast haar had liggen slapen was wakker geworden van het gegil en meteen opgesprongen naar Christina toe. “Wat was er?”Vroeg hij geschrokken. Alleen hij was nog op de ziekenzaal. Melian en Remus waren weg gegaan. Severus had geen idee waarheen, en ergens wilde hij het ook niet weten! “Ik had gewoon een nachtmerrie.”Zei ze met een trillerige stem. Severus aaiden over haar rug en op de een of andere manier kalmeerde dit Christina. “Waarover?”vroeg Severus voorzichtig aan haar.
“De dood van mijn moeder…”zei ze nog altijd trillerig.
Severus keek verbaast, hij dacht altijd dat Walburga Zwarts haar moeder was, maar die leefde toch nog? En ze had toch een hekel aan haar?
“Waarneer is Walburga overleden?”Vroeg hij.
Christina schudde haar hoofd. “Zij leeft nog, zij is niet mijn moeder. Maar Elisabeth Perkamentus, de dochter van professor Perkamentus is mijn moeder.”zei ze toen.
Severus schudde zijn hoofd, hij had het kunnen weten. Walburga was hellemaal geen familie van Perkamentus en Orion ook niet, dus had het nooit gekund dat Walburga haar moeder was.
“Ze is vermoord.”Besloot Christina toen maar uit te leggen. “Waar ik bij was…ik was vijf.”zei ze. Severus keek haar geschrokken aan dat had hij niet verwacht.
“Dat is niet fijn.”Zei Severus toen, hij vond het maar stom klinken maar wist ook niet wat hij anders had moeten zeggen tegen haar.
Christina knikte en liet uitgeput haar hoofd tegen Severus zijn schouder aanzakken. Ze wist ook niets meer te zeggen.
Melian liep samen met Remus een beetje buiten rond. Niemand mocht Zweinstein momenteel in. Eerst moest er gekeken worden waardoor het vuur ontstaan was, en de schade herstelt worden. Verderop het terrein van Zweinstein was een mega grote tent opgeslagen waarin alle leraren en leerlingen konden slapen. Remus en Melian hadden allebei geen zin om al te slapen. Nog te wakker van alles wat er gebeurt was.
“Zullen we anders wat gaan drinken in zweinsveld?”Vroeg Remus toen een beetje verlegen en ongemakkelijk. “Of heb je geen zin om daar hellemaal heen te lopen?”voegde hij er snel aan toe. Melian keek even op.
“Nee, nee ik vind het niet erg om te lopen, laten we dat maar doen.” Zei ze snel.
“Hier zo doelloos rondlopen heeft ook niet echt zin vind ik.”
Remus glimlachte en knikte dat ze daarin gelijk had.
“Heb je het niet koud?”Vroeg hij toen bezorgt. Aangezien Melian geen jas aan had door dat ze zo snel had moeten vluchten.
Melian aarzelde, ja ze had het koud, maar moest ze dat zeggen? Voor Melian ook maar iets kon zeggen had Remus al zijn jas uit gedaan en om haar schouders geslagen.
“Hier doe deze maar aan, dat is een stuk warmer. Ik kan de kou wel hebben.”glimlachte hij.
Hij kon de kou beter weerstaan omdat hij een weerwolf was, maar dat zou hij haar niet zeggen. Iedereen voordeelde hem er altijd op. Behalve zijn eigen vrienden en Christina. Helaas waren of al zijn vrienden veder dood, of zo als Sirius in Azkaban.
Remus kon nog steeds niet geloven dat Sirius het had gedaan.
“Dank je.”zei Melian verlegen tegen Remus. Remus glimlachte.
“Geen Dank Melian.”Zei hij op zijn beurt.
Remus bood haar een arm aan, en Melian haakte de haren erdoor heen. Toen Remus haar even aankeek ging er een raar gevoel door zijn maag. Het viel hem op dat ze erg mooie bruine ogen had. Het leek een beetje op de ogen van haar broer, maar dan vriendelijk en niet kil. Melian straalde een soort van warmte uit, waarbij hij zich aan de ene kant ongemakkelijk bij voelde maar aan de andere kant ook erg prettig. Vrolijk samen pratend vertrokken ze naar Zweinsveld.
Terug naar boven Go down
http://thunderstruckfandoms.bestforumpro.com
Christina Black-Snape
The Queen
The Queen
avatar

Aantal berichten : 676
Registratiedatum : 03-06-15
Leeftijd : 24
Woonplaats : Zweinstein

Karakter kaart
Fandoms: Christina Black-Snape
Favorite Actor/Actress:

BerichtOnderwerp: Re: Lost and damned (Harry Potter)   di jun 09, 2015 10:57 pm

Hoofdstuk 4: Azkaban


Het was ongeveer twee weken later. Eindelijk mocht Christina van de ziekenzaal. Ze moest zo lang blijven omdat haar longen erg beschadigt waren geweest. Zelfs met magie moest ze lang rusten om beter te worden. Nu nog mocht ze maar halve dagen les. In plaats van de helle dag. Die twee weken lang hadden Melian, Severus en Remus haar gezelschap gehouden.
Christina had zich net aangekleed en wilde de ziekenzaal uitlopen. Toen ze de deur open deed zag ze Severus ervoor staan hij had een reis mantel aan en glimlachte naar haar.
“Heey Chris.”Zei hij glimlachend. In de afgelopen weken zou je wel kunnen zeggen dat Severus en Christina vrienden waren geworden.
“Ga je weg?”Vroeg Christina droevig toen ze de reis mantel zag.
“Ja, en jij gaat mee.”Glimlachte Severus naar haar, en haalde haar reis mantel te voorschijn.
“Wat gaan we doen?”Vroeg ze toen verbaast ze had geen idee.
“Een verassing.”Zei Severus rustig, hij glimlachte. Zelf vond hij het een stuk minder leuk wat ze gingen doen maar hij wist dat hij Christina er erg blij mee zou gaan maken.
Verbaast pakte Christina haar mantel aan en sloeg die rustig om haar heen.
“Ze mag zich niet te druk maken!”riep madame Pleister die net was aankomen lopen vanuit haar kantoortje. Severus schudde zijn hoofd.
“Dat zal niet gebeuren. “Zei Severus bot tegen haar. Zo als hij altijd tegen zij collega’s praten.
Madame Pleister ging beledigt terug naar haar kantoortje toen er met zo een toon tegen haar werd gesproken.
Severus keek Christina weer aan.
“Zullen we dan maar?”vroeg hij aan haar en hij boot haar zijn arm aan.
Christina knikte en pakte zijn arm toen voorzichtig aan. Ze liepen met ze tweeën naar buiten.
Veel leerlingen keken hun raar aan, omdat Severus tegen de rest van de school een botte zak was. Alleen voor Melian en Christina was hij aardig, en aan Perkamentus toonde hij respect.
Veder beschouwde hij iedereen als minder, dom of onnozel. Soms had hij er ook gewoon geen zin in om aardig te doen.
Christina hield nog steeds zijn arm vast en negeerde gewoon de blikken van haar mede leerlingen. Jason Vrazal, een volbloed tovenaar uit Griffoendor keek Severus vuil aan. Het was algemeen bekend dat hij een oogje had op Christina en er alles aan deed om haar hart voor zich te winnen. Maar Christina had nooit interesse of ook maar iets in hem getoond. Ze voelde niets voor hem.
Severus keek naar Christina of alles wel goed met haar ging en of ze dit wel kon hebben. Hij vroeg zich af waar Melian was gebleven, hij had haar al een tijdje niet gezien net als Remus Lupos. Hij vertrouwde het voor nog geen knoet. Een weerwolf was niet te vertrouwen vond hij. In zijn derde jaar was hij er dankzij een grap van Sirius Zwarts achter gekomen wat Remus was, maar hij had van Perkamentus moeten zweren het nooit aan een ander te zeggen. Al dacht Severus dat Christina het wel zou weten aangezien ze Remus al lang genoeg kende en Sirius een van de beste vrienden van Remus was geweest.
Severus vond dat Melian en Remus het net ietsjes te goed konden vinden.
Ook Christina had opgemerkt hoe goed die twee het kunnen vinden.
“Als we het terrein van Zweinstein af zijn, verdwijnsel ik ons naar de plek van bestemming.”Zei Severus tegen Christina.
“Is goed.”zei Christina tegen hem, ze was erg nieuwsgierig naar waar ze heen gingen. Ze glimlachte naar hem. Er ging toch wel een kriebel van spanning door haar buik heen. Als een klein kind die niet kan wachten met haar kerst cadeautjes open te maken, voelde ze zich.



Melian glimlachte naar Remus, ze liepen door zweinsveld zo als ze wel vaker deden samen de laatste tijd. “Vandaag mag Christina van de ziekenzaal.”Zei Melian tegen Remus.
“Aah dat is mooi.”zei hij vrolijk. Hij merkte dat hij altijd vrolijk was bij Melian in de buurt.
“Ik heb een baantje hier in zweinsveld gekregen bij een boekenwinkel.”Vertelde Remus aan Melian. “Dus ik blijf in de buurt voorlopig. “Grijnsde hij, omdat hij een weerwolf was kon hij erg moeilijk aan baantjes komen, dus was hij erg blij dat hij er hier één had gevonden. Ook was hij er blij mee omdat hij dan bij Melian en Christina in de buurt kon blijven. In die twee weken dat hij hier was gebleven omdat Christina op de ziekenzaal lag, en hij Sirius had beloofd op Christina te letten. Waren hij en Melian erg goede vrienden geworden. Ze gingen er vaak samen tussen uit, maar bijna altijd weg van Zweinstein. Omdat hij wist dat als Severus erachter zou komen het voor problemen zou zorgen. Remus had Melian uitgelegd waarom Severus zo een hekel aan hem had. Ergens begreep Melian het niet. Remus had nooit écht wat gedaan. Het waren meer Sirius en James geweest die het hadden gedaan. Maar aan de andere kant…Remus had er wel altijd bij gezeten en toekeken zonder ook maar iets gedaan te hebben. Dus daardoor kon ze wel begrijpen dat Severus hem niet mocht. Alleen dat Severus, Remus erom haten vond ze wel wat ver gaan. Ze besloot zich er maar niet mee te bemoeien, het gedoe speelde al veel te lang. Dat was iets tussen hun en zij had er niets mee te maken.
“Aah mooi!”riep Melian super blij uit. “Gefeliciteerd!” ze was echt heel erg blij dat Remus bleef, waarom kon ze niet precies verklaren. Wat ze wel wist was dat het erg goed tussen hun klikte, en dat ze erg gehecht was geraakt aan Remus. Ze glimlachte. Ze vond het rot voor hem dat al ze vrienden dood waren en dat één van hun opgesloten zat wegens de moord op zijn vrienden. Remus moest zich wel erg eenzaam voelen. Melian was blij dat ze er voor Remus kon zijn.
“Dan kunnen we elkaar tenminste gewoon blijven zien, nu Chris beter is en hoef je niet weg.”ze ze vrolijk.
Remus knikte glimlachend.
“Dat klopt ja.” Zei hij tegen haar. Zal Severus leuk vinden als die erachter komt. Dacht Remus.
“Heb je zin om naar het park te gaan?”Vroeg Remus toen aan Melian. Hij vond het wel fijn om even van het dorpje weg te zijn en op een rustige plek alleen met Melian te zijn.
“Is prima hoor, ik weet alleen niet waar het zit. Dus je moet wel de weg wijzen.”Zei ze lichtjes verlegen. Ze keek hem aan en voelde dat ze rood kleurde, dat gebeurde altijd als ze hem recht aankeek. Ook voelde ze hoe haar hart weer sneller ging kloppen. Ze wist niet waardoor het kwam dat ze dat altijd had als ze Remus aankeek. Ze vroeg zich af wat het betekende. Samen liepen ze richting het park.

Severus was met Christina in zweinsveld aangekomen. Hij gromde lichtjes toen hij Remus en Melian arm in arm zag lopen. Hij besloot er later wel over te praten met Melian, nu ging eerst even Christina’s verassing voor, als ze te laat zouden komen zou het namelijk niet meer door kunnen gaan. Hij pakte Christina stevig vast.
“Hou me erg goed vast Chris, anders word je verbrokkeld.”Zei Severus waarschuwend. Christina pakte hem erg strak vast. Ze voelde zich alsof ze door een dunne rubberen buis werd geperst. Ze voelde dat ze geen adem kreeg. Ze was blij toen ze klaar waren. Christina kon zelf nog niet verschijnselen, ze zou pas over een paar maanden 17 zijn, dan zou ze pas ervoor mogen leren. Ze zag hoge kille muren, ze voelde zich verdrietig. Ze wist al gauw waar ze waren. Azkaban. Ze was Severus erg dankbaar ze zou nu haar broer weer zien. Maar ze was bang. Er verscheen een dementor. Hij stak een rotte hand vanonder zijn gewaad -of iets wat erop moest lijken- uit. Hij gebaarde dat ze hem moesten volgen. Dementors waren erg onbetrouwbaar dus had Severus zijn toverstok in de aanslag. Klaar om een patronus op te roepen als het nodig was. Hij drukte Christina voor de zekerheid dicht tegen zich aan. Voor het geval de dementor zich aan haar wou vergrijpen. Christina was door alles wat er gebeurt was nog zwak. Ze zou zo weer op de ziekenzaal kunnen belanden als de dementor ook maar een klein beetje wat deed. Severus wist dat een dementor kon voelen als iemand zwak was, en daar zouden ze als het even kon maar al te graag gebruik van maken. De dementor bracht hun naar een kamertje, waar een geboeide man aan een tafel zat. Zijn half lange bruine haar hing voor zijn ogen, zijn blik op de tafel gericht. Zijn haar zat vol klitten. Christina rende meteen op de man af en vloog hem om de hals. Verbaast keek de man op, hij had verwacht dat dit weer een verhoring zou zijn, en niet zijn kleine zusje.
De dementor vertrok en deed de deur dicht. Hij ging voor de deur opwacht staan. Severus bleef een beetje ongemakkelijk bij de deur staan hij wist niet goed wat hij moest doen, of wat voor houding hij moest hebben.
“Christina!”riep Sirius verbaast. “Wat doe jij nou hier?”vroeg hij, hij was blij haar te zien. Maar niet blij dat hij haar zo moest zien, en hier in deze ellende moest komen.
“Jou bezoeken natuurlijk, wat anders?”vroeg Christina.
Sirius glimlachte even wrang, ze sprak nog altijd als voor heen. Bezorgt keek Sirius naar haar armen en gezicht. Er waren nog steeds sporen van brandwonden te zien.
“Wat is er gebeurt!? “Vroeg hij meteen bezorgt.
“ongeveer twee weken geleden is er een brand geweest op Zweinstein….ik zat erin vast en was bijna dood…”zei ze toen, ze besloot het hem maar eerlijk te vertellen. “Maar Severus Sneep heeft me gered.”zei ze en ze gebaarde naar de deur waar Severus verscholen stond in het duister. Severus die blij was geweest dat Sirius hem nog niet had gezien keek even niet blij toen Christina naar hem wees. Nu moest Sirius hem wel hebben gezien.
“Met gevaar voor eigen leven.”voegde ze er nog aan toe.
Sirius keek boos richting Severus.
“Wat doet hij hier.”vroeg hij toen meteen boos. Zijn zusje wist toch dat hij Severus het meest verachte van iedereen?
“Hij heeft geregeld dat ik naar jou toe mocht.”zei ze meteen. “En zonder hem was ik nu dood geweest…je zou dankbaar moeten zijn.”zei Christina toen.
Een glimlach krulde even om Severus zijn lippen toen Christina dat zei.
Sirius gromde wat op een manier hoe alleen Sirius het kon. Hij besloot maar te doen alsof Severus er niet was. Dat was voor Severus en Christina het teken dat Sirius, Christina gelijk gaf.
“Gaat het nu weer goed met je?”Vroeg Sirius toen maar. Hij keek haar bezorgt aan. Hij had niet verwacht dat er zo iets was gebeurt. Christina knikte.
“Remus is op Zweinstein geweest, vanaf het gebeurde. Ik denk dat nu ik beter ben hij wel weer weggaat.”Zei Christina rustig. Sirius knikte en glimlachte. Remus geloofde dat Sirius verantwoordelijk was voor de dood van hun vrienden en nog had Remus gedaan wat Sirius smeekte te doen. Op Christina te letten.
“Ik ben blij dat hij een beetje op je let.”Zei Sirius toen. “Chris je wee toch dat ik Lily en James niet verraden heb?”vroeg hij toen, hij had geen tijd gehad dit met zijn zusje te bespreken, omdat hij die avond nog opgepakt was. Ze hadden Christina niet bij hem gelaten. Zelfs niet toen hij nog niet naar Azkaban was gebracht.
“Ik weet dat je dat nooit zou doen.”Zei Christina meteen. Severus luisterde in stilte mee, hij was ervan overtuigd dat Sirius had gedaan, maar zei niets. Hij wilde geen ruzie met Christina erom, of haar van streek maken. Nee, daarom had hij haar niet hierheen gebracht, maar om weer een beetje blij te worden doordat ze Sirius weer even had gesproken.
Sirius glimlachte, hij was blij dat tenminste nog iemand hem geloofde.
“Hoe gaat het op school?”vroeg Sirius.
“Goed, erg goed, heb veel gemist, maar Minerva heeft al een planning voor me gemaakt hoe ik weer bij kan komen.”Christina zei meestal over professor Anderling, Minerva als ze in privé waren. Christina had nooit haar echte grootmoeder gekend. Die was al overleden toen haar moeder nog jong was. Dus had Minerva zo beetje de rol van oma vervuld.
“Hoe gaat het met jou hier? Red je je een beetje? Je ziet er niet uit.”
Sirius keek alsof ze iets verschrikkelijks gezegd had.
“Wie ziet er niet uit? Ik? Nee dat kan niet! Ik zie er toch altijd goed uit.”grijnsde Sirius.
“Met je arrogantie is niets mis he?”Grijnsde Christina, zo reageerde Sirius altijd op dit soort dingen. Ze was blij dat hij een beetje zo reageerde.
“Het is zwaar en moeilijk, maar ik red me. Mij krijgen ze niet klein!”Zei Sirius vast beraden. Zijn rechtszaak zat eraan te komen. Sirius wist maar al te goed dat het er niet rozen kleurig voor hem uitzag. Dat de kans groot was dat hij voor de rest van ze leven in Azkaban moest blijven. Hij was ergens toch wel zenuwachtig.
“Christina.”Zei Severus opeens. “Ik heb samen met professor Perkamentus geregeld, dat je bij de rechtszaak aanwezig mag zijn, en één keer paar maand onderbegeleiding van mij of professor Perkamentus op bezoek mag komen hier. Mits Zwarts daarmee akkoord gaat.”en hij gebaarde oneerbiedig naar Sirius alsof het een voorwerp was waar ze het over hadden.
“Echt?”Riep Christina dolblij, ze vroeg zich af hoe hij dat geregeld had.
Sirius keek bedenkelijk wilde hij wel dat Christina hier maandelijks aan bloot gesteld werd of niet? Aan de andere kant of Perkamentus was erbij of Sneep. Hij zuchten, hij zag hoe blij Christina ermee was en besloot toen maar in te stemmen. Het zou hem ook helpen om niet volledig door te draaien als hij haar maandelijks kon zien.
“ik vind het goed.”Zei Sirius toen.
Sneep knikte.
“Dan geef ik het door aan Perkamentus.”zei Severus. Hij besloot weer stil te zijn.
Christina en Sirius waren aan het bij praten toen een dementor binnen kwam ten teken dat het tijd was te vertrekken. Christina knuffelde Sirius stevig.
“Hou je sterk broer, je komt hier wel uit. Ik weet dat je onschuldig bent.”zei Christina toen. Ze pakte haar mantel van de stoel en deed hem weer aan. Ze drukte nog een kus op Sirius zijn wang.
“Doe jij ook maar voorzichtig en rustig aan.”zei Sirius toen, hij voelde zich stukke beter nu zijn zusje was langs geweest, maar vond het zwaar dat ze weer moest vertrekken.
Christina beet op haar lip om niet in huilen uit te barsten, ze vond het vreselijk Sirius weer achter te moeten laten, en weer een maand zonder hem te moeten zitten. Severus legde een hand op haar schouder toen hij zag hoe moeilijk ze het had. Sirius voelde een steek van woede toen Severus dat deed, maar zag hoe moeilijk Christina het had, en besloot niets te zeggen. Hij liet zich weer door de dementor mee terug nemen naar zijn cel. De blijdschap die Sirius had gevoeld toen hij Christina zag was weer volledig verdwenen.
Christina en Severus liepen naar de uitgang van Azkaban om terug te gaan naar Zweinstein.
Remus en Melian liepen samen hand in hand door het park. Ze hadden niet eens goed door wat ze precies deden. Het enige wat ze door hadden was dat het goed voelde.
“Was het vandaag dat Severus, Christina mee nam naar Azkaban?”Vroeg Remus haar. Melian knikte. “Ja, dat was vandaag dat hij dat zou doen.”Zei ze toen. “Hopelijk vind ze het een beetje fijn om Sirius weer te zien, ze mist hem echt.”Zei Melian toen. Remus knikte en wist dat maar al te goed. Hij keek haar even aan. Ze stonden bij een erg mooie vijver, de eendjes zwommen vrolijk en kwaakte. Hij keek naar haar mooie ogen en glimlachte eventjes een beetje verlegen. Hij zag dat er een zwarte haarlok voor haar ogen was gezakt. Zacht en teder streek hij die weg. Een warm gevoel ging door Melian heen, de plek waar Remus haar had aangeraakt tintelde. Ze voelde hoe haar adem stokte toen Remus iets dichterbij kwam met zijn gezicht. Haar hart leek uit haar borst te kloppen. Zachtjes voelde ze hoe zijn lippen de haren raakte. Al snel waren ze verstrengelt in een gepassioneerde kus. Remus voelde zich geweldig. Na een aantal minuten verbraken ze de zoen. Melian besefte wat ze gedaan hadden, ze voelde zich vreemd en wist niet goed wat ze moest doen, en of ze Severus nu wel of niet verraden had. Kon ze Severus dit wel maken? Dacht ze bij zichzelf. “I-ik moet gaan.”zei Melian vlug. “Ben vergeten op school dat ik een een afspraak had.”verzon ze snel.”met een leraar.”Voor Remus iets kon zeggen was ze gaan, en liet ze Remus ontdaan achter.
Melian vond het zielig voor Remus, maar ze moest eerst goed nadenken over alles en of dit echt wel precies was wat ze wilde.

Christina voelde dat ze niet langer haar tranen in kon houden toen ze weer de hal van Zweinstein betreden en zonder dat ze het wilde stroomde de tranen over haar wangen. Ze vond het vreselijk haar broer daar te moeten laten, maar ze wist ook dat het niet anders was. Dat ze er niets aan kon doen. Ze kon alleen hopen dat hij vrij zou worden gesproken. Meer kon ze niet doen, hoe moeilijk en vreselijk ze het ook vond. Christina was zo overmand van verdriet dat ze niet door had dat ze werd aangestaard door van alles en iedereen. Iedereen keek Severus bestraffend aan alsof hij de dader was. Severus was zich bewust van de blikken en besloot dat het beter was als ze naar zijn kantoor of iets zouden gaan. Als ze hier maar weg gingen.
“Nog één zo blik hazelaar en je kan nablijven!”riep Severus streng naar een jonge die maar bleef staren. Snel zetten hij het op een loopje.
“kom Chris, dan gaan we naar mijn kantoor. Dan kan je wat drinken, even rustig zitten en bijkomen.”Zei hij vriendelijk.
Christina knikte, niet instaat om te spreken.

Rustig liepen ze samen de stenen trappen af op weg naar de kerkers. Veel mensen vonden het daar altijd eng, maar Christina maakte het niets uit. Ze wist niet precies waar zijn kantoor was omdat ze er nog nooit was geweest. Tot nu toe was Severus alleen maar naar haar toegekomen op de ziekenzaal. Severus keek haar eventjes bezorgt aan. Madame Pleister had nog gezegd dat ze zich niet te druk mocht maken. Hij hoopte maar dat dit niet te druk was.
Na een minuut of tien waren ze aangekomen bij zijn kantoor. Hij opende een zwarte eiken houten deur. Christina keek verbaast rond er stonden op planken allemaal potten met dieren op sterk water of insecten, ze vroeg zich af waarom hij dat had. Ze zag twee mooie zwarte leren antieke stoelen staan. Ze naam plaats op de stoel voor het bureau, ze nam aan dat Severus achter
het bureau wou zitten en het niet erg vond als ze ging zitten.
Severus liep naar een kleine ketel toe en deed er water in. Met zijn stok stak hij het vuur aan en zetten de ketel erop voor thee. “Wees maar gerust hoor in die ketel worden geen brouwsels gemaakt.”zei hij in een poging haar aan het lachen te maken. Christina glimlachte wrang.
“Dank je dat je dit voor me hebt geregeld, ik vind het echt heel lief van je, en ik ben er echt heel erg blij mee.”Zei ze toen gemeend. Ze streek haar haren even achter haar horen, en droogde haar ogen.
“Graag gedaan, ik weet hoe belangrijk je broer voor je is. Als Melian daar zou zitten zou ik ook erg blij zijn als iemand voor me zou regelen dat ik naar haar toe kon.”Zei hij gemeend. Hij pakte de stoel en zette die naast haar.
“Hoe voel je je?”Vroeg hij lichtelijk bezorgt. Al wilde Severus het niet toe geven hij was op de een of andere manier toch wel gehecht aan Christina geraakt.
“Moe, heel erg moe.”zei ze toen eerlijk tegen hem.
“Hiernaast is mijn kamer, ga anders even daar op bed liggen en slapen. Ik ben gewoon hier. Ik heb nog een hoop nakijk werk. Dan hoef je niet hellemaal naar de andere kant van het kasteel om even te gaan liggen.”bood Severus haar aan.
Christina keek even verbaast en dacht na, misschien was het wel verstandig ze had geen idee hoe ze het zou halen naar de andere kant van het kasteel zo erg moe was ze.
“Graag, maar mag ik eerst wel thee?”Vroeg ze poeslief aan Severus.
Severus lachte.
“Worden we brutaal juffrouw Zwarts? Anders moet u nablijven hoor!” zei Severus nep dreigend.
“O nee toch!”riep Christina die deed alsof ze niet snapte dat het een grapje was.
“Ja, ja, en dan mag je ketels schrobben hoor met een tandenborstel!”riep Severus tegen haar zogenaamd erg boos. Hij was al lang blij dat ze weer kon lachen even keken ze elkaar aan en barste ze in lachen uit. Christina vroeg zich af toen ze uit gelachen waren, waarom die tegen andere zó kil was maar tegen haar en Melian zo losjes. Misschien had hij wel veel ellende te verwerken gehad dacht Christina toen. Severus merkte dat de thee klaar was en schonk het in twee bekers in. Eén gaf hij aan Christina en één nam hij zelf. “Je hoeft er geen suiker aan toe te voegen, de thee maakt zich net zo zoet uit zichzelf als de drinker wilt.”Zei Severus toen.
Christina knikte, en blies, ze nam een slokje en merkte dat Severus gelijk had.
“Severus…dank je voor alles wat je voor me doet. Ik vind het echt super fijn.”glimlachte ze naar hem. Severus knikte, hij had soms moeite met zijn emtoie’s te tonen en wist niet goed hoe hij hier op moest reageren. Dat wist Christina maar al te goed, daarom vond ze het ook niet erg. Ze gaapte eventjes.
“Dan ga ik maar liggen.”Zei Christina. Severus knikte en opende voor haar de deur. Christina ging de kamer in en sloot de deur.
Terug naar boven Go down
http://thunderstruckfandoms.bestforumpro.com
Christina Black-Snape
The Queen
The Queen
avatar

Aantal berichten : 676
Registratiedatum : 03-06-15
Leeftijd : 24
Woonplaats : Zweinstein

Karakter kaart
Fandoms: Christina Black-Snape
Favorite Actor/Actress:

BerichtOnderwerp: Re: Lost and damned (Harry Potter)   di jun 09, 2015 10:58 pm

Hoofdstuk 5: Keuzes
Christina opende langzaam haar ogen, ze had geen idee hoe laat het was. Ook was Christina even vergeten waar ze was, maar na een aantal keer met haar ogen te knipperen en even wakker te worden. Begon het Christina al gauw te dagen. Ze was op het bed van Severus gaan liggen. Voorzichtig ging ze overeind zitten en zetten haar voeten op de grond. Het was erg donker in de kamer, dus pakte Christina haar toverstok van het nachtkastje om wat kaarzen aan te steken. Als het al zo donker was moest het wel erg laat zijn realiseerde Christina zich. Toen Christina eindelijk wat kaarzen aan had gestoken en weer wat kon zien keek ze de kamer eens goed door. Het was wel erg duidelijk dat Severus niets anders deed dan slapen in zijn kamer want er waren amper meubels of spullen te zien. Er stond dan ook alleen een tweepersoons bed, een nachtkastje met een foto van hem en Melian erop en een kast waarvan Christina dacht dat er kleding in zat. Ook zag ze nog een deur die haar eerder niet was opgevallen, nieuwsgierig keek Christina stiekem door het sleutel gat van de deur en zag toen een simpele badkamer Christina haalde haar schouders op en nam aan dat Severus meer in zijn kantoor leefden dan in zijn kamer. Voorzichtig liep ze naar de deur toe die naar Severus zijn kantoor lijden. Rustig deed ze de deur open en door wat ze daar aantrof wist ze wel zeker dat het al laat was. Ze glimlachte bij de aanblik van Severus die boven op een boek vredig lag te slapen. Christina wilde Severus niet wakker maken, maar ze was bang dat hij het koud zou hebben. Voorzichtig pakte ze zijn mantel van de kapstok en sloeg die zo voorzichtig mogelijk om hem heen. Christina glimlachte even toen ze keek naar hoe Severus sliep en ze hoopte maar dat ze hem niet wakker had gemaakt, maar opeens zonder waarschuwing schoot Severus overeind en drukte haar tegen de muur aan met zijn hand om haar keel hij keek geschrokken en verward uit zijn ogen, alsof hij verwachtten dat er iets heel ergs zou gebeuren. "Severus! Ik ben het! Christina! Laat me los ik stik!"Zei Christina met gedempte stem doordat ze geen lucht kreeg. Severus leek weer bij zinnen te komen en liet haar geschokt los en hij keerde haar de rug toe. Hoe had hij dit kunnen doen? Hij had een leerling zomaar aangevallen...als Perkamentus dit hoorden kon hij gelijk vertrekken. Het was niet zijn bedoeling geweest, maar dat was geen excuus. Severus schraapte zijn keel. "Het spijt me, het is beter als je gaat mevrouw Zwarts."Zei Severus kil en afstandelijk. De Severus die Christina meestal zag was nergens te bekennen. "Severus, wat is er?"Vroeg ze bezorgt aan hem. "Het is professor Sneep voor jou, mevrouw Zwarts, ik ben jou leraar en dat moet je niet gaan verwarren."zei Severus afstandelijk en hij keek haar kil aan, alsof hij haar gedachten kon lezen maar ook of hij zich ergens voor afsloot. "Maar Se-" begon Christina, maar Severus onderbrak haar "Het is al veel te laat en u moet terug naar uw kamer." "Severus ik wil dat je me verteld wat er aan de hand is...de afgelopen twee weken sinds je me hebt gered noem ik je al Severus buiten de lessen om en nooit heb je er wat van gezegd. Wat is er gebeurt wat heb ik verkeerd gedaan?" De tranen branden in haar ogen "Het is beter om nu te gaan mevrouw Zwarts of wilt u dat ik 50 punten van Griffoendor aftrek?"Zei Severus zo dreigend dat Christina bang begon te worden. De tranen sprongen in haar ogen, ze pakte snel haar mantel van de stoel en liep weg, ze moest terug naar haar kamer, want na vandaag hoefde ze niet meer terug naar de ziekenzaal. Al het verdriet dat ze vandaag had gevoeld kwam weer naar boven, maar nu was ze nog verdrietiger ze snapte gewoon niet wat ze had misdaan, waarom Severus opeens zo erg was omgeslagen. Het liefste wilde Christina nu naar Melian gaan maar gezien de tijd lag Melian vast wel te slapen. Christina merkte dat ze niet kon stoppen met huilen, zo kon ze de slaapzaal niet in dan zou ze alleen maar de rest wakker maken. Christina liet zich vallen op een stoel in de leerlingenkamer ze trok haar benen omhoog, sloeg haar armen over elkaar op haar benen en begroef daarin haar gezicht. Ze probeerde te stoppen met huilen, maar het wilde maar niet lukken, ze voelde zich bang, bang dat ze Severus voor altijd als vriend zou kwijt raken.

Toen Christina weg was sloeg Severus met zijn vuisten keihard tegen de muur, hij had zojuist een van de weinige personen die hij had waarschijnlijk voor goed uit zijn leven geband. En niet omdat hij het wou, maar omdat hij haar niet kon vertellen wat er aan de hand was. Niemand behalve Melian wist dit en niemand zou dat ook ooit weten als het aan hem lag. Severus keek naar zijn handen en zag dat hij zijn knokkels open had geschaafd aan de muur. Severus kon zichzelf eigenlijk wel voor zijn kop slaan. Hij had net zo goed wat anders kunnen vertellen. Hij had haar in ieder geval niet op zo een brute manier hoeven wegsturen, maar zo als zo vaak zaten zijn emoties hem in de weg en wilde hij zo min mogelijk van zichzelf bloot geven. Hij bedacht zich dat er waarschijnlijk niets meer aan te doen viel, behalve het aan Christina te vertellen maar dat kon niet, dat was geen optie. Hij besloot dat hij maar beter naar bed kon gaan, en proberen om Christina als vriendin gewoon maar te vergeten. Het kon ook hellemaal niet dat hij als leraar bevriend zou zijn met een leerling. Wat dacht hij wel niet? Severus liep vanuit zijn kantoor naar zijn slaapkamer, trok daar een grijs nachthemd aan en liep naar de badkamer. Waar hij het bloed van zijn handen wasten. Severus bekeek zichzelf in de spiegel en kwam weer tot de conclusie hoe erg hij zichzelf eigenlijk wel niet haatten. Het enige wat hij deed was de mensen waar hij om gaf kapot maken. Lily was ook door zijn schuld dood, en door zijn schuld was een kind nu wees. Severus voelde zichzelf erg rot toen hij nadacht over alles wat hij had gedaan. Hij ging in bed liggen waar hij nog een paar uur wakker lag en nadacht over al het slechts wat hij had gedaan en wat er allemaal voor slechts gebeurt was door zijn schuld…
De volgende ochtend lag Christina in haar eigen bed op de slaapzaal van Griffoendor. Ze had de helle nacht niet meer geslapen sinds de ‘ruzie’ met Severus, of wat het dan ook was. Christina snapte nog steeds niet wat er nou gebeurt was en waarom hij opeens zo boos op haar geworden was. Opeens voelde Christina een hand op haar schouder, ze schrok. “Sorry Chris, ik wilde je niet laten schrikken maar het is tijd om op te staan.”hoorde ze Melian zeggen. Christina knikte afwezig en kwam overeind. “Je ziet eruit alsof je rechtstreeks uit de hel komt Chris.”Merkte Melian droogjes op. “En bedankt voor het compliment Melian, het is nou niet bepaald regenbogen en zonneschijn als je net uit bed komt.”Mompelde ze geïrriteerd terug. Christina had duidelijk een ochtend humeur. “Zooo….iemand heeft een ochtend humeur hierzo..” Melian zag de dodelijke blik in Christina haar ogen en besloot maar gewoon even niets meer te zeggen en Christina gewoon even te laten gaan soms was dat met Christina maar het beste of ze was instaat om je nog net niet letterlijk op te eten. Niets gevaarlijker dan een Zwarts met een ochtend humeur. Rustig maakte Melian zich klaar voor het ontbijt en de lessen, soms keek ze naar Christina of alles wel goed ging maar die was zich gewoon aan het aankleden. Melian ging er maar vanuit dat ze gewoon slecht geslapen had ofsow, ondertussen dacht ze aan Remus. Elke keer als ze aan hem dacht voelde ze hoe haar hart een sprongetje maakte en een kriebel in haar maag. Ze wist nog steeds niet wat ze nou moest doen. Hij had haar gekust dus dan moest hij haar toch leuk vinden?! Melian had dringend raad nodig. Aan Christina had ze momenteel vrij weinig, maar aan Severus kon ze het ook niet vragen die zou toch alleen maar zeggen dat ze zo ver mogelijk van Remus vandaan moest blijven omdat Severus hem haatte. Melian voelde zich erg schuldig dat ze Remus zomaar had achtergelaten, maar ze had gewoon echt nog even tijd nodig om te bedenken wat ze nou moest doen, of ze Remus nou echt, echt, écht leuk vond of dat het maar een bevlieging zou zijn. Ze besloot Christina later wel om raad te vragen als ze wat vrolijker was, precies toen ze dit dacht keek ze Christina even aan en bij het zien van haar verdrietige gezicht wist Melian dat dat nog wel even kon duren misschien moest ze in de tussen tijd Remus toch maar even iets laten horen. “Kom je Chris? we missen het ontbijt nog.” Besloot Melian, Christina toch maar even te herinneren toen ze zag hoe erg ze liep te treuzelen. “Ik ben al klaar.”zei Christina verdrietig. Melian keek even verbaast ze had weer een snauw verwacht, niet dat Chris verdrietig zou klinken. Melian besloot maar niet te vragen als Christina erover wou praten zou ze dat zelf wel doen in plaats daarvan klopte Melian even troostend op haar schouder en liepen ze samen naar het ontbijt.
Severus zat rustig zijn ontbijt te eten in de grote zaal. Nog steeds piekerend over het gebeuren met Christina, hij snapte maar niet waarom het hem zo bezig hield wat er gebeurt was vannacht en waarom hij zich er zo rot over bleef voelen dat hij Christina had weg gestuurd. Hij nam een slok van zijn koffie, een net iets te grote slok waardoor hij zich verslikte en koffie op zijn gewaad knoeide. Severus kon zich er nog net van weerhouden om niet te gaan vloeken. great day dacht Severus bij zichzelf. Hij had een serieus slaap te kort, had koffie over zichzelf geknoeid waardoor hij zich weer moest gaan verkleden voor de les, bleef zich maar rot voelen over wat er met Christina was gebeurt en tot overmaat van ramp moest hij ook nog eens de dag beginnen met twee les uren aan Christina.
Melian en Christina gingen naast elkaar aan de tafel van Griffoendor zitten. Tot Melian’s verbazing verscheen er opeens een briefje op haar bord, ze vroeg zich af van wie die kan. Snel vouwden ze het briefje open en las wat erop stond geschreven, haar hart sloeg weer een slag over toen ze zag van wie het briefje kwam.
Beste Melian,
Ik denk dat we na gisteren wel het een en ander te bespreken hebben, als je me tenminste nog wilt spreken. Daarom wacht ik in de drie bezemstelen tot 11:00 uur op je. Ik hoop dat ik je zie voor die tijd, anders ga ik ervan uit dat je me helaas niet meer wilt spreken en dat zou ik erg betreuren.

Groetjes Remus.

Tuurlijk wil ik je nog spreken! Dacht Melian verontwaardigt bij zichzelf. Ze was ervan bewust dat Remus dat natuurlijk niet kon horen maar goed. SHIT! Ik heb dan gewoon les! Najah pech gehad dit gaat voor! Melian realiseerde zich alleen niet dat de eerste les van haar broer was en hij zou zeker tot op de bodem gaan uitzoeken waar ze was. “Chris, ik moet even weg. Ik beloof dat ik je later alles vertel!” zei Melian tegen Christina en voor Christina kon antwoordden renden Melian al weg. Op naar zweinsveld! Het kon haar niet schelen wat voor straf ze hiervoor zou krijgen maar ze wist zeker dat het het waard zou zijn. Zonder dat Melian het echt besefte had ze haar keuze al gemaakt. Ze was verliefd op Remus Lupos en dat zou ze hem gaan vertellen ook! Melian had een grijns op haar gezicht die ze er niet meer afkreeg. Ze voelde hoe haar hart als een gek van de opwinding tekeer ging.

Christina keek geschrokken op, ze wou reageren op wat Melian zei maar die was al weg voor ze de kans had. Christina zuchtte nu moest ze alleen veder ontbijten en naar haar eerste les. Welke les had ze eigenlijk vroeg ze zichzelf af. Ze keek op haar rooster ze voelde hoe haar maag zich van binnen omdraaiden. Haar eerste les was natuurlijk weer toverdranken, ze moest natuurlijk de dag beginnen met de leraar waarmee ze ‘ruzie’ of wat het dan ook was had. Kan deze dag nog beter? Nu had Christina hellemaal geen honger meer ze besloot het ontbijt gewoon maar over te slaan, pakte haar spullen en ging op weg naar de kerkers. Daar aangekomen keek ze op haar horloge, ze gromde. Ze was bijna een uur te vroeg. Het zat ook allemaal niet mee vandaag. Christina liet zich langs de muur naar de grond zakken, ze kon beter even gaan zitten als ze nog een uur moest wachten, droevig keek ze voor zich uit. Ze bleef zich maar afvragen wat er gisteren nou precies gebeurt was tussen haar en Severus waarom was hij nou zo boos? Ze kon het maar niet los laten.

Severus ging vast terug naar de kerkers om een schoon gewaad aan te trekken. Hij merkte dat hij steeds chagrijniger werd. Toen hij de trappen van de kerkers afliep struikelde hij bijna over iets of iemand. Wat zijn humeur er absoluut niet beter op maakte. Hij keek om en zag dat het een leerling was. “Ik weet dat de jeugd van tegenwoordig het een en ander aan hersens ontbreekt maar is het zo moeilijk te bedenken dat je niet onderaan de trap waar mensen op en af moeten lopen moet gaan zitten dom kind?”Vroeg Severus kil, woedend draaiden hij zich om. Toen had hij spijt van zijn woordkeuze. Het was Christina geweest waarover hij struikelde. Severus werd een beetje bang van hoe dodelijk Christina hem aan keek maar dat liet hij niet merken.

Auw! dacht Christina toen ze een schop tegen haar rug voelde. Ze merkte hoe iemand bijna over haar struikelde toen ze opkeek zag ze meteen dat het Severus was. Ze hoorde wat hij tegen haar zei en het voelde alsof hij haar zojuist neerstak met een mes. De tranen sprongen in haar ogen. Tot gister avond waren ze nog vrienden geweest, gister nacht kregen ze de ‘ruzie’ en nu deed hij al zo tegen haar. “Misschien moet u gewoon uitkijken waar u loopt professor Sneep!”Riep Christina vel terug, de laatste twee woorden sprak ze spottent uit. “En als ik toch al zo dom volgens u ben kan ik net zo goed u les overslaan.” Voegde ze er dodelijk aan toe na dit gezegd te hebben pakte ze haar tas op en maakte ze aanstalten om te gaan.
“Als u dat doet mevrouw Zwarts ben ik genoodzaakt aan professor Anderling uw afdelingshoofd te vertellen dat u spijbelt, punten van uw afdeling te halen en uw strafwerk op te geven.” Antwoordden Severus kil, hij wilde niet zo tegen haar doen, maar een grootte mond dulden hij niet van geen enkele leerling en spijbelen ook niet. Christina moest niet gaan denken dat zij als Griffoendor leerling hierin een voorkeurspositie genoot. Die hadden alleen de zwadderaars. “Ga u gang.”Snauwde Christina tegen hem en voor hij nog wat kon zeggen renden ze weg.

Severus bleef verbouwereerd achter hij had niet verwacht dat ze er echt vandoor zou gaan. Geweldig, deze dag word steeds beter! Dacht hij, grommend liep hij weg naar zijn kamer om daar een schoon gewaad aan te trekken. Later zou hij wel bedenken wat hij hiermee moest doen en of hij echt zijn dreigement wel zou uitvoeren. Sneep snapte er niks meer van waarom twijfelde hij opeens aan alles. Normaal zou het hem meer dan duidelijk zijn geweest wat hij nu moest doen. Piekerend liep hij zijn kantoor binnen en kon de gedachte maar niet loslaten.

Melian was aangekomen bij de drie bezemstelen, waar ze Remus aan een tafel zag zitten hij was de ochtendprofeet aan het lezen. Ze voelde haar hart weer een slagje overslaan. Remus zat onder de littekens in zijn gezicht. Ze wist van haar broer dat hij een weerwolf was. De littekens waren niet lelijk, ze vond het juist erg aantrekkelijk. Melian voelde hoe haar handen begonnen te zweten van de zenuwen ze was toch ergens wel bang voor wat Remus ging zeggen. Rustig liep ze naar de tafel waar hij zat te lezen. “Heey”Zei Melian zwakjes. Remus glimlachte en ergens leek hij opgelucht dat ze was gekomen. “Heey, ga zitten.”zei hij vriendelijk. “Wil je wat drinken?” Melian schudde haar hoofd ze was veel te zenuwachtig om wat te drinken rustig ging ze zitten en wachtte ze af wat hij tegen haar ging zeggen. “Melian het spijt me van gisteren ik had je nooit mogen zoenen.”zei Remus hij liep rood aan. Melian schrok dit had ze niet verwacht, ze had een liefdesverklaring verwacht! Geen verontschuldiging! Ze wilde al in protest gaan maar Remus hief zijn hand op ten teken dat hij nog wat wou zeggen. “Ik vind je leuk Melian, écht leuk als je snapt wat ik bedoel. Maar het kan niks worden, je broer heeft je vast wel ooit over mijn ehm…probleempje vertelt neem ik aan? “vroeg Remus. Melian zuchtte opgelucht, ze snapte al waar dit heen ging Remus wou niets met haar omdat hij zichzelf als weerwolf te min vond. Nou Melian zou hem wel eens even goed van die gedachte af brengen. “Remus..”begon Melian een beetje verlegen. “Ja, ik ben op de hoogte en mij maakt het niets uit dat je dat hebt dat hoort gewoon bij je dat is gewoon wie je bent en ik kan daar mee leven, we vinden onze weg daar wel in. Ik vind je ook écht leuk Remus en ik laat dat niet verpesten door een probleempje. “zei ze lief, maar toch ook nog steeds verlegen ze schrok er zelfs van dat ze dit durfden te zeggen. Ze werd rood en keek meteen naar de grond. Remus glimlachte hij had dit antwoord eerlijk gezegd niet verwacht. Verliefd keek hij haar aan, misschien moesten ze het inderdaad gewoon maar proberen, wie weet kon dit echt lukken. Remus boog vragend voorover om Melian te kussen hij wachten af tot ze naar hem toe kwam. Melian voelde weer hoe haar hart een slagje oversloeg toen Remus naar haar toe boog, het was duidelijk wat zijn antwoord was. Ze onderdrukte een gilletje van blijdschap en boog ook voorover ze kuste hem gepassioneerd op de lippen en voelde hoe hij haar terug kusten. Melian was zo blij dat ze als ze nu niet met Remus aan het zoenen was op de tafel ging staan dansen van blijdschap.
Terug naar boven Go down
http://thunderstruckfandoms.bestforumpro.com
Christina Black-Snape
The Queen
The Queen
avatar

Aantal berichten : 676
Registratiedatum : 03-06-15
Leeftijd : 24
Woonplaats : Zweinstein

Karakter kaart
Fandoms: Christina Black-Snape
Favorite Actor/Actress:

BerichtOnderwerp: Re: Lost and damned (Harry Potter)   di jun 09, 2015 11:23 pm

Hoofdstuk 6: Vreemde verlangens
Christina slaakte een zucht, wat moest ze nu gaan doen? Doordat ze boos weg gelopen was had ze nu de eerste twee uur ‘vrij’ nou eigenlijk had ze zichzelf vrij gegeven maar goed. Misschien maar even wat slaap inhalen. Murmelde Christina in zichzelf. Christina liep naar de slaapzaal, ze deed alleen haar gewaad en schoenen uit. De rest van haar kleding liet ze aan. Ze sloot haar ogen om te slapen, als snel was Christina weg in een diepe slaap.

Severus stond voor de klas, nog steeds woedend over Christina’s brutaliteit, maar ook nog steeds verbaast dat iemand zo tegen hem in durfden te gaan op die manier. De laatste persoon die dat zo had gedaan was Lily Evers –Severus weigerde te erkennen dat ze nu Lily Potter heette- en die was nu dood door zijn schuld. Waar Severus zichzelf nog steeds elke dag om haatte. Snel verbranden Severus die gedachten uit zijn hoofd, hij mocht niet meer aan haar denken. Conceal, don’t feel
Dacht Severus bij zichzelf. Lily was de eerste persoon waarop hij verliefd was geworden en nog steeds was en het zou ook de laatste persoon zijn waarvoor hij die gevoelens had. zwoer hij zichzelf. Het bracht andere niets anders dan ellende. Iedereen waarvan hij hield gebeurden altijd wel wat vreselijks. Hij keek de klas rond de laatste leerlingen waren nog net op tijd binnen gekomen.
“Goed pak allemaal jullie boek, bladzijde 110, volg het recept en maak het.” Klonk het kil door het lokaal. “Maar meneer! Dat is de drank van de levende dood, niemand van ons kan dat zonder hulp.” Riep een leerling bang. “Ik zie dat zeven jaar les aan Zweinstein niet aan u verspilt is mevrouw Steele” De stem van Severus droop bijna letterlijk van het sarcasme “Het is de bedoeling dat u dingen zelf leert te doen in mijn les en niet dat alles voor uw uitgekauwd word. Wie nu niet begint mag het lokaal verlaten en krijgt een Z” snel begonnen alle leerlingen aan de opdracht. Mevrouw Steele keek verbaast om zich heen. Dit was de eerste keer dat Sneep echt uitviel tegen een leerling en het idee kwam bij haar op dat professor Sneep niet zo makkelijk en aardig was als dat hij leek en dat ze misschien maar beter niet te veel problemen konden veroorzaken in de klas. Blijkbaar had de klas dit ook door want het was opeens dood en dood stil.
Toen Severus bezig was met op te schrijven welke leerlingen afwezig waren merkte hij op dat Melian er niet was. Severus vond dat maar vreemd, na de les zou hij wel uitzoeken waar ze was.

~~Droom Christina~~
Christina was bezig met strafregels schrijven, ze had haar huiswerk niet optijd ingeleverd dus kreeg ze strafwerk van professor Sneep. Daar had Christina echter niks op tegen ze vond het wel prima zo alleen met Severus Sneep in een lokaal. Vanuit haar ooghoeken hield ze elke beweging die hij maakte in de gaten, toen hij naar haar keek, keek ze snel weer naar haar strafwerk en begon haastig veder te schrijven. Christina's gezicht werd vuur rood. Zonder dat ze het door had was Sneep achter haar komen staan en boog zich over haar strafwerk heen. "U schiet niet erg op mevrouw Zwarts, misschien als u iets meer doorschrijft kunnen we voor het schooljaar eindigt hier nog weg." Het sarcasme droop van zijn stem af, waardoor Christina nóg roder werd dan ze al was. Ondanks haar rode wangen waagde Christina het toch om Sneep aan te kijken waardoor haar maag een salto maakte en Christina zich realiseerde hoe erg ze zich eigenlijk wel niet tot hem aangetrokken voelden. Tot haar genoegen bleef Sneep haar ook aankijken. Christina’s hart klopte zo hard dat ze het gevoel kreeg dat haar hart uit haar bost zou kloppen en vrolijk weg zou wandelen. Ze kon niet anders doen dan hem stom aan te blijven kijken alsof ze in een soort trans was. “Profe-“ begon Christina maar werd tot stilte gemaand toen Sneep zijn hand op de haren plaatste. Stokstijf bleef ze zitten niet wetend wat te doen of hoe te reageren, niet langer kon zij haar verlangen voor hem verbergen en boog ze zich met gesloten ogen voorover en raakte haar lippen de zijne. Tot haar genoegen voelde Christina hoe hij haar gepassioneerd terug kuste. Zonder hun kus te verbreken stonden ze op. Christina’s handen gingen over zijn lichaam langzaam maakte zij zijn gewaad los terwijl hij het haren uitdeed. Voordat ze het wist zat ze op zijn bureau en ging het verlangen als een warm vuur door hun lichaam.

Christina schrok op uit haar droom ze zat rechtop in bed, gechoqueerd over wat ze zojuist had gedroomd. ‘Oh nee!’ Dacht ze bij haar zelf. ‘Echt niet! ik ben absoluut niet verliefd op hem! Het was maar gewoon een rare droom! Meer niet’
Dwong ze zichzelf te geloven. Christina ging weer liggen en draaide zichzelf om, om weer in een droomloze slaap terug te vallen.

Aan het einde van de dag zat Christina in de leerlingenkamer ze was nog steeds chagrijnig van alles wat er gebeurt was die dag. Het was bijna tijd voor het avond eten en Christina besefte dat Melian nog steeds niet terug was. Ze vroeg zich af waar Melian in godsnaam gebleven was en of ze op tijd terug zou zijn voor het avond eten. Christina besloot nog 10 minuten te wachten en als Melian er dan nog niet zou zijn dan zou ze maar alleen gaan. Geïrriteerd keek Christina om zich heen waardoor geen enkele mede student het in zijn hoofd haalde ook maar één woord te zeggen. Het was algemeen bekend dat als Christina een pokken humeur had je haar maar beter met rust kon laten. Net toen ze wou opstaan om naar de grote zaal te gaan kwam Melian de leerlingenkamer binnen lopen.

“Zo! Daar ben je eindelijk!”Riep Christina boos. “Zo doe is even rustig, je hoeft niet gelijk zo bitchy te doen Chris! Ben je ongesteld ofsow?!” Riep Melian verontwaardigt ze wou Christina graag over haar en Remus vertellen, maar niet als ze zo deed. Christina werd rood. “Nee ik ben niet ongesteld!”Mompelde ze omdat Christina niet wou gaan schreeuwen. “Het komt door die geweldige broer van je! Die totaal niet zo aardig is als dat hij lijkt! Sirius had gewoon gelijk….” “Waag het niet! Waag het niet te zeggen dat Sirius gelijk had in wat hij míjn broer heeft aangedaan! Het was gemeen en slecht van Sirius omdat te doen! Hij heeft nooit het recht gehad, en Severus is geweldig! Hij gaat door het vuur voor de mensen van wie hij houd en heeft er alles voor over om die mensen te beschermen!” Schoot Melian gelijk in de verdediging. “Alleen zo jammer dat hij van niemand houd, hij is kil, egoïstisch, bitter, cynisch, hij is een lafaard en houd van niemand behalve zichzelf!” ging Christina veder, ze had meteen spijt van haar woorden en wist dat hier niets van waar was, maar ze zat zo erg in de knoop met haar gevoelens dat ze alleen nog maar aan de min punten van Sneep wou denken en niet aan de goede kanten. “Dat is niet waar! En dat weet je donders goed! Heb je je eigen broer wel eens gezien? Hij is zo zelfvoldaan als maar kan! En weet je wat? De grootse lafaard die er is! Is Sirius! Hij heeft zijn eigen vrienden, zijn beste vrienden nog wel verraden aan jeweetwel daarom zit hij nu in Azkaban, of ben je dat soms eventjes vergeten Christina?”Melian kreeg nu net zo een stekelige toon in haar stem als dat haar broer had wanneer hij écht boos werd. Je kon nu duidelijk zien dat de oh zo lieve Melian die geen vlieg kwaad leek te doen, toch echt wel het zusje van Severus Sneep was. Christina zei niets meer, de tranen sprongen in haar ogen, ze keek Melian vol ongeloof aan. Het ergste waarop ze Christina kon pakken had ze zojuist gedaan. Nooit had ze verwacht dat Melian dit tegen haar zou zeggen hoe erge ruzie ze ook zouden krijgen. Melian was nog altijd boos om wat Christina had gezegd, maar besefte ook dat ze te ver was gegaan toen ze zag dat het huilen Christina nader stond dan het lachen. “Chris het-.” Begon Melian, maar voordat ze haar zin kon afmaken was Christina al weg gerend. Melian bleef alleen achter met haar schuld gevoel.

Christina was weggerend voor ze echt in tranen was uitgebarst, dat geluk gunde ze Melian niet. Huilend zakte ze tegen de muur aan, ze was in een kamer waarvan ze wist dat de meeste leerlingen hem niet konden vinden. Overal stonden schilderijen op de grond, het was de ruimte waar de schilderijen waar geen ruimte meer voor was opgeslagen werden. -Tot grote verontwaardiging van de schilderijen zelf natuurlijk, dat ze hier maar in een kamer stonden in plaats van te hangen op een mooi plekje in het kasteel- Sirius was de enige familie die ze écht had en waar ze écht van had gehouden, nog altijd weigerde ze te geloven dat Sirius echt een moordenaar was, al wist ze diep van binnen niet meer wat ze nou moest geloven….

Melian was weer terug in de toren van Griffoendor, ze had net gegeten en gehoopt dat Christina inmiddels weer uit haar hol was gekropen –waar dat hol dan ook mocht zijn- maar helaas was dat niet het geval. Melian zuchtte even en wist niet zo goed wat ze nu moest doen, al snel bedacht ze om even langs te gaan bij Severus, misschien kon ze er dan achter komen waarom Christina in zo’n graf humeur was geweest. Stiekem wou ze ook gewoon graag haar broer eventjes zien.

Severus was bezig met een of ander experimenteel brouwsel te maken –iets wat hij vaker deed als hij gespannen was, wat hem hielp om weer helder na te denken- toen er onverwachts op de deur geklopt werd. Even overwoog Severus om net te doen of hij er niet was, ergens verwachten hij half om half dat het Christina zou zijn, en dat was nou precies iets waar hij momenteel geen zin in had, maar aan de andere kant wie weet was het zijn zusje. “Binnen!”Zei hij met een ijzige stem, toen Melian haar hoofd naar binnen stak verzachten zijn blik.
“Ben je ook al in zo’n goed humeur?”Vroeg Melian behoedzaam, ze stak nog steeds alleen maar haar hoofd om de deur heen, als hij ook al in zo’n rot humeur zou zijn, zou ze snel weg gaan. Één ruzie vond ze wel meer dan genoeg voor vandaag. “Wie heeft er nog meer een rot humeur dan?”Vroeg Severus ongeïnteresseerd terwijl hij veder ging met zijn drankje. Nog steeds op haar hoede stapte Melian het kantoor binnen. “Christina.”Antwoordde ze op een toon alsof het overduidelijk was geweest dat ze Christina bedoelde en Severus het gewoon had moeten ruiken. Severus maakte een geluid wat iets weg had van een grom en een zucht door elkaar en zei er veder niets op. “Jullie hebben dus ruzie gehad.”concludeerde Melian aan de hand van hoe Severus reageerde. “Ja, en ik ga je niet vertellen waarom.”Zei Severus gelijk. “Het word tijd dat ik haar als een leerling ga behandelen net als ik iedere leerling behandel.” Voegde hij er aan toe.
“Net zo als je mij als ieder ander behandelt?”vroeg Melian poeslief. “En net zo als dat je de Zwadderaars behandelt?” ging ze toen vrolijk veder.
“Dat is anders.”Zei Severus ijzig, die veder ging met de toverdrank te bestuderen, hij maakte aantekeningen en gooiden er boterbloemen bij, de drank begon onheilspellend te sissen en veranderde van rood naar gif groen. “hmhm.” Zei Melian met opgetrokken wenkbrauwen en geloofde er geen bal van dat dat anders was. “Oh jeeh, wat voor gif ben je aan het brouwen en wie ga je nu weer vermoorden.” Voegde ze er sarcastisch aan toe. “Niemand.”sneerde hij terug. “Weet je, volgens mij vind je haar gewoon leuk, en ben je daarom zo gepikeerd, normaal trek je je namelijk hellemaal niets aan van ruzie met mensen of als leerlingen je niet mogen.” Severus keek Melian aan alsof zij zojuist krankzinnig was geworden, en op een toon alsof hij tegen iemand sprak die in het gekkenhuis zat, zei hij: “Ik zeg dit maar één keer, en luister goed dan zal ik het je uitleggen. Ik zag Christina heel heel even als een vriendin tot ik weer bij me volle verstand kwam en besefte dat ze hellemaal geen vriendin van me is want ik ben haar leraar en zij is mijn leerling, laten we die verhouding veral zo houden en nee ik vind haar dus niet leuk!”
“Oke, als jij het zegt.”Zei Melian, stiekem was ze daar ook wel opgelucht om, dat Christina haar beste vriendin was betekende het niet gelijk dat ze ook wou dat Christina en Severus wat kregen. Dan zou ze haar broer en beste vriendin in één klap kwijt zijn en dat was niet de bedoeling. “En daarbij, een relatie met een leerling krijgen is wel het stomste wat je zo een beetje kan doen als je je baan hier wilt houden en volgens mij wil je dat wel.”voegde Melian daar nog aan toe. “Je meent het…goed gezien.” Voegde Severus er sarcastisch aan toe. “Maar goed, als je klaar bent met dit kruisverhoor Melian, hoe is het met je?”
Het was duidelijk dat Severus graag over wou gaan op een ander onderwerp, dus besloot Melian dat dat ook maar het beste was. Het onderwerp Christina was bij deze afgesloten. “Goed, erg goed.”Zei ze toen vrolijk, misschien wel iets te vrolijk. Ze wilde nog niet aan Severus vertellen dat ze zojuist met één van zijn grootste vijanden een relatie had, het leek haar verstandiger omdat pas later aan haar broer te vertellen als ze ook wat zekerder was van haar zaak en wat langer met Remus had en Severus niet al chagrijnig was.
“Waarom gaat het zo goed dan?” vroeg Severus, de argwaan klonk door in zijn stem. Hij boorde haar ogen in de haren. “Oh gewoon, zomaar.”Antwoordden Melian nonchalant die snel zijn blik ontweek, ze wist donders goed wat hij bij haar probeerde. “Ik ben gewoon ontzettend blij dat ik mijn grote broer eindelijk eens wat vaker zie.” Ze probeerde hem snel af te lijden van het echte antwoord, al zat er ook wel een kern van waarheid in. Melian was erg blij dat ze haar broer nu elke dag zag, al mocht hij wel een minder strenge leraar zijn die ook wat minder huiswerk gaf als het aan haar lag.
“Oké.” Antwoordden Severus toen maar droogjes, hij besloot het maar hierbij te laten hij kwam er nog wel achter wat ze bedoelde. “Je weet dat ik er niet van hou als je legitimensie op me gebruikt Severus…”zei ze toen streng tegen hem, ze klonk niet boos maar ze wou dat hij ermee ophield. Het was schending van haar privacy, hij hoefde niet álles van haar te weten. Severus keek op een zwarte klok die in zijn kantoor hing. “Je moet naar boven, de avond klok gaat bijna in en ik moet de ronde van vanavond lopen, en ik heb er niet bijster veel zin in om mijn eigen zusje strafwerk te gaan geven.”Zei hij toen zogenaamd streng. “Ach! Je doet toch aan voorkeursbehandelingen dus dat kan je dan bij mij ook wel doen.”Zei Melian toen poeslief. Severus schudde zijn hoofd en mompelde iets wat verdacht veel leuk op wat moet ik nou weer met jou aan…maar Melian besloot net te doen alsof ze dat niet had gehoord en keek hem alleen maar glimlachend aan. “Dan zie ik je morgen wel bij toverdranken Severus.”Zei ze toen. Ze drukte een kus op zijn wang en liep toen weg. “Slaap lekker.”Zei ze nog voor ze door de deur verdween. Severus zuchtte nog eens even diep, pakte zijn toverstaf op en begon aan zijn rondes door het kasteel.

Het terrein van Zweinstein werd verlicht door het felle herfstzonnetje, je hoorde zachtjes het gefluit van de vogels die langzaam aan allemaal wakker begonnen te worden. Dat geluid was hard genoeg voor Melian om wakker te worden. Snel wierp ze een blik op het bed van Christina, maar er was geen Christina te zien, haar bed leek onbeslapen. Melian zuchtte even diep, haalde haar schouders op en besloot zich maar even niet druk te maken om Christina. Het was daarvoor een veel te mooie dag!
Nog net niet huppelend kwam Melian haar bed uit, ze was zo blij dat ze wat met Remus had nu! En niets kon haar blijdschap daarover verpesten. Melian hoopte dat ze Remus weer snel zou zien. Al wist ze niet hellemaal hoe ze dat moest doen zonder dat haar broer erachter kwam, maar daar zou ze zich later wel druk om maken. Snel begon ze zich aan te kleden voor het ontbijt.

Christina zat aan de ontbijt tafel, ze had zoveel make-up op dat niemand kon zien dat haar ogen gezwollen waren van het huilen en dat ze niet geslapen had. Boos keek ze richting Severus die aan de leraren tafel zat te ontbijten. Als blikken konden doden zou hij overduidelijk dood zijn geweest. Ze besloot dat ze een grondige hekel aan hem moest krijgen al wist ze zelf natuurlijk ook wel dat dat niet zou gebeuren. Opeens voelde ze iemand op haar schouder tikken. “Veel strafwerk van Sneep gehad?”Vroeg een mannen stem die niet heel intelligent klonk. Christina draaide ze zich om en zag dat het Michael Kelso was, -de hunk van de school- “Nee, dat niet.”Antwoordde Christina droogjes. “Het is gewoon een eikel.” “haha goeie alleen hij groeit niet aan een boom.” Jep hunk van de school, maar duidelijk niet de hersens van de school dacht Christina bij zichzelf. Zijn hersens zaten duidelijk niet op een plek waar ze behoorde te zitten, maar ach Christina kon altijd wel lachen om hem. “Erhm ja..”antwoordde Christina toen maar ze wist veder niet wat ze erop moest zeggen.
“Zou je het leuk vinden om samen een keer naar Zweinsveld te gaan?”Vroeg Kelso haar toen. “Michael Kelso, vraag je me zojuist op een date?”Vroeg Christina hem toen plagerig. “Ja, natuurlijk! Waarom niet ik ben een knappe man en jij een knappe vrouw die horen elkaar te date.”Zei Kelso toen terug, duidelijk zelfvoldaan over zijn eigen geniale vaststelling.
Christina schudde haar hoofd even en moest er ergens wel om lachen, stiekem gleed haar blik naar Severus en haar droom kwam weer naar boven, snel en impulsief antwoordden ze toen: “Ja, ik wil dat het een date is!” normaal zou ze nooit met iemand als Kelso uit zijn gegaan, maar ze moest zichzelf ervan verzekeren dat ze niets voelde voor Severus en misschien als ze met een andere jongen uit zou gaan zou dat wel bevestigen dat ze inderdaad niets voor Severus voelde en dat haar hersens gewoon een raar spelletje met haar speelde. “Mooi!”zei Kelso toen vrolijk. “Aankomende zaterdag?” “Prima! Zullen we nu naar de les gaan?”Vroeg ze toen ze glimlachte lief naar hem. “all right Kelso scoort opnieuw!”mompelde hij in zichzelf, en gelukkig voor hem hoorde Christina dat niet.”Ja is goed.” Samen gingen ze op weg naar de les van professor Anderling.

Severus keek naar Christina, wat moest ze opeens met Kelso? Vroeg hij zichzelf af, hij had Christina toch altijd wel hoger ingeschat dan dat niveau. Waarom kon het hem eigenlijk wat schelen? Dacht hij er gauw achteraan, maar ondanks dat kreeg hij het gevoel of zijn binnenste zojuist van ijs was geworden. Waarom kon hij niet verklaren. Kwaad verliet ook hij de grote zaal om in zijn lokaal de eerste les van de dag voor te bereiden uit alle macht proberend het beeld van Christina en Kelso te vergeten.
Terug naar boven Go down
http://thunderstruckfandoms.bestforumpro.com
Christina Black-Snape
The Queen
The Queen
avatar

Aantal berichten : 676
Registratiedatum : 03-06-15
Leeftijd : 24
Woonplaats : Zweinstein

Karakter kaart
Fandoms: Christina Black-Snape
Favorite Actor/Actress:

BerichtOnderwerp: Re: Lost and damned (Harry Potter)   di jun 09, 2015 11:23 pm

Hoofdstuk 7: Boomtrullen

Professor Anderling stond al voor de klas te wachten op de leerlingen die het lokaal binnen liepen.
Als een kat die een muis volgde, volgde ze Christina met haar blik. “Mevrouw Zwarts, ik wil u na de les graag even spreken.” Zei ze streng.
Christina kromp in elkaar. Severus had professor Anderling waarschijnlijk verteld dat ze afwezig was geweest tijdens zijn les gisteren. Dat was niet veel goeds, ze moest bij professor Anderling met wel een erg goed excuus aankomen of het zou strafwerk worden. Vlug knikte ze naar professor Anderling ten teken dat ze het had begrepen en ging ze zitten. Kelso nam plaatst naast haar. Melian kwam ook het lokaal binnen en ging achter Christina zitten, Melian had besloten dat het geen nut had langer ruzie te hebben met Christina en dat het tijd was om weer normaal tegen elkaar te doen. Daar werden ze veel blijer van.
“Goed.”Begon professor Anderling haar les toen iedereen zat.
“Zo als jullie misschien weten is het bijna tijd voor jullie om te beslissen wat jullie in de toekomst willen doen. Veder leren? Of werken? Om jullie te helpen bij die beslissing is het de bedoeling dat jullie stage gaan lopen.”Meteen steeg er een hoop gekreun, gesteun en gezucht op uit de klas. Niemand voelde er wat voor om gratis te moeten werken en dan ook nog waarschijnlijk eens afgebeuld te worden met de meest rot klusjes die er waren. “U kunt ons ook meteen als slaven verkopen.”floepte Christina er net iets te hard uit. “Mevrouw Zwarts, tien punten aftrek van Griffoendor voor die grote mond, en stage lopen is geen slavernij maar een unieke kans om te ontdekken wat je kan, waar je goed in bent en wat je wilt met je leven.” Ging professor Anderling veder.
“Of wat je niet wilt met je leven…”mompelde Melian zachtjes naar Christina. Christina grinnikte zachtjes. “Precies.” Zei Christina die zich echter niet omdraaiden maar Melian begreep maar al te goed dat als Christina zich nu zou omdraaien professor Anderling het door zou hebben en dat zou er nog meer punten aftrek volgen. “Het is mogelijk om een stage te kiezen hier op Zweinstein of in Zweinsveld, ik zou u dan nu ook willen vragen eventjes na te denken over een mogelijke stage plaats en dat op een perkament te schrijven die u mij na de les overhandigt en dan word het voor u geregeld. Wees serieus en kies verstandig.” Ging professor Anderling streng veder.
“Maar professor” begon Kelso “Voor alleen leren doe je het toch niet, werken doe je alleen voor geld niet omdat het leuk is of om te leren.” Christina gaf zichzelf zo hard een face palm dat je een luide KLETS door het lokaal heen hoorde.
Professor Anderling zuchtte hoorbaar. “meneer Kelso ik ga niet eens een poging doen om dit aan u uit te leggen, u doet het gewoon.” De ongeduldigheid van professor Anderling was te begrijpen, de meeste docenten hadden na 7 jaar onderwijs aan Michael Kelso het maar opgegeven hem dingen uit te leggen en vertelde hem meestal maar gewoon te doen wat hem werd opgedragen.
“Goed, jullie krijgen deze les de tijd om je erin te verdiepen waar je stage wilt lopen, aan het einde van de les wil ik uw keuze weten anders word er een stage voor u gekozen.”voegde professor Anderling streng toe.
“Waar wil jij Christina?”Vroeg Kelso. Christina dacht diep na, ze had geen flauw idee. “Daar moet ik nog even over nadenken…Wat wil jij Mel?” vroeg Christina toen aan haar beste vriendin, misschien had die nog een goed idee. “Ik denk de drie bezemstelen..” zei Melian toen bedenkelijk. “Achter de bar staan lijkt mij wel erg leuk.” Christina glimlachte, ze vond dat wel echt wat voor Melian, het was alleen totaal niets voor haar. Nee Christina zou alle drank opzuipen in plaats van het te serveren aan mensen. Slecht idee. “Ik wil wel bij toverdranken…Zo moeilijk is het niet opletten of mensen hun ketel opblazen….het is niet zo dat die Sneep veel doet tijdens de les.”Merkte Kelso toen op. Melian keek boos naar Kelso. “Severus doet meer in één les toverdranken dan wat jij in je hele leven doet….”Zei ze toen nijdig. Christina voelde ook een steek van woede voor wat Kelso zei, maar ze besloot niks te zeggen en keek naar haar tafel. “Alsof mijn broer jouw wilt hebben.”ging Melian veder. “Het zal je verassen. Zie je dit?” Kelso maakte een handgebaar naar zijn eigen gezicht terwijl hij dit zei. “Daar zegt niemand nee tegen, het probleem daarmee is namelijk ik zie er veel te goed uit daarvoor.” Melian trok één wenkbrauw op, zo hoog dat hij bijna verdween in haar haar. Christina hoorde de discussie niet eens meer tussen Melian en Kelso, in gedachte was ze alweer vertrokken naar de droom over Severus, om vervolgens hoofdschuddend eruit te ontwaken. “Ik ga denk ik bij waarzegerij…”Zei ze toen afwezig. Melian staakte toen maar haar discussie met Kelso, die gozer was nog te dom om überhaupt mee te discussiëren. “Ja, dat is wel iets voor jou…behalve dat je Zwamdrift haat…” Zei Melian zogenaamd enthousiast, ze snapte niet waarom Christina op het moment zo raar deed. Normaal zou Christina nog liever met de reuze inktvis gaan zwemmen dan naar de les van Zwamdrift te gaan. “Ach waazegerij vindt ik wel erg leuk, alleen dat mens niet.”
“Dat is dus precies mijn punt Chris…”Melian zuchtte eventjes diep en snapte niet wat haar beste vriendin mankeerde, vrijwillig veel tijd door brengen met Zwamdrift uitgaan met Michael Kelso. Christina was duidelijk haar zelf niet. Melian had alleen geen zin in weer ruzie dus besloot er maar niks meer over te zeggen en gewoon gezellig de rest van de les met Christina te kletsen. Melian had Christina nog steeds niets over Remus gezegd. Het leek haar beter om daar nog even mee te wachten tot ze wat zekerder was van haar zaak, en hoe ze het Severus ooit moest gaan vertellen dat was hellemaal een raadsel voor haar. Al snel was de les voorbij en had iedereen het stukje perkament met waar hij of zij stage wilde lopen ingeleverd bij professor Anderling, die beloofde haar uiterste best te doen om te zorgen dat iedereen kwam waar die gene wou.

Zo als afgesproken bleef Christina nog even zitten. “Juffrouw Zwarts, het is niet de bedoeling dat u de reputatie van uw broer eer aan gaat doen, met spijbelen.”Begon professor Anderling. Christina slaakte een zucht ze wist dat professor Anderling hierover zou beginnen. “Sorry professor, ik had bijna niet geslapen dus wou eventjes wat slaap inhalen gisteren.”Zei ze toen maar, dit smoesje was nog altijd beter dan de echte rede te moeten vertellen. Ze kon moeilijk aan haar afdelingshoofd vertellen dat ze ruzie had gehad met een andere docent. Dat zou haar meer punten aftrek en strafwerk bezorgen dan deze rede, ongetwijfeld zou professor Anderling dan ook van Christina verlangen dat ze het goed zou maken met professor Sneep, want ruzie met een docent dat kon natuurlijk niet. “juffrouw Zwarts als er iets is wat u dwars zit, u kunt mij vertrouwen. “Dat weet ik professor, maar behalve dat ik mijn broer mis is er niets aan de hand.”Glimlachte Christina toen. Professor Anderling geloofde het verhaal van Christina niet hellemaal, maar besloot het hierbij te laten. Ze kon Christina niet dwingen. “Ik wil dat u zich vanavond bij professor Sneep meld om strafwerk te maken.” Christina voelde hoe haar hart een sprongetje maakte, om vervolgens rood te worden, in haar droom had ze ook strafwerk moeten maken en toen….Christina gromde en duwde die gedachte van haar af. “Ja, professor.” Was het enige wat Christina hierop zei. “Goed, dan kunt u nu gaan.” Zei professor Anderling bedenkelijk vanwege Christina haar vreemde reactie.
Christina pakte haar tas op. “Tot morgen professor.”Zei Christina nog voor ze het lokaal uit liep.

Melian stond buiten het lokaal op Christina te wachtte. “En?”Vroeg Melian die nieuwsgierig was waar het over ging en ook een beetje bezorgt. “Ik had gisteren gespijbeld bij toverdranken en nu moet ik vanavond nablijven bij je broer.” Melian knikte ten teken dat ze het begreep. “Nou we hebben hem nu ook, dus dan kan je je vast voorbereiden op vanavond. Hopelijk heeft Severus een beter humeur dan gisteren.”Melian wist al dat Christina ruzie had gehad met Severus en dat ze daarom gespijbeld had.
“Wat een feest…”Was het enige wat Christina daarop zei, ondertussen waren ze bij het lokaal van professor Sneep aangekomen. Christina voelde een hol gevoel in haar maag, ze wist dat ze naar binnen moest en geen keuze had, echter maakte dat het er niet makkelijker op voor haar. Christina haalde diep adem en liep samen met Melian naar binnen. Tot overmaat van ramp waren er nog maar twee plekken vrij die ook nog eens verspreid waren. Waardoor Christina en Melian wel apart moesten gaan zitten.
Christina nam plaats naast Kelso en Melian naast een of andere patser van Zwadderich. Ze keek even bedenkelijk voordat ze ging zitten. Helaas had Melian weinig keus en moest ze wel gaan zitten. Vervolgens bleef de patser haar maar aankijken alsof ze eetbaar was.
“Ben je klaar met me aan te randen met je ogen?”Vroeg ze pinnig. “Vel, mooi, daar hou ik van.”Grinnikte hij. “Jamey Ebola.” “Ben je serieus?”was het enige wat Melian erop reageerde om vervolgens stug voor zich uit te staren. Ergens vond ze zijn achternaam hilarisch, maar ze wou niet dat Jamey straks nog dacht dat hij een kans bij haar maakte.

Severus kwam het lokaal binnen gooide de deur van de kerker met een klap dicht en het werd meteen dood stil in het lokaal. “Stilte.” Zei Severus nog wat duidelijk overbodig was. Hij was blij dat Melian weer aanwezig was in de les anders had hij haar ook strafwerk moeten geven. Hij vond 1 leerling wel genoeg en daar had hij al geen zin in, maar professor Anderling had erop gestaan dat Christina strafwerk moest maken voor het spijbelen bij zijn les.
Severus was er momenteel liever kwijt dan rijk geweest dus zat er niet bepaald om te springen.
Maar toen hij zag naast wie ze zat werd hij pas echt chagrijnig. Stiekem had Severus gehoopt dat Christina inmiddels nadat ze de helle ochtend met Kelso had doorgebracht hem van de astronomietoren had geduwd. Helaas was dat niet het geval.
“We maken vandaag een lastige drank, slechts één leerling is het ooit eerder gelukt om deze perfect te maken.” Severus zijn stem was kil en ijzig, hij keek al zijn leerlingen één voor één dodelijk aan waardoor het voor de klas duidelijk was. Professor Sneep was in een uitermate slecht humeur dus gaf hem geen aanleiding zich aan je te irriteren of je zou de eerst volgende les niet halen. “De drank van de levende dood.” Even spande er een vals glimlachje rond zijn lippen toen de rest van de klas kreunde. “De intrusies staan in jullie boek, bladzijde 250. Jullie mogen nu beginnen.”

Iedereen zat zweten achter zijn of haar ketel, dit was de moeilijkste drank die ze tot nu toe hadden moeten maken en als Severus in zo slecht humeur was kon je maar beter geen foute maken. Christina kreeg bijna een zenuwinzinking, ze was al een drama in toverdranken, maar dit sloeg alles. Haar drankje was knal roze in plaats van mat zwart, dat was niet goed. Wanhopig keek ze naar Melian die haar al net zo wanhopig aankeek, alleen was de drank van Melian grijs – wat nog het meeste leek op wat het moest zijn – dus vergeleken de rest had Melian geen rede om zich druk te maken.
Kelso was inmiddels druk bezig met zijn mes om de ingrediënten fijn te hakken als spiegel te gebruiken om zijn haar goed in model te brengen. Natuurlijk kreeg Sneep dit snel in de gaten. “Uw haar is natuurlijk uitermate interessant meneer Kelso, maar zou u niet eens veder gaan met uw brouwsel…of zal ik u maar gelijk weer een Z geven?” zei Sneep vernietig, Kelso was inmiddels een leerling die alle records in de geschiedenis van Zweinstein had verbroken met een Z halen, dus Sneep verwachtte niet dat Kelso zich hier ook maar iets van aantrok. “Weet u professor, u bent gewoon jaloers.”Begon Kelso. “Ik heb alle mooie meisjes om me heen, knappe kop en prachtig haar, alles wat we van u dus niet kunnen zeggen met andere woorden.”Kelso keek zelfvoldaan en lachte dom. Hij zat duidelijk te wachten tot iemand burn zei en besefte duidelijk niet met de weinige hersens die hij had dat hij veel te ver was gegaan. “Kelso, wat is er mis met jou? ben je op je hoofd gevallen?” zei Sneep nijdig, dit pikte hij absoluut niet van zijn leerlingen en met name niet van Michael Kelso.
“Ja dat ben ik! Maar tot nu toe was iedereen nog zo beleeft om het niet te noemen!”riep Kelso duidelijk boos alsof Sneep nu de slechterik was. Sneep had zichtbaar veel moeite zichzelf geen face palm te geven om de domheid van Kelso. Ergens kon hij niet geloven dat Kelso dit serieus nam. Christina keek met ingehouden adem naar Sneep, ze wist donders goed dat Kelso te ver was gegaan en dat Sneep het hier niet bij zou laten zitten.
“U bent geschorst voor een maand van mijn les. U mag nu vertrekken.”Sneep weigerde Kelso strafwerk te geven want dan moest hij nog meer tijd doorbrengen met deze hersenloze boomtrul, hij sprong nog liever van de astronomie toren af, dan dat hij dat deed. “Wat? U beledigt mij! En nu heb ik het gedaan!” ging Kelso er nog tegen in, nog altijd overtuigt van zijn eigen onschuld. “Ik bied u geen ruimte voor discussie en als u nu gebruik maakt van die ene hersencel die u heeft in u hoofd zou ik maar heel snel mijn les verlaten voordat ik u uw straf bij meneer Vilder laat uitzitten.” Zei Severus dreigend, maar in tegenstelling tot Kelso verhief hij zijn stem niet en werd die juist zacht en stekelig. Kelso werd er duidelijk bang van, hij pakte zijn spullen en verliet snel het lokaal.

Melian haar mond was open gevallen van verbazing dat iemand dit tegen haar broer durfde te zeggen, als Severus zelf niet Kelso al had gestraft had zij het wel gedaan. Nu hoopte ze toch echt dat Christina er klaar mee was om met Kelso om te gaan. Opeens voelde Melian iets warms in haar zak, het was een stukje perkament. Melian vouwde het open en haar hart maakte een sprongetje toen ze het handschrift zag. Het was van Remus. Naarmate ze veder las werd haar glimlach steeds groter. Remus vroeg haar om vanavond wat te gaan drinken bij madame Kruimelaars thee winkel. Melian had er nog nooit van gehoord maar blij krabbelde ze snel een antwoord terug dat ze dat natuurlijk wou en dat ze hem na het eten in Zweinsveld zou zien vanavond. Ze stuurde hem het briefje terug. Melian voelde de kriebels in haar buik en was hellemaal warm en vrolijk. Niets kon haar blijdschap vandaag nog verstoren. Zelfs niet het slechte drankje wat ze had gemaakt. Het scheelde een hoop dat de rest van de klas er ook niets van kon en dat hare bij lange na niet de slechtste was. Melian was erg blij dat dit de laatste les van de dag was dus dat het niet al te lang meer deed voor ze Remus zou zien. Ze moest zichzelf inhouden om niet kei blij te gaan zingen.

Sneep stond achter Christina en keek naar het roze, rode pruttelende drankje. “Mevrouw Zwarts, ik hoef u vast niet te vertellen hoe triest uw drankje eruit ziet?” zei Sneep sarcastisch. Christina voelde hoe de haartjes in haar nek overeind gingen staan en hoe ze kippenvel kreeg toen ze merkte dat Sneep zo dicht achter haar stond. “Ik zou het eerder diep triest noemen.”kaatste ze toen snel terug. Ze wist donders goed hoe slecht het eruit zag en ontkennen zou ze het niet. “Mevrouw Zwarts u bent mijn leerling en u dient niet zo’n toon aan te slaan tegen uw leraar. U heeft al een avond strafwerk en als ik u was zou ik er maar geen week van maken.”
“Dan geeft u me toch een voorkeursbehandeling…..waar u erg goed in schijnt te zijn.” mompelde Christina net iets te hard waardoor Sneep haar donders goed hoorde. De rest van de leerlingen hoorde het gelukkig niet. “Een week nablijven en u krijgt een D voor deze sneue vertoning, oh en 30 punten aftrek van Griffoendor voor meerdere malen een grote mond terwijl u gewaarschuwd was.”
Christina werd rood van woede, ze besloot maar niets meer te zeggen, ze zou straks wel precies zeggen wat ze van hem vond als ze alleen waren. Ze keek hem nijdig aan, als blikken konden doden was hij zeker dood geweest.

Christina bleef zitten toen de les was afgelopen. Hoe sneller het voorbij was, hoe beter dacht ze bij zichzelf. Al wilde ze niet toegeven dat ze nablijven niet zo erg vond bij professor Sneep als dat ze deed alsof ze het vond.
“Ik zie je straks wel Chris.”Zei Melian die zachtjes een hand op de schouder van Christina legde. “Succes. “ glimlachte ze toen nog lief. Snel ging Melian er vandoor. Ze wou zo snel mogelijk eten zodat ze zo snel mogelijk weer bij Remus was.

Toen het lokaal leeg was zetten Severus een kruk voor Christina neer en ging zitten. “Goed, spijbelen, uw werk slecht doen en een grote mond. Een week nablijven heeft u inmiddels wel verdient. U gaat deze week mijn voorraadkast opnieuw orderen en controleren of alles wel nog goed is. Terwijl ik nakijk.” Severus zwaaide één keer met zijn stok en de kast met ingrediënten vloog open.
Christina keek hem kwaad aan en begon daarna zwijgend aan haar taak, ze verdomde het om wat te zeggen. Al voelde ze zich ergens schuldig om de opmerking van Kelso. Dat verdiende Sneep niet, niet na wat hij voor Christina had gedaan.

Severus kon vanaf zijn bureau stiekem naar Christina kijken terwijl ze bezig was met de kast op te ruimen. Hij wist niet waarom, maar om de een of andere rede kon hij niet stoppen met naar haar te kijken. Het was dan ook een erg knap meisje, maar uiterlijk had Severus nooit getrokken, het ging hem altijd om de persoonlijkheid en de rest deed er niet toe voor hem. Maar anderzijds Christina was ook slim en zag altijd het goede in alles en iedereen net als Lily……Snel banden Severus die gedachte uit zijn hoofd hij wilde niet aan Lily denken en Christina al hellemaal niet met Lily vergelijken, er gebeurde alleen maar slechte dingen met de mensen waar Severus ooit om gaf, bijna iedereen was dood en daarom moest hij iedereen zo veel mogelijk op afstand houden. Koste wat het kost. Melian was de enige die hij nog toeliet in zijn leven en veder niemand. Snel ging hij weer veder met nakijken. Maar helaas lukte het hem niet hellemaal om niet meer naar Christina te kijken. Stiekem bleef hij dat toch wel doen.
Terug naar boven Go down
http://thunderstruckfandoms.bestforumpro.com
Christina Black-Snape
The Queen
The Queen
avatar

Aantal berichten : 676
Registratiedatum : 03-06-15
Leeftijd : 24
Woonplaats : Zweinstein

Karakter kaart
Fandoms: Christina Black-Snape
Favorite Actor/Actress:

BerichtOnderwerp: Re: Lost and damned (Harry Potter)   di jun 09, 2015 11:23 pm

Hoofdstuk 8: pijn
“Sinds wanneer verdoe jij je tijd aan iemand die hersendood is?”Vroeg Severus plotseling uit het niets aan Christina, terwijl hij dit zei keek hij niet eens op van het nakijken, om de indruk te wekken dat hij niet écht geïnteresseerd was.
“Sinds wanneer gaat het docenten wat aan, aan wie of wat ik mijn tijd besteed?” beet Christina hem toe, ze keek even achterom. Ze zat op de grond bij de voorraad kast alle potjes na te kijken. Ze vroeg zich af sinds wanneer hij haar weer informeel aansprak, de ene keer sprak hij formeel, de andere keer informeel. Christina snapte er niets meer van. Toen ze zag hoe ongeïnteresseerd hij deed keek ze weer terug naar de kast.
“Mevrouw Zwarts, u zit al in de problemen door uw grote mond ik zou het niet nog erger maken. U gaat steeds meer op uw broer lijken en dat is geen compliment.” Snauwde hij.
“Nou ik vind het anders een groot compliment waarvoor ik u moet bedanken.”zei ze bijdehand.
Sneep begon zijn geduld met Christina te verliezen, normaal verloor hij nooit zomaar zijn geduld maar zij deed iets met hem. Waardoor hij zichzelf anders ging gedragen. Christina moest sterk de nijging onderdrukken om haar tong uit te steken naar Severus.
“Nou dat is het niet! En ik wil dat u me gewoon aanspreekt met professor of meneer.” Het kwam niet vaak voor dat Severus geen weerwoord wist maar nu deden één van die zeldzame momenten zich toch echt voor.
“Wat u wilt professor!”zei Christina toen sarcastisch, boos was ze overeind gesprongen.
“U heeft niet het recht te bepalen met wie ik omga of mijn broer te beledigen Secretus!” voor ze het wist had ze dat laatste aan de zin toegevoegd en liep ze kwaad richting Severus. Ze had altijd gehoord hoe haar broer en James het over ‘Secretus’ hadden en zo kende ze die bijnaam van Severus, ergens diep van binnen wist ze al dat ze veel te ver was gegaan maar ze was te koppig dat te erkennen. Severus was nu ook woedend van zijn stoel afgekomen en stond nu recht tegenover Christina, zo dicht op haar dat ze elkaar nog net niet aan raakte. “U kunt de komende 4 maanden nablijven mevrouw Zwarts, en als ik u nog 1x dat hoor zeggen hoeft u nooit meer naar mijn lessen te komen.”Zijn stem was zacht en stekelig ieder woord zo zacht uitgesproken dat Christina ze nog net kon horen, de woede duidelijk hoorbaar in zijn stem. Ergens dacht ze dat hij ook gekwetst klonk.
“Vind u het gek dat u geen vrienden heeft, en dat u die ook nooit heeft gehad met hoe u met mensen omgaat. Eerst laat u denken dat u iemand mag, en dan zonder reden word u woedend en doet u net alsof er nooit iets van vriendschap tussen ons is geweest. Eerst snapte ik niet waarom Lily u niet meer wilde zien, maar nu is het opeens duidelijk!”Riep Christina boos, vrijwel meteen wilde ze dat ze de woorden terug kon nemen maar het kwaad was al geschied. Severus werd nu pas echt woedend pakte Christina bij haar schouders vast. “Jij weet niets van mij, jij weet niets van wat er gebeurt is tussen mij en Lily.” Siste hij boos. Christina keek hem aan, diep in zijn zwarte ogen en voelde hoe snel haar hart ging slaan. In zijn ogen was geen woede te zien, alleen maar verdriet en kwelling. Ze wilde dat ze de woorden terug kon nemen, het verdriet kon verlichten. Ze wist dat ze hem nu écht pijn had gedaan, terwijl ze dat niet wou niet écht. Haar schouders tintelde onder de aanraak van Severus, het verlangen werd groter dan haar verstand. Voorzichtig boog ze een stukje naar voren waardoor haar lippen zachtjes die van Severus raakte.

Severus wou haar woedend aankijken, maar het lukte hem niet. Ze had hem daarvoor veel te veel pijn gedaan, maar toch maakte dat het verlangen wat hij voelde niet minder. Hij voelde hoe zijn handen tintelde toen hij haar zachte warmen schouders aanraakte. Opeens voelde hij hoe haar lippen de zijne raakte, een warm gevoel vulde zijn lichaam, eventjes een moment sloot hij zijn ogen en kuste haar terug. Dit was wel het laatste wat hij had verwacht wat er zou gebeuren, maar hij kon niet zeggen dat hij het erg vond. Hij voelde de kriebels in zijn buik steeds erger worden, maar het voelde fijn. Toen hij merkte dat Christina haar hand door zijn haar ging, stokte zijn adem eventjes en hij stond zichzelf toe hier even van te genieten. Hij voelde hoe de kus van twijfelend naar steeds gepassioneerd ging en hij kuste haar terug, hij bleef haar kussen. Het leek alsof ze aan elkaar vast zitten en hij niet kon stoppen. Al wist hij diep van binnen dat het niet kon, het mocht niet. Na een tijdje stopte ze om adem te halen.

Christina begroef haar gezicht in zijn schouder, ze durfde hem duidelijk niet aan te kijken. Onhandig had Severus zijn armen om haar geslagen, niet goed wetend hoe hij haar vast moest houden. Natuurlijk moest hij haar eigenlijk loslaten en bleef dit een slecht idee, maar hij kon het gewoon eventjes niet. Het was lang geleden dat hij ook maar een spoortje van geluk had gevoelt en dat wilde hij nog eventjes niet loslaten. Severus liet zijn kin op haar hoofd rusten en rook hoe haar haar naar perziken rook. Hij sloot zijn ogen en genoot ervan hoe zij in zijn armen stond. Christina had haar ogen ook gesloten en was hellemaal ontspannen. Ze durfde niks te zeggen bang dat het moment tot een einde zou komen en in tegen strijdt met haar eigen gedachtes. Ze kon niet verliefd zijn op haar docent, dat kon gewoon niet! Niets anders dan problemen zou dat zijn! En zo knap was hij ook niet, wat zag ze eigenlijk in hem? Vroeg Christina zichzelf af, maar al gauw wist ze het antwoordt al. Christina hechte nooit waarde aan uiterlijk, alleen maar aan innerlijk en het was zijn innerlijk waar ze voor gevallen was. Hoe hard ze het ook ontkende de gevoelens zouden niet over gaan door het te ontkennen. Ze had gemerkt hoe Severus haar terug kuste, hij voelde duidelijk ook wat voor haar anders zou hij dat nooit hebben gedaan. Na nog een tijdje zo te staan herinnerde Christina zich weer wat ze allemaal had gezegd en voelde ze zichzelf vreselijk schuldig. Ze wou zeggen tegen Severus dat het haar speet, maar ze wilde nog steeds het moment niet verstoren.
“Chris…”Zei Severus onverwachts en zachtjes zo zacht dat ze het maar net kon horen. Zijn stem klonk schor.
“Hmmmm?” was het enige wat Christina zei. Ze voelde zich gevleid doordat hij Chris zei, het voelde vertrouwt.
“Je beseft dat dit onmogelijk is?” ging hij schor veder, Severus haatte zichzelf voor wat hij nu ging doen en wist dat Christina hem hierom ook zou haten. Maar uiteindelijk zou ze dat toch wel gaan doen. Dus kon hij er maar beter nu een einde aan maken voordat hij nog meer voor haar zou gaan voelen. Severus vermeed Christina haar blik. Hij wilde haar niet aankijken. Dat zou het nog moeilijker maken.
“Nee, je bent me docent natuurlijk maakt dat het lastig…maar het is het waard.”Schoot Christina gelijk in protest, ze voelde haar binnenste ijs worden, ze wist dat de kans dat hem kon ompraten erg klein was, ze voelde aan dat dit niet goed kon eindigen wat hij ging zeggen, ze wist niet waarom, maar van binnen wist ze het gewoon. “Severus, ik vind je leuk…meer dan leuk…Severus…Alsjeblieft.” Christina haar stem klonk smekend. Ze probeerde hem aan te kijken, maar ze merkte dat hij haar niet wou aankijken.
“Nee Christina…..het is het niet waard…..precies zo als je zelf al zei iedereen gaat me uiteindelijk altijd haten…en om ons zelf een hoop ellende te besparen kan dit beter nu meteen stoppen.” Ging hij stug door. Hij voelde een steek van blijdschap toen ze zei dat ze hem leuk vond. Maar al snel verdween die blijdschap, ze zou hem gaan haten als ze wist wat hij allemaal had gedaan, en hij kon het niet maken tegenover Lily.
“Severus…”Ging Christina veder. Ze pakte zijn gezicht in haar handen en dwong hem naar haar te kijken ze drukte nog een kus op zijn lippen. “Dat is het wel, het hoeft niet negatief uit te pakken Severus..we zouden gelukkig kunnen worden…Samen, jij en ik.” Het deed haar pijn dat hij haar Christina noemde.
Severus rukte zichzelf los van haar en duwde haar voorzichtig van zich weg. “Nee, er is geen jij en ik en dat zal het ook nooit worden…wij zullen nooit gelukkig samen worden, nooit. Ik wil dat je nu gaat, je straf word geschrapt het is niet verstandig om nog met ze tweeën alleen te zijn.” Ging Severus veder.
“Dus je geeft wel toe dat je wat voor me voelt?”drong Christina toen veder aan hij ontkende het geen één keer. Severus keek haar weer aan en merkte dat hij zo niet van haar af zou komen. Niet dat hij echt van haar af wou, maar hij wou ook geen relatie met haar, dat mocht niet en dat kon niet.
“Niets anders dan lust….ik voel geen liefde voor je maar lust.”Loog hij, maar hij wist dat je niet bepaald een vrouw voor je kon winnen door dit te zeggen. Eigenlijk had hij haar gewoon gezegd dat hij niets anders dan seks van haar wilde.
“Je liegt…”Zei Christina stug, maar ergens voelde ze ook twijfel. Hoe wist ze nou zo zeker dat hij loog, het kon best waar zijn wat hij zei, maar toch wilde ze dat niet geloven. De tranen sprongen in haar ogen. “Severus..” Christina klonk nu in paniek, Severus was weer gestopt haar aan te kijken. “Kijk me aan…alsjeblieft.”
“Mevrouw Zwarts, het word tijd dat deze ongepastheid tot een einde komt, ik wil dat u nu vertrekt….onmiddellijk.”siste hij alle vriendelijkheid was weg uit zijn stem, de kilheid was terug. Hij keek haar nu kil aan, zijn gezicht verraden veder geen emotie.
Christina liet hem abrupt los alsof ze haar hand aan hem had gebrand, de tranen rolde nu over haar wangen. “Maar-“ voor ze ook maar wat kon zeggen onderbrak hij haar.
“Mevrouw Zwarts u bent niets meer voor mij dan een leuk gezicht, als u niet mijn student was geweest hadden we misschien een keer een leuke avond kunnen hebben, maar dat bent u wel ga nu.” Zei hij bot. Hij meende geen woord van wat hij zei, nooit zou hij iemand hiervoor gebruikt hebben in zijn helle leven niet, maar dat wist Christina niet. Ze moest weg, nu hij wist niet hoe lang hij het nog vol hield haar van zich weg te duwen. Hij vond het vreselijk om haar te zien huilen.
Gelukkig werd Severus snel uit zijn lijden verlost.

Christina pakte haar tas op en rende keihard weg, niet langer het snikken onder controle. Ze rende naar buiten ze wou niet iemand tegen komen. Al haar vroegere vriendinnen hadden haar al gezegd dat ze geen zin meer hadden in haar gejank. Maar Christina kon er niks aan doen sinds de zomer was haar leven een grote puin zooi. Daar werd niemand vrolijk van. Het regende pijpenstelen maar dat kon Christina niets schelen, dan werd ze maar nat. Heel even had ze zich gelukkig gevoeld heel even had ze gedacht dat Severus haar ook wou, hij wou er ook alleen niet op de manier hoe zij het zou willen. Ze plofte neer tegen een boom aan in het grote meer. Doordat ze zo hard ging zitten op een boomwortel bezeerde ze haar stuitje, maar het kon haar niets meer schelen. Ze trok haar knieën op en snikte veder.

Severus keek nog steeds naar de deur opening, hij knipperde een paar keer met zijn ogen voordat hij zichzelf herpakte. Dit was het beste, ik heb het beste gedaan voor mij en Christina. Dacht hij bij zichzelf. Het deed hem pijn om Christina verdriet te doen, maar hij moest hield hij vol. Woedend smeet hij een glazen pot kapot tegen de muur, en nog een en nog een. Hij haatte zichzelf vanuit het diepste van zijn hart. Hij verdiende geen gelukkig en al hellemaal niet iemand als Christina.
Hij dacht nog even na, om vervolgens gefrustreerd zijn mantel te pakken en die om te doen. Het kon hem niks schelen dat het donderdag avond was en hij morgenochtend vroeg weer voor de klas moest staan. Hij wilde een borrel en die zou hij gaan halen ook. Hij liep de deur uit op weg naar Zweinsveld.

Melian voelde haar handen zweten en lichtjes trillen, ze had pas sinds gister middag iets met Remus. Ze was super zenuwachtig om hem weer te zien maar ook super blij. Om de paar minuten slaakte een ze een blij kreetje van blijdschap. Ze kon er niets aan doen, ze moest gewoon blij doen. Ze moest heel erg veel moeite doen om niet te gaan huppelen.
Ze kwam aan bij madame Kruimelaars thee winkel. Ze glimlachte toen ze zag hoe schattig het hier binnen eruit zag en hoe romantisch het eruit zag, Remus had het goede tentje uitgekozen, haar grijns werd mogelijk nog groter toen ze Remus al zag zitten. Nog net niet huppelend liep ze naar binnen en kwam ze aan bij de tafel van Remus. “Heey Remus.”zei ze een beetje verlegen. Toen Remus haar aan zag komen stond hij op, hij glimlachte naar haar maar wist niet goed wat hij moest doen. “Ik ben blij dat je er bent.” Zei hij tegen haar, maar voor hij veder nog wat kon zeggen zoende Melian hem al zachtjes, hij merkte dat de kus nogal twijfelend overkwam. Snel sloeg hij zijn armen om haar heen en kuste haar zachtjes en lief terug, hij sloot zijn ogen en genoot van de warmte die van Melian af kwam. Hij merkte dat Melian er ook van genoot. Toen ze lucht nodig hadden en ze klaar waren met elkaar op te vreten, gingen ze zitten. Melian bestelde thee met Roos smaak en Remus nam thee met karamel smaak. Glimlachend keken ze elkaar aan, alles ging nog een beetje ongemakkelijk zo goed kende ze elkaar niet, maar toch voelde Melian zich al heel erg op haar gemak bij hem en was ze ontzettend blij om hem te zien.
“Heb je het je broer al verteld?”vroeg Remus haar toen lief, zachtjes hield hij haar hand vast. Melian haar hart ging als een gek tekeer in haar borst ze vond het een wonder dat haar hart de druk nog steeds aankon en dat hij niet van al die over uren ermee opgehouden was.
“Gezien de verhouding tussen jullie leek het me slim omdat nog eventjes niet te doen.”zei Melian toen eerlijk, ze wilde niet tegen Remus gaan liegen. “Dat kan ik wel begrijpen ja.”Glimlachte Remus. “Anders vertellen we het hem wel samen.”opperde hij. Melian stikte half in haar thee. “Ik ben bang dat hij je dan aanvliegt, en ik zou niet willen dat jullie met elkaar zouden gaan vechten.”Zei ze toen weer volledig eerlijk, en dat was precies wat Remus leuk aan haar vond haar eerlijkheid.

Severus zat een tijdje in de drie bezemstelen en dronk kobolden whisky, hij had ee hekel aan kobolden maar goede whisky hadden ze zeker. Hij wilde niet meer denken aan Christina, aan het verdriet…aan wat hij Lily had aangedaan en wat er met iedereen gebeurde waar hij van hield, in plaats daarvan bestelde hij nog een whisky, nog een en nog één net zo lang tot zijn zicht troebel werd en hij niet meer aan Christina of Lily dacht. Wankelend kwam hij overeind en liep hij de drie bezemstelen uit, langs Madame Kruimelaars thee winkel, zonder bijbedoelingen keek hij naar binnen. Hij voelde zich alsof een steen in zijn maag werd gegooid, hij zag zijn zusje met één van zijn grootse vijanden zoenen. Woedend bleef hij staan en keek naar binnen, met zichzelf in tweestrijd of hij naar binnen zou gaan. Hij moest ondertussen wel tegen een muur leunen hiervoor, want zelfstandig recht opstaan behoorden al lang niet meer tot de mogelijkheden.

“Hoe gaat het eigenlijk met je Remus? Ik heb gezien dat er een wet is aangenomen door die nieuwe minister van toverkunst dat alle mensen die ooit gebeten zijn, dat moeten melden aan hun nieuwe werkgever.”zei ze toen meelevend, ze wou niet zeggen dat mensen die een weerwolf waren. Ze probeerde het weerwolf woord zo ver mogelijk te vermijden. Remus knikte. “die nieuwe minister is niet veel goeds nee, maar helaas, het was voor mij toch al geen optie meer om het niet te vermelden vanwege de littekens.”Glimlachte hij toen, hij deed alsof hij er niet mee zat hij wou deze leuke avond niet verpesten. Zachtjes streelde hij haar hand met zijn vingers. Melian voelde een steek van medeleven, maar het was duidelijk dat Remus hier niet over wou praten, ze wouden gewoon een leuke avond hebben samen dat was duidelijk. Voorzichtig boog ze naar hem toe en gepassioneerd kuste ze hem, om hem te troosten. Net op dat moment kwam Severus binnen.
Terug naar boven Go down
http://thunderstruckfandoms.bestforumpro.com
Christina Black-Snape
The Queen
The Queen
avatar

Aantal berichten : 676
Registratiedatum : 03-06-15
Leeftijd : 24
Woonplaats : Zweinstein

Karakter kaart
Fandoms: Christina Black-Snape
Favorite Actor/Actress:

BerichtOnderwerp: Re: Lost and damned (Harry Potter)   di jun 09, 2015 11:26 pm

Hoofdstuk 9: ongelukken
Remus stond met zijn rug naar de deur toe, waardoor hij niet kon zien wat er gebeurde, Melian die met haar gezicht naar de deur stond werd lijk bleek toen ze zag hoe Severus binnen kwam en zijn toverstok trok. Voor Melian ook maar wat kon zeggen of doen zag ze hoe Severus zijn stok ophief, snel duwde ze Remus weg waardoor een blauwe flits Melian raakte. Ze zakte in elkaar en viel op de grond. Severus had non verbale magie gebruikt dus Remus snapte eerst niet hellemaal wat er gebeurt was maar toen hij zich omdraaiden en zag dat Severus daar met getrokken toverstok stond wist hij meteen wat er gebeurd was. Remus voelde hoe zijn rug nat werd van het zweet en bang voelde hij aan Melian haar pols. Remus wist maar al te goed dat de vervloekingen van Severus niet al te soft waren en vreesde dan ook het ergste. Opgelucht haalde hij adem, hij voelde Melian haar hartslag. Remus realiseerde pas toen hij adem haalde dat hij de helle tijd zijn adem in had gehouden. Voor het eerst sinds lange tijd voelde Remus woede in hem op borrelen. Remus wat altijd erg geduldig geweest en niet erg makkelijk boos te krijgen, maar dit ging veel te ver.
Remus wist donders goed dat de vloek voor hem bedoelt was geweest en niet voor Melian, hij moest toegeven Severus zou nooit zijn eigen zusje vervloeken, maar als nog ging dit te ver, er was geen excuus voor dit.

Severus was stom dronken, maar wist donders goed dat hij de verkeerde geraakt had lijk bleek en lichterlijk in paniek - al liet hij dat niet zien- liep hij op Remus af en knielde naast Melian neer. “Mel, Mel word wakker.”Zei hij. Remus draaide zich om.
“Ik denk dat het beter is als je gaat.”zei hij toen boos.
“Vertel niet wat ik moet doen Lupos.”Snauwde Sneep.
“Kijk naar jezelf, je vervloekt je eigen zusje, je bent lazurus!”
“Je hebt niet het recht haar aan te raken.”Sneeps stem werd nijdiger. Remus besloot hem te negeren, Melian had medische hulp nodig en voor hij ook nog maar iets hoefde te zeggen werd Sneep al bij zijn schouders gepakt en naar buiten gegooid.

Het moment dat de deur met een klap achter Severus dichtviel werd het stil in het kleine koffiehuisje, elke aanwezige (wat er overigens niet veel waren) richtte zijn of haar aandacht op Remus die zijn toverstok in zijn hand had en Melian op verdere verwondingen of onzichtbare schade controlleerde. Gezien Severus een non-verbale spreuk had gebruikt kon Remus niet met zekerheid zeggen welke vloek hij had gebruikt en hij wilde Melian niet zomaar wakker schudden zonder te weten of ze helemaal heel was. Z onder op te letten op de aanwezige controleerde Remus, Melian tot hij er zeker van was dat er verder niets aan de hand was behalve dan dat ze knock out op de grond lag en emotioneel zal ze ook wel even wat minder zijn, het was immers haar broer die haar had vervloekt en hoewel de vloek niet voor haar bedoeld was, zou Mel er vast ook niet erg blij mee zijn dat haar broer hem had willen vervloeken. Ze mochten van geluk spreken dat het geen ernstigere vervloeking was. "Enervatio" mompelde Remus en hij tikte zacht met zijn toverstok op de borst van Melian wiens ogen langzaam open gleden. Het duurde even voor Mel zich weer bewust was van haar omgeving en wat er was gebeurd "Remus." Ze schoot overeind en negeerde Remus zijn commentaar dat ze rustig aan moest doen en omhelsde hem fel. "Alles goed met je ? Hij heeft jou toch niet alsnog te pakken gekregen he? Ohh als ik hem zie-" ze stopte met haar tirade toen ze de grijns op Remus zijn gezicht opmerkte die hij net niet had kunnen verbergen "wat ?" Vroeg ze even verward en Remus schudde zijn hoofd "met mij is alles prima. Hij is weg en je bent schattig als je boos bent." De omstanders die eerder hadden staan toekijken hadden zich weer afgewend en gingen verder met hun eigen dingen. Melian knipperde even verward met haar ogen en schudde toen haar hoofd. "Mooi. Ik ben niet verantwoordelijk voor mijn acties als ik hem zie." Meldde ze droogjes. "Heb je nog ergens pijn of voel je je vreemd of iets? Ik weet niet welke vloek je broer heeft Gebruikt" Remus keek haar met een bezorgde blik aan en Melian's boosheid ebde weg. "Ik voel me prima. Niets aan de hand. Zo'n ernstige vloek zal het wel niet geweest zijn." Remus knikte "Mooi. Kom op ik breng je terug naar school. Misschien zelfs even langs de ziekenzaal zodat we er zeker van kunnen zijn dat er echt niets aan de hand is." Melian stond direct op haar strepen "oh nee ik ga niet terug naar school." Verkondigde ze. Remus keek even om zich heen, een paar van de gasten in het koffiehuisje keken nieuwsgierig hun kant op "laten we naar buiten gaan." Melian merkte op dat ze pottenkijkers hadden en knikte waarna ze Remus naar buiten volgde. Severus was weg en na de straat nog eens grondig door te hebben gekeke concludeerde ze dat hij waarschijnlijk terug was gegaan naar Zweinstein. "Ik ga niet terug naar school." Herhaalde Melian zodra ze buiten waren. Remus keek haar lang zwijgend aan "mag ik de reden weten waarom je weigert terug te gaan?" Vroeg hij droogjes. "Omdat Sev daar is en ik geen zin heb om hem tegen te komen of te zien. Zoals ik al zei ik weet niet wat ik doe als ik hem zie. Misschien krab ik zijn ogen uit of iets..." ze zweeg even en staarde voor zich uit, ongetwijfeld nog meer verontrustende manieren om Severus pijn te doen bedenkend. "En hoe zit het met de ziekenzaal?" Melian keek naar hem op en haalde haar schouders op "ik voel me prima en ik neem aan dat jij me wel kan redden als er iets mis gaat." Ze klonk en keek behoorlijk zelfverzekerd en Remus-
Begon door te krijgen dat Melian niet van gedachten zou veranderen en zuchtte dus diep "wat wil je dat we doen dan?" Er brak een grijns door op Melians gezicht wat aangaf dat ze behoorlijk blij was met zijn antwoord "nou ehm-" ineens werd ze rood en keek naar de grond "ik zat te denken aan misschien een kamer voor vanavond huren in de drie bezemstelen?" Mompelde ze terwijl ze naar de grond staarde en Remus trok een wenkbrauw op maar zei niets "niet om..je weet wel... dat te doen maar-" Remus deed zijn best een glimlach te onderdrukken. Melian was nerveus en knalrood terwijl ze de juiste woorden probeerde te vinden "gewoon slapen weet je niet het andere..." ze keek voorzichtig naar hem op en ontspande toen ze zijn gezicht zag. "Alleen slapen huh?" Vroeg hij en schoot toen in de lach waarna hij haar hand vastpakte en richting de drie bezemstelen liep.

Ze huurde een kamer met 2 bedden voor de nacht, ze hadden het niet meer over teruggaan naar Zweinstein al was Remus van plan om haar morgen terug naar school te brengen of ze nu wilde of niet. Die avond praatte ze voor uren, het onderwerp Severus zoveel mogelijk ontwijkend en als zijn naam dan al werd genoemd probeerde ze beiden het onderwerp weer zo snel mogelijk te veranderen. Melian was dan boos maar lang niet zo nijdig als Remus. Het was niets dat Severus hem had willen vervloeken dat was al zo geweest sinds hun eerste jaar op Zweinstein. Maar dat hij hem van achteren aanviel in een dronken bui en niet nadacht over dat hij Mogelijk zijn eigen zusje kon raken, wat ook gebeurde, ging tever. Het maakte Remus niet uit wat de reden was dat Severus naar de alcohol had gegrepen, het was nog geen excuus voor zijn gedrag en hier was het laatste woord ook nog niet over gesproken.
Vanavond hadden ze echter besloten het er niet over te hebben en dus deden ze dat ook niet.
Het werd laat en Melian begon uitgebreid te geeuwen "Oke. Tijd om te slapen." Meldde Remus zodra hij het zag. Het leek erop dat Melian hem tegen wilde spreken maar in plaats daarvan stond ze op en begon ze haar bed naar dat van Remus te schuiven zodat ze tegen elkaar aan lagen en een twee persoonsbed vormde. Remus had toegekeken maar had niets gezegd. Melian kroop in bed en schoof toen zijn kant op om vervolgens tegen hem aan te kruipen. Beiden zeiden ze verder geen woord, Remus sloeg enkel nog zijn arm om haar heen en dat was het laatste wat Melian meekreeg voor ze in slaap viel.

Christina kon weer niet slapen, alles wat er gebeurd was spookte nog door haar hoofd heen. Severus, Sirius. Toen Christina uit bed stapte was het haar opgevallen dat Melian ook nog altijd niet op de slaapzaal was. Christina maakte zich zorgen, dit was niets voor Melian. Op haar blote voeten liep ze door Zweinstein heen, ze droeg een rode zijde ochtendjas, met zwart kant bij de hals, over haar zwarte nachtpon. Ze liep naar het raam toe wat uitzicht bood op de binnenplaats van Zweinstein. Christina streek een plukje haar achter haar oor weg, altijd voor het slapen gaan deed ze haar, haar in een vlecht. Ze zag er beeldschoon uit in het maanlicht. Christina keek naar de sterren. Ze hield van de nacht, de sterrenhemel was prachtig om naar te kijken, maar bovenal in de nacht had je geen verplichtingen, niemand die je lastig viel en rust. Rust om goed over alles na te denken. Het enige nadeel was dat de nacht ook het moment was dat Christina het meest piekerde, omdat er niemand was die haar van die gedachtes kon afleiden. Vanuit haar ooghoeken zag ze een zwarte gedaante over de binnen plaats lopen -of beter gezegd strompelen- de gedaante bleef opeens stilstaan en hield zich duidelijk staande aan het beeld op de binnenplaats. Net toen Christina zich afvroeg wie dat in Merlijns naam was en wat hij hier kwam doen, herkende ze de gedaante. Het was Severus, Christina liep snel richting de trap die naar de verdieping onder haar leiden. Ze vroeg zich af wat er mis was, er moest wel iets mis met hem zijn namelijk als hij zo raar liep. Voorzichtig deed ze de deur open die naar de binnenplaats leiden. Bang dat een andere docent haar zou horen.
Christina liep snel naar hem toe –zichzelf verkloekend omdat ze geen sloffen aan had gedaan en nu dus op haar blote voeten buiten moest lopen- ze negeerde de pijn in haar voeten en legde voorzichtig een hand op Severus zijn arm die op het standbeeld rusten. Zijn hoofd voorover gebogen zodat Christina zijn gezicht niet kon zien.“Seve- erhm professor Sneep, is alles goed met u?”fluisterde Christina bezorgt, maar al snel rook ze de verklaring voor zijn gedrag. “Je bent dronken!”siste ze vernijdig naar hem. Wel nog zo zacht dat niemand anders dan Severus haar kon horen. Geen antwoord. Christina vroeg zich af of hij haar wel had gehoord. Voorzichtig legde ze haar andere hand op zijn rug. De hand die op zijn arm lag had ze nu verplaatst naar zijn hand, om hem te laten voelen dat ze naast hem stond. “Severus, hoor je me.” Severus draaide zijn gezicht een stukje naar haar, nu wist ze tenminste zeker dat hij haar had gehoord. “Melian! Ni! Zweinse! Remus! Klap! Boem!” Zei Severus opeens zachtjes. Christina moest eventjes van verbazing met haar ogen knipperen en haar conclusie bijstellen, Severus was niet dronken maar lazarus. “Severus wat?”kon Christina alleen maar uitbrengen met opgetrokken wenkbrauwen. “Ik! Melian! Gaan!” ging Severus veder, hij negeerde compleet de vraag van Christina. “Ho, wacht! Jij gaat hellemaal nergens zelf heen, kom ik breng je naar je kamer.”zei Christina, ze was dan misschien wel boos op Severus maar dat betekende niet dat ze hem terug naar zijn kamer ging laten kruipen –alhoewel…- dacht Christina even bij zichzelf, hij heeft zich wel als een complete zak tegen mij gedragen dus eigenlijk verdiend hij het wel. Meteen voelde Christina hoe een schuldgevoel haar besloop, snel schudde ze die gedachten van zich af. Hoe erg Severus zich ook tegen haar had gedragen ze kon hem niet alleen terug laten gaan, als hem wat zou gebeuren zou ze het zichzelf nooit vergeven. “Nee! Ik! Gaan!”ging Severus in protest. “Severus, je bent zo dronken dat je niet eens zelfstandig kan staan.” Ging Christina er meteen tegen in. “wel!”kon Severus uitbrengen en om te laten zien hoe goed hij wel niet kon staan, veegde hij haar handen van zich af en liet het stambeeld los. Hij deed zijn uiterste best om overeind te gaan staan, waar hij voor wel 5 seconde in slaagde om vervolgens weer terug te vallen op het stambeeld waarbij hij met zijn mond en neus zo op het stambeeld klapte. Geschrokken ondersteunde Christina hem meteen, en pakte ze voorzichtig met haar andere hand zijn gezicht vast om te kijken of zijn neus niet gebroken was. In zijn lip zat een scheur –hij was natuurlijk met zijn tand door zijn lip gegaan- en er kwam wat bloed uit zijn neus maar hij was gelukkig niet gebroken, de rest van zijn gezicht was nog hellemaal intact omdat zijn neus het meeste van de klap had opgevangen.
Opeens totaal onverwachts liet Severus zijn kin op haar schouder zakken. Snel veranderde Christina van houding zodat ze niet samen zouden vallen en het onverwachte gewicht kon houden, helaas moest ze hiervoor haar armen om hem heen slaan. Een warm gevoel bekroop haar en een tinteling ging door haar buik. Ze zuchtte diep, ze haatte het dat ze gevoelens voor hem had.
Severus maakte een raar geluid, het leek wel een soort snik maar toch ook weer niet. Onhandig klopte Christina zachtjes op zijn rug. Ze besefte maar al te goed dat dit een erg raar gezicht moest zijn voor iemand die onverwachts zou komen aanlopen, en dat ze een zeer verkeerde indruk hiermee zouden wekken. Het was maar goed ook dat het nacht was en dat de kans dus erg klein was dat er iemand langs zou lopen. “Severus, kom op. Ik kan je niet dragen, dus ga even een beetje overeind staan. Blijf wel op mij steunen voordat je weer valt. Dan breng ik je naar je kamer.” Severus knikte en ging zo staan dat ze samen konden lopen. Christina hield 1 arm om zijn middel en sloeg zijn arm om haar schouders heen. Samen waggelde ze richting zijn kamer. Opeens leek zijn kamer wel aan de andere kant van het terrein van Zweinstein te zitten in plaast van de kerkers. Normaal deed het ongeveer 10 minuten om van de binnen plaats naar zijn kamer te lopen maar nu deed de wandeling bijna een uur. Omdat Christina de helle tijd moest stoppen om Severus opnieuw overeind te trekken, te zorgen dat hij niet keihard op de grond viel of gewoon pontificaal tegen een deur opliep. Zwetend en hijgend stond Christina met Severus nog steeds tegen haar aanhangend voor de deur van zijn slaapkamer. “Erhm….hoe komen we binnen?”Vroeg Christina toen ze de deur probeerde te openen, maar de deurknop was zo betoverd dat haar hand erdoor heen ging zodra ze hem wou omdraaien.
“Weetnie.”bracht Severus moeizaam uit. Christina rolde met haar ogen en zuchtte geïrriteerd. “Ik weet het ook niet, het is jou kamer!”beet ze hem toe. Severus keek haar even stomverbaasd aan en stak toen zijn hand uit naar de deurknop. “Severus dat wekt niet je hebt- “Christina stopte abrupt met praten. Het was Severus gelukt de deur te openen. Christina rolde met haar ogen, ze had het kunnen weten de deur was gewoon zo betoverd dat alleen hij hem kon openen. Christina haar wangen waren rood, ze veegde het zweet snel van haar voorhoofd voor ze hem naar binnen loosde en hem op zijn bed neer gooiden. Voorzichtig deed ze zijn schoenen uit, Christina hoopte maar niet dat er onverwachts iemand Severus nodig zou hebben. Christina en Severus waren beide bezweet en hijgde een beetje van de lange wandeling en alle inspanningen, iets wat erg raar zou overkomen op een andere docent met name omdat Christina in haar nachtkleding was. Toen ze zijn schoenen uit had deed ze voorzichtig het bovenste gedeelte van zijn gewaad uit zodat hij nog zijn broek en overhemd aan had. Christina besloot hem ook niet veder dan dit uit te kleden en dat hij maar zo moest slapen. “Blijf liggen, ik ga even wat pakken om je gezicht schoon te maken.”Zei Christina. Een paar minuten later kwam Christina terug met een kom warm water en een doek. Ze gebaarde met haar toverstok naar de openhaard, binnen een seconde laaide de vlammen hoog op. Waardoor ze beter zicht had op zijn verwondingen. Severus ging een klein beetje overeind zitten terwijl Christina bij hem op het randje van zijn bed kwam plaats nam. “Jij, mooi”zei Severus plotseling, Christina voelde dat ze rood werd, Severus kraamde dan misschien al de helle tijd wartaal uit, maar dit was behoorlijk duidelijk. “Sshht, niet praten.”zei ze toen. “Anders kan ik je gezicht niet schoonmaken.” In feite had dat er niets mee te maken, Christina kon het gewoon niet horen dat hij wat liefs zei, ze wist dat zodra hij weer nuchter zou zijn. Hij haar weer zou afwijzen en dat deed al genoeg pijn dit maakte het alleen maar erger. Voorzichtig depte ze zijn gezicht schoon, het water in de kom kleurde langzaam rood van het bloed.

Na een tijdje was zijn helle gezicht schoon , Christina had de verwondingen zo dusdanig geheeld dat het gestopt was met bloeden en dat er nog maar een paar kleine wondjes in zijn gezicht zaten. Severus legde zijn hoofd weer op haar schouder en sloot zijn ogen. Voorzichtig ging Christina met een hand door zijn haar, ze wist dat ze dit beter niet kon doen maar ze kon het niet laten. Bezorgd vroeg ze zich af waarom Severus zo ver was gegaan. Ze was dan wel woedend op hem maar ze wist dat dit absoluut niets voor hem was om zo ver heen te zijn. Ze bleef een tijdje zo zitten, toen ze merkte dat Severus zijn lichaam ontspande en hij rustig ademde ging ze er vanuit dat hij sliep. Voorzichtig legde ze zijn hoofd op het kussen en deed ze de dekens over hem heen. Het koste haar ontzettend veel moeite om hem geen kus te geven, maar ze wist haar gevoelens te bedwingen. Snel voordat ze iets echt stoms deed, liep ze naar de deur toe. Ze was bang dat Severus wakker werd dus zo zachtjes als ze kon deed ze de deur open en weer dicht. Ze zuchtte even diep. Wat een nacht! Dacht ze bij zichzelf, morgen zou ze wel even bij Severus gaan kijken hoe het met hem was en uitzoeken waarom hij zich zo gedroeg. Maar eerst was het tijd om te slapen. Een persoon die straalbezopen is naar zijn bed begeleiden was toch een stuk inspannender dan Christina ooit had kunnen bedenken. Ze was in ieder geval goed moe. Snel liep ze naar de slaapzaal van Griffoendorn wat nog een helle opgaven was omdat ze goed moest opletten dat ze niet betrapt zou worden door een docent. Gelukkig ging dat allemaal zonder problemen. Ze wierp nog een snelle blik op Melian haar bed, ze was nog steeds niet terug. Fijn weer een zorg dacht Christina erbij. Maar ondanks haar zorgen viel ze snel in een diepe slaap van uitputting.

De volgende ochtend was Remus al vroeg wakker. Het eerste wat hem opviel was dat Melian nog diep in slaap was en het tweede was dat ze zich had opgerold als een kat en nog steeds tegen hem aangeplakt lag. Als hij zou bewegen zou hij haar waarschijnlijk wakker maken maar dat moest dan maar. Hij schoof voorzichtig van haar weg wat resulteerde in Melian die geërgerd kreunde en zijn shirt beetgreep. Remus staakte zijn poging geluidloos en voorzichtig uit bed te sluipen en besloot dat Melian dan ook maar gewoon wakker moest worden. Ze zou toch ook terug naar Zweinstein moeten of ze nu wilde of niet. "Mels." Begon hij op redelijke en vriendelijke toon. Hij wist niet hoe Melian wakker werd en of ze het hem in dank afnam als hij haar wakker zou maken... misschien ging ze wel met dingen gooien of iets. Melian gromde iets en opende toen 1 oog waarmee ze hem aanstaarde. "Waarom?" Gromde ze zacht en nog schor van de slaap. Remus keek haar onschuldig aan "je kwijlt" meldde hij en direct zat Melian overeind en checkte of hij gelijk had, wat niet het geval was maar ze was in ieder geval wakker. Melian keek hem bestraffend aan en hij liep snel lachend de badkamer in.

Een uur later waren ze beiden aangekleed en klaar en gingen ze eens kijken of er een ontbijt te regelen viel. Madame Rosmerta had alles al geregeld. Tijdens het ontbijt besloot Remus, Melian maar te vertellen dat ze terug moest naar school "Waarom precies?" Vroeg ze geërgerd "Het heeft geen zin om niet meer terug te gaan Mel.
Je kan je broer niet blijven ontwijken en je kan ook moeilijk de rest van je lessen missen." Melian prikte chagrijnig in haar eten "wat moet ik tegen hem zeggen als ik hem zie? Hij probeerde je te vervloeken Remus." Het was duidelijk dat Melian goed pissig was en Severus zou heel wat moeten doen om het goed te maken met haar. Remus dacht na voor hij antwoord gaf "Dat ligt aan jou wat je tegen hem zegt Melian. Van mij part scheld je hem de huid vol maar het is jouw broer. Jouw keuze." Melian knikte met tegenzin "ik wil bij jou blijven." Vervolgde ze zachtjes. Ze keek hem weer niet aan maar had een diepe frons in haar voorhoofd. Wederom was Remus even stil, hoe graag hij haar ook bij hem wilde hebben ze moest haar school afmaken en hij had ook bepaalde dingen te doen. "Ik wil ook bij jou blijven Mel maar je moet gewoon naar school. Ik ben regelmatig in de buurt. Je zal me vaak genoeg zien" hij glimlachte flauw en Melian zuchte "oke oke. Dan ga ik terug naar school. Maar als ik er vanaf word gegooid omdat ik een moord heb gepleegd verwacht ik wel dat je me verbergt voor het ministerie en de dementors." Remus lachtte even "Ik zal het overwegen." Melian rolde met haar ogen en keek hem grijzend aan. Het was nog steeds een beetje vreemd, zij en Remus hadden nu een relatie en ze gedroegen zich ook als een stel maar ze moesten elkaar nog steeds behoorlijk leren kennen en hoewel ze nog in het prille beginstadium zaten van hun relatie wilde Melian eigenlijk helemaal niet meer van hem-

Gescheiden worden. Ze wist niet of Remus het net zo ervaarde als zij maar dat deed er nu niet toe.
Op de terugweg naar Zweinstein hadden ze het gesprek van de vorige avond voortgezet en zo kwamen ze ook steeds meer van elkaar te weten. Zo kwam Melian erachter wat Remus zijn favoriete boeken waren en zijn lievelingskleur en wat zijn patronus was. Remus wist op zijn beurt diezelfde dingen over Melian. Bij de ingang van het terrein van Zweinstein aangekomen werden ze begroet door Minerva Anderling die Melian een preek gaf over het wegblijven van school en bedankte ze Remus dat hij op haar had gelet en haar had terug gebracht en hoewel Remus ook verantwoording aflegde voor het weghouden van Melian kon Anderling moeilijk punten van hem aftrekken. Het moment dat Anderling was verdwenen om les te gaan geven werden ze beiden bijna gewurgd door een overbezorgde Christina. "Oh auch Chris denk om je wurgneigingen!" Waarschuwde Remus haar. Christina liet hem direct los en keek hen beiden streng aan "doe me dat nooit meer aan oke? Ik had geen idee waar je was. Geen berichtje of wat dan ook helemaal niets! Toen je gisteravond niet terugkeerde naar de leerlingenkamer had ik hem niet meer ik heb de hele school afgezocht niets!" Begon Christina ineens te preken tegen Melian die ineens achter Remus stond en hem als menselijk schild begon te gebruiken. "En jij! Je had me best even kunnen laten weten dat je haar had ontvoerd voor de nacht dan had ik niet zo in de rats gezeten bij Merlijns baard Remus ! Jullie hebben me zo ongeveer een hartverzakking bezorgd!" Remus moest moeite doen om niet te lachen "Het spijt me Chris het is niet bij me opgekomen je op de hoogte te brengen." Zei hij verontschuldigend. Christina koelde al af "wat is er gebeurd ? Ik kwam professor Sneep gisteren tegen hij was straalbezopen en ik kon geen wijs worden uit wat hij zei." Remus en Melian gromde tegelijk geïrriteerd en Christina trok een wenkbrauw op. Remus legde in het kort uit wat er was gebeurd en toen hij klaar was met praten was Christina net zo verbouwereerd en boos als Melian was. "Bij Merlijns harige-" "maak alsjeblieft die zin niet af Christina!" Kwam Remus er snel tussenin. Christina keek hem even aan en schudde toen haar hoofd "bah. Nou dat verklaard zijn vreemde gedoe gisteren in ieder geval...Het woord straalbezopen is nog zwaar onderschat met hoe hij er gister aan toe was."
Na nog even te hebben gepraat was het tijd voor de beiden dames om naar hun les te gaan, Melian kuste Remus snel en eiste dat ze elkaar snel weer moesten zien. Remus beloofde dat zodra het kon hij weer langs kwam en hij verdween Christina en Melian samen achterlatend.


“Dus je hebt Severus gisteren gezien?” viel Melian maar gelijk met de deur in huis. “Jep, en hij was nogal ver heen, maar nu ik jou kant van het verhaal heb gehoord is het wel iets duidelijker wat hij nou bedoelde met ze gebrabbel gister.”Zei Christina toen, snel vertelde ze aan Melian het helle verhaal. Het enige wat ze even weg liet was het punt waarop Severus haar mooi had genoemd. Melian hoefde niets te weten van de gevoelens die Christina wel of niet voor Severus had en dat ze hadden gezoend. “Aah..” was het enige wat Melian kon zeggen, ze vond het vreselijk om te horen hoe erg Severus eraan toe was geweest. Ook al was ze nog zo kwaad op hem, en ze wist maar al te goed dat er een rede moest zijn geweest waarom hij zo dronken was. Toch bleef ze boos op hem, momenteel kon ze hem niet luchten of zien. “Misschien moet je aan hem vragen waarom hij zo dronken was? Hij was al dronken voordat hij Remus en mij zag, en dat zal niet zonder rede zijn geweest.” Zei Melian toen. “Ik wil hem even niet zien.” Christina zuchtte ergens had ze het idee dat de zoen tussen haar en Severus er wat mee te maken moest hebben gehad, maar dat kon ze niet tegen Melian zeggen. “Best…”Zei Christina toen met een grom. “Kan ik gelijk zien of die niet uit bed gevallen is en ze nek gebroken heeft…”
“Christina!”Zei Melian geschokt. “Wat? Met hoe lazarus hij was is dat best een mogelijkheid.” Ging ze onschuldig veder. Melian schudde haar hoofd. “Echt….Chris….Hoe?” begon Melian. “Weet je wat, laat maar hier zijn niet eens woorden voor. Laat je even weten hoe het met hem is?” “Ja, alleen dat moet wel wachten tot vanavond, ik ga nu even snel bij hem langs. Daarna ga ik naar zweinsveld op date met Kelso.” “Chris…echt?...Wat? Met hem?” Weer was Melian zo verbaasd dat een goede zin vormen haar teveel moeite kosten. “Ja, met hem. Mijn leven, mijn keuze.”zei Christina toen die geïrriteerd begon te raken van de reacties die ze erop kreeg. Severus had nou ook niet bepaald positief geweest. “Sorry, ik vind gewoon dat je beter verdiend!”zei Melian toen ze hief haar handen op bewijzen van overgaven. “Ik zie je straks.”Zei Christina die er niet meer over wilde praten. Ze gaf Melian een knuffel en ging toen op weg naar Severus.

Christina was eerst even langs de ziekenzaal gelopen, het was nog ochtend dus er waren maar weinig leerlingen op pad. “Wat kan ik voor je doen.”Zei madame Pleister die duidelijk druk in de weer was andere leerlingen te verzorgen. “Erhm….ik heb last van me hoofd en wil daar graag een drankje voor. Ik kan het ook wel zelf pakken ik zie dat u erg druk bent.”Loog Christina. “Ja, pak het zelf maar je weet waar het staat.”zei madame Pleister die opgelucht was dat ze niet nog meer werk had. Christina had hellemaal geen hoofdpijn, maar ze wist wel zeker dat Severus die wel zou hebben en niet zo een beetje ook. Ze stak het drankje in haar zak en liep toen weer terug naar madame Pleister. “Oh, ik had nog een klein vraagje aan uw en ik hoop niet dat u dat erg vind, maar mag ik misschien stage bij u lopen?” madame Pleister keek even verbaast dit had ze niet echt verwacht. “Erhm, ja natuurlijk Christina. Kan je vanavond al beginnen?”Vroeg madame Pleister toen. “Altijd om de een of andere rede is het druk op de ziekenzaal als het dagje zweinsveld geweest is.”Verklaarde ze toen als rede waarom ze wou dat Christina vanavond begon. “Natuurlijk.”Antwoordde Christina die blij was dat ze aan stage had, heelkunde interesseerde Christina altijd erg. “Je grootvader heeft je geloof ik al het een en ander geleerd op heelkundig gebied, toch?” vroeg madame Pleister. “Ja mevrouw, dat klopt.”glimlachte Christina. “Goed dan zie ik je vanavond na het eten, veel plezier in Zweinsveld.” Madame pleister ging snel veder met haar werk en Christina vervolgde haar weg naar Severus.

Ze liep eerst langs het kantoor van Severus, toen daar niemand aanwezig bleek te zijn liep ze naar zijn slaapkamer. Ze klopte luidruchtig op de deur. “Wie is daar?” hoorde ze boos vanaf de andere kant. “Christina.” “Ga weg.” Zei Severus ijzig. Christina negeerde hem en ging gewoon naar binnen. “Fijn Christina, bedankt dat je me hebt geholpen om terug naar me kamer te komen wat nodig was omdat ik te lazarus dat zelf te doen, wat fijn dat je me wonden hebt verzorgt.”Zei Christina sarcastisch. “Bedankt, graag gedaan.”beet ze hem toe. Severus lag nog in bed en zag er zwaar verrot uit. Een ander woord ervoor kon Christina gewoon niet bedenken. Hij had grote wallen onder zijn ogen, zag er nog bleker uit dan normaal en had allemaal kleine korstjes in zijn gezicht. Het was Christina niet gelukt alles te helen. Even overwoog ze hem het drankje tegen de hoofdpijn niet te geven, maar ja nu ze bezig was een goede daad te verdichtten kon ze die maar beter voltooien. “Hier.”zei ze terwijl ze het flesje voor Severus hield. “Tegen de hoofdpijn.” Severus keek haar even wantrouwig aan. “Nee, ik heb het niet zelf gemaakt het komt van de ziekenzaal.”zei ze met een zucht. “Mooi…jou brouwsels worden me dood namelijk….” Zei Severus die het drankje aanpakte en snel achterover klokte.
Christina keek hem quasi beledigt aan, al wist ze maar al te goed dat ze een regel rechte toverdrank ramp was. “Misschien als jij me beter les zou geven dat ik dan niet zo’n ramp zou zijn!” daagde Christina hem uit. Severus keek haar even vernietigend aan. “Er is niets mis met hoe ik les geef.”Beet hij haar toe.

Severus voelde hoe zijn hoofdpijn weg trok nu hij het drankje op had. Hij was Christina dankbaar voor alles wat ze deed , maar hij schaamde zich ervoor dat Christina hem zo had moeten zien. “Severus, weet je alles nog van gisteren?”Vroeg Christina hem toen. Hij keek Christina aan en wist nog hoe mooi ze er gister had uitgezien in der ochtendjas, met haar haar los en zonder make-up. “Ja.”zei Severus kortaf, hij moest zichzelf in de hand houden om haar niet aan te raken. Ook wist hij nog maar al te goed dat hij inslaap was gevallen terwijl hij met haar hoofd tegen haar aan lag, en zij door zijn haar aaiden. Severus zuchtte even gefrustreerd, hij kon niets met Christina beginnen omdat zij zijn leerling was en omdat ze zo jong was. Echter was dat niet zijn grootste probleem, hij was nog verliefd op Lily en Christina was het knapste meisjes dat hij ooit was tegen gekomen. Christina zou genoeg van hem krijgen, net als Lily deed. Uiteindelijk zou ze hem gaan haten en hem verlaten. Severus wilde nooit meer die pijn voelen en dat was de echte reden dat hij nooit meer een relatie aan wou gaan. Hij zag hoe Christina weer plaats nam op de rand van zijn bed. Dat was ook het moment waarop Severus besloot dat zijn handen erg interessant waren. “Severus…..je kan me na gisteren niet meer wijsmaken dat je niets voor mij voelt.”Zei Christina toen streng maar ook lief, Severus voelde hoe zij haar hand op de zijne legde. Hij voelde zijn hart een sprongetje maken toen zij hem aanraakte, de plek waar haar hand lag begon te tintelen. Hij wist dat hij haar hand weg moest duwen, moest zeggen dat ze moest gaan maar hij kon het niet. “Christina, je bent een student…ik ben een leraar dit kan niet.”Zei Severus ter verdediging alsof dat zijn enige beweeg rede was. “Niemand hoeft het te weten.”opperde Christina, haar stem klonk hoopvol en Severus wist dat hij een fout begaan had door haar niet van zich weg te duwen maar dit te zeggen. “Uiteindelijk komen ze het te weten Christina…dat gebeurt altijd.” Ging Severus veder. “Je kan me mijn baan kosten en ik jou je opleiding.”

“Maar dat interesseert me niet!” schoot Christina in de verdediging, ze had nu eindelijk een beetje hoop het was duidelijk dat Severus ook op haar viel, en ze was vastbesloten hem te overtuigen. Ze voelde hoe haar hart tekeer ging en hoe warm ze van binnen werd nu Severus het eindelijk niet meer ontkende. Ze was verliefd op hem en hij op haar en dat was iets wat haar erg blij maakte. “Maar mij wel.”ging Severus door. Hij keek haar aan. “Christina…dit kan niet werken, dit gaat fout. Je bent jong, je denkt alleen maar dat je verliefd op me bent maar dat ben je niet. Binnen een week zou je dat al beseffen binnen een week zou je er alweer een einde aanmaken. Je bent jong en weet niet wat je wilt.” “Ik ben misschien iets jonger dan jou, maar ik ben niet achterlijk. Ik weet precies wat ik wil en dat ben jij!”riep Christina toen boos, maar ze was niet echt boos ze was verdrietig. De hoop die ze had gehad zakte langzaam weg, ze was blij om niets. Als Severus haar echt, echt wilde zou hij meer moeite willen doen en haar niet afwimpelen dat het niet kon omdat hij een leraar was, of omdat ze te jong was. De tranen branden in haar ogen. Ze deed haar best die te verbergen, helaas slaagde ze daar niet in een traan ontsnapte aan haar oog en rolde over haar wang. “Dit zeg je alleen maar omdat je me niet echt wilt…”zei Christina toen gekwetst.

Severus vond dit al moeilijk genoeg om te doen. Hij moest zich inhouden Christina niet vast te pakken of wat dan ook. Het was moeilijk voor hem om haar van zich af te blijven duwen, maar hij moest wel het kon niet anders. Het laatste wat Christina zei sneed als een mes door hem. Hij wilde haar wel, maar kon haar niet de echte rede vertellen waarom het niet kon. Ook als een dooddoener er lucht van zou krijgen dat hij verliefd was op Christina zou ze niet langer veilig zijn, hij zou een gevaar voor haar zijn en dat kon hij zichzelf nooit vergeven. Ook had hij gezworen Lily altijd trouw te blijven haar dood veranderde daar niets van. “Chris…Je bent mooi, je bent lief je vind zo iemand anders die je wel eer aan doet.”Zei Severus toen voorzichtig nam hij haar gezicht in zijn handen zodat ze hem nu wel aan moest kijken. “Je denkt dat dit nu pijn doet, maar over een paar dagen ben je het alweer vergeten.” Probeerde hij, dit werkte averechts, Christina ging nu alleen maar nog harder snikken en ze schudde heftig haar hoofd als protest. “Waarom zeg je die lieve dingen als je me toch niet wilt?”zei ze toen boos. “Omdat ik je wel wil, maar het kan niet…ik ben je docent.”ging hij toen door. Nog steeds ging hij haar niet de echte rede vertellen, maar hij wilde ook niet dat ze zich zo rot voelde. “Je liegt…je bent een lafaard”zei Christina toen boos, nu voelde Severus dat hij boos werd, maar voor hij erop kon reageren voelde hij hoe Christina haar lippen op de zijne drukte, Severus sloot zijn ogen een warm en blij gevoel ging door zijn lichaam, en even kuste hij haar terug. Voor een moment verloor hij zijn zelfbeheersing. Hij genoot van de kus, maar zodra hij weer bij zijn positieve kwam duwden hij haar weg. “Christina…het kan niet.” “Je wilt het wel, anders zou je me niet terug hebben gekust!”ging Christina veder, ze begon nu in paniek te raken omdat ze door kreeg dat Severus niet zou toegeven. “Je bent gewoon een lafaard en niets meer dan dat!” Christina stond op van het bed, duidelijk boos en gekwetst. “En daarvoor haat ik je…je bent laf en daarom zal je nooit gelukkig worden en daarvoor ontzeg je mij ook mijn geluk. We horen bij elkaar Severus of je het nu wilt zien of niet!” “Genoeg…ik ben en blijf je docent ik wens niet zo toe te worden gesproken.” Zei Severus met op elkaar geklemde kaken. Hij was geen lafaard nooit geweest ook. Het deed hem pijn wat ze zei. “Ik wil dat je nu gaat.” Voegde hij er kil aan toe. “Want? Kan je er niet tegen wat ik zeg? Dat je laf bent?” Christina was super boos nu en niet van plan zich zomaar weg te laten sturen, een andere leerling was al lang ergens onder een tafel gekropen als Severus zo boos werd, maar zij trok zich er vrij weinig van aan. Severus voelde dat hij nog bozer werd, ze moest eens weten hoe vaak hij zijn eigen leven in gevaar had gebracht omdat van een ander te redden. Severus stond nu ook op. “Je gaat nu of ik sta niet voor mezelf in. Ik wil dat je gaat en ik wil je de komende dagen absoluut niet zien.”Schreeuwde Severus,Severus zag lijkwit van woede het glazen flesje wat op het nachtkastje stond ontplofte. Hier schrok Christina wel van Severus had nog nooit zo hard tegen iemand geschreeuwd, meestal werd zijn stem zacht en stekelig en verloor hij nooit zijn zelfbeheersing, dus ze wist nu wel dat ze echt te ver was gegaan. De tranen stroomde over haar gezicht ze pakte haar tas op, keek hem nog één keer hoofdschuddend aan en rende toen weg, naar de meisjes wc toe om daar veder uit te huilen en zich op te knappen. Ze wou eerst de date met Kelso afzeggen omdat ze verliefd was op Severus, maar waarom zou ze als hij toch te laf was. Ze sloot zichzelf op in een wc hokje.
Terug naar boven Go down
http://thunderstruckfandoms.bestforumpro.com
Christina Black-Snape
The Queen
The Queen
avatar

Aantal berichten : 676
Registratiedatum : 03-06-15
Leeftijd : 24
Woonplaats : Zweinstein

Karakter kaart
Fandoms: Christina Black-Snape
Favorite Actor/Actress:

BerichtOnderwerp: Re: Lost and damned (Harry Potter)   di jun 09, 2015 11:27 pm

Hoofdstuk 10: Dreiging in de duisternis
Christina liep samen met Kelso door Zweinsveld, ze probeerde Severus uit haar hoofd te zetten en er niet meer aan te denken. Het was inmiddels al een paar uur geleden. Kelso en Christina waren alle winkels al afgeweest en nu gingen ze naar de drie bezemstelen voor een glas boterbier. “Dus, jij en ik zijn een stel?” viel Kelso met de deur in huis. Christina die net een slokje nam stikte half. Hoesten en proestend zetten ze haar drinken neer op tafel. “Zo, beetje snel vind je niet?”Bracht ze uit. “Tuurlijk niet, jij bent het knapste meisje van de school en ik de knapste jongen. Oftewel wij zijn gemaakt voor elkaar.”Lachte Kelso dom. Christina schudde vol ongeloof haar hoofd ze wist dat Kelso dom was, maar niet dat hij achterlijk was. Christina stond op om naar de wc te gaan, ze had niet door dat Kelso ook was opgestaan en haar opeens tegen een muur aan drukte, terwijl hij haar gepassioneerd begon te zoenen.

Remus stond met zijn armen over elkaar geslagen op Melian te wachten die net het kasteel uit kwam gelopen. Ze hadden afgesproken dat als Melian weer niet op Zweinstein wilde blijven dat Remus haar dan op zou pikken en ze gewoon weer een kamer in de Drie Bezemstelen zouden nemen. Vorige keer ging het prima dus waarom nu niet? Remus had echter een heel plan in zijn hoofd uitgedacht over deze avond en die was lang niet zo onschuldig als de voorgaande keer. Hij en Melian waren nu 2 maanden samen en hoewel het perfect was zoals dat het was tussen hen, wilde Remus kijken of ze een stap verder konden gaan. Hij wist niet hoe Melian zou reageren, misschien zou ze hem een klap verkopen en de deur uit stormen om tegen Christina te gaan klagen, of er zou niets gebeuren en werd het gewoon een rustige gezellige avond..of er gebeurde iets heel anders. Je zou het niet zeggen van Remus gezien hij de rustige, beheerste en volledig ‘onschuldige’ Maanling was, zoals zijn vrienden hem altijd noemde, maar onder die kalmte en onschuld ging nog iets heel anders schuil. Melian kwam naar hem toe gesneld en vloog hem om de hals waardoor Remus bijna zijn evenwicht verloor, hij herstelde zich en bleef overeind, anders hadden ze beiden lekker op de grond gelegen. Toen Melian hem had losgelaten keek ze naar hem op “Hey.” Remus grijnsde door haar droge begroeting nadat ze hem bijna had neer getackled “Hey.” antwoordde hij net zo droog. Melian beet even op haar lip en Remus trok een wenkbrauw op “Wat doe je?” vroeg hij droog en Melian liet haar lip los “Nadenken.” dit keer ging Remus zijn andere wenkbrauw ook omhoog “Waar denk je aan?” Melian haalde haar schouders op “Sev-” ze stopte direct met praten toen ze de duistere blik van Remus opving die een dodelijke blik had gekregen zodra de eerste drie letter van Melian’s broer zijn naam waren gevallen “Heb je hem nog gezien?” vroeg hij zich weer herstellend “Nee. Maar genoeg over hem! We zijn nu samen en ik wil niet dat onze avond word verpest door negatieve gedoe.” en daar, was Remus het volledig mee eens.
Ze liepen hand in hand richting Zweinsveld, Madame Rosmerte begroette hen vrolijk toen ze de Drie Bezemstelen inliepen en na nog wat te hebben gedronken, besloten ze dat het tijd was om naar de kamer te gaan. Madame Rosmerte wierp Remus even een snelle blik en knikte, Melian merkte niets van die snelle wisseling van knikjes tussen haar grote liefde en Madame Rosmerta en hupte vrolijk, op de voet gevolgd door een nerveuze Remus, naar hun kamer.

Severus die duidelijk niets had geleerd van de vorige avond was weer in Zweinsveld, op weg naar de drie bezemstelen voor een nieuw glas whisky. Nog steeds piekerend over het gebeuren met Christina. Van binnen wist hij dat dit de beste keuze was, maar toch voelde hij ergens een vlaag van spijt. Wat als ze wel samen gelukkig hadden kunnen zijn? snel verbanden Severus die gedachten weer. Het was onmogelijk. Geluk was niet voor hem bestemd, en zeker niet met een meisje zo als Christina.

Melian was in haar nopjes. Ze was bij Remus, ze hoefde niet aan Severus te denken of aan de lading huiswerk die ze nog moest maken, ze hoefde zich nergens druk om te maken vanavond en dat maakte haar meer dan vrolijk. Remus pikte haar humeur snel op en scheen te genieten van haar vrolijkheid, het was naar zijn zeggen ook aanstekelijk. Hij had wel een beetje een nerveuze indruk gemaakt waardoor Melian voor een moment zich zorgen over had gemaakt maar dat was al snel verdwenen toen Remus haar spontaan had gezoend voor ze de trap hadden bereikt die naar hun kamer leidde, waarbij Remus de sleutel van hun kamer in haar handen had gedrukt. Ze had een vermoeden dat hij iets van plan waar maar niets had haar kunnen voorbereiden op wat ze zag toen ze de deur open gooide. Ze verstijfde in de deuropening en haar mond viel met een zachte plop open toen ze zag wat Remus of liever gezegd, Madame Rosmerta, had gedaan. De kamer was sfeervol verlicht door zo’n 100 kaarsjes die verspreid stonden in de kamer en vrolijk flikkerde. Voor het bed stond een emmer met ijs gevuld en daarin een fles Elfenwijn van zeer goede kwaliteit. In de kamer zweefden lichtbolletjes die haar aan sterren deed denken, ze werden natuurlijk met magie in stand gehouden. Melian was voor een moment te verbaasd, om te reageren maar het moment dat ze had geregistreerd wat ze zag en doorhad wat dit betekende werd ze vuurrood. Ze draaide zich met een ruk om naar Remus die haar met een onderzoekende blik in zich opnam en een beetje van haar verwijderd stond alsof hij bang was dat ze zou bijten. Melian, nog steeds met een hoofd zo rood als een tomaat, opende haar mond om wat te zeggen maar dacht daar beter van, liep naar Remus toe, sloeg haar armen om zijn nek en plantte een kus op zijn mond. Ze voelde hoe Remus tegen haar lippen aan glimlachte en haar toen terugzoende.
Toen ze elkaar loslieten, of nou ja, de zoen verbraken Melian was niet van plan Remus nog los te laten deze avond, kon Melian weer wat zeggen “Waarom ben je zo lief?” vroeg ze zacht. Remus haalde zijn schouders op en grijnsde even opgelaten “Nou, ik vond dat je wel iets speciaals verdiende gezien de recente gebeurtenissen, buiten dat zijn we nu 2 maanden samen. Ik vond het gepast. Is het teveel?” vroeg hij weer bezorgd en Melian schudde fel haar hoofd “Nee! Nee totaal niet. Het is perfect.” Ze maakte zich van hem los en liep de kamer in regelrecht naar de Elfenwijn die daar maar een beetje zielig stond te zijn. Er stonden twee glazen op het tafeltje dat in de kamer stond en ze keek Remus aan met de fles in haar hand “Zullen we deze dan maar open maken? Anders is het zo zonde.” Remus lachte, kwam achter haar aan en schopte de deur achter zich dicht.

Toen hij de drie bezemstelen binnen ging zag hij de bevestiging op wat hij al dacht. Christina stond tegen een muur aan vol met Kelso te zoenen. “Zo Michael Kelso en Christina Zwarts, Zweinsteins nieuwste liefdes koppel.” Het sarcasme droop van zijn stem af. “Interessant om te zien dat een intelligente leerling het aanlegt met een ehm…..”Severus deed even alsof hij heel diep moest nadenken, en hij het echt betreurde. “niet een al te slimme mede leerling.” “Dank u voor het compliment meneer.”zei Kelso toen vrolijk. “Ik had het niet over jou…”Zei Severus met opgetrokken wenkbrauwen. Kelso richten zich weer op Christina. “We kunnen vanavond ook een kamer huren, en het word er dan erg heet als je snapt wat ik bedoel.”Zei Kelso met een lach.
Severus voelde een steek van jaloezie de gedachte van Christina met een andere man was iets wat hem witheet van woede maakte, net toen hij zich wou beroepen op de schoolregels hoorde hij een enorme klets, toen hij keek naar waar de klets vandaan was gekomen zag hij Christina met opgeheven hand en Kelso met een vuur rode wang die snel zou beginnen met dik worden. Severus moest moeite doen om niet te lachen.

Zodra de fles Elfenwijn was open gegaan en ze het eerste glas hadden leeggedronken begon Melian na te denken. Ze had hier al eerder over nagedacht, maar ze had nooit precies geweten hoe ze het moest zeggen of wat ze ermee moest doen. Nu had Remus dit voor haar gedaan en ze was ontroerd en geraakt dat hij zoiets voor haar zou doen. Melian wist dat Remus lief was en zorgzaam maar dat hij romantisch was had ze niet direct achter hem gezocht. Remus kwam nu heel ontspannen over, hij lag op zijn zij op bed en hield zichzelf half omhoog met zijn arm terwijl hij in zijn andere hand het volgende glas elfenwijn al had. De fles was ondertussen al bijna leeg en Melian begon zich licht in haar hoofd te voelen maar niet zo erg dat ze niet meer helder kon nadenken en niet meer wist wat ze deed. Ze keek Remus bedachtzaam aan “Waarom kijk je alsof je iets ernstigs moet vertellen?” vroeg Remus droogjes. Hij keek naar zijn glas en niet naar haar dus hoe had hij haar blik gezien? Oh wacht, ze hadden het over Remus natuurlijk, hij zag alles. “Ik bedacht me gewoon iets. Heb er al vaker over nagedacht maar ik weet niet hoe jij erop reageert en hoe je erover denkt... Ik wil mezelf niet voor schut zetten.” die Elfenwijn moet toch meer effect op haar hebben dan dat ze had gedacht. Ze praatte een stuk makkelijker nu. “Maak je daar maar geen zorgen over. Zeg wat er op je hart ligt.” Remus keek haar vragend aan en Melian twijfelde even maar besloot toen toch maar de gok te wagen “We zijn 2 maanden samen.” begon ze langzaam zonder hem aan te kijken, in plaats daarvan keek ze naar haar half lege glas “Ik vroeg me gewoon af of je al over ehm ‘Dat’ had nagedacht.” Remus keek haar even niet begrijpend aan en Melian kon bijna zijn hersens horen kraken terwijl hij nadacht over wat ze precies bedoelde. Maar Melian was niet van plan zich nader te verklaren en bleef zwijgen, ineens gleed er iets van begrip over het gezicht van Remus en hij tikte even tegen zijn glas aan voor hij die op het nachtkastje neerzette en zelf ook rechtop ging zitten. Remus koos zijn woorden zorgvuldig voor hij ze uitsprak “Ik heb erover nagedacht...” begon hij langzaam “Maar, je moet weten dat ik nooit iets zou doen of je ergens toe zou dwingen wat je niet wilt.” Melian schoof naar hem toe “Dat weet ik.” ze keek hem vastberaden aan, Remus gleed even met zijn hand door der haar en liet hem toen op haar wang rusten “Wat wil je Mel? We hoeven niets te doen.” “Ook dat weet ik Remus. Maar ... Ik heb hier zelf ook over nagedacht en ik kan me niemand beters bedenken met wie ik dit zou willen doen, of uberhaupt zou kunnen doen. Je weet wat ik voor je voel en dat veranderd niet.” Remus keek haar nog even berekenend aan maar zijn twijfels verdwenen door haar vastberaden bijna uitdagende blik en liet toen al zijn twijfels voor wat ze waren.

“Raak me nooit, maar dan ook nooit meer aan.”Zei Christina dodelijk tegen Kelso, ze veegde haar mond af. Ze walgde ervan dat Kelso haar had gezoend en was blij dat Severus binnen was gekomen, het lukte haar niet om Kelso van zich af te duwen, maar aan de andere kant voelde ze zich woedend worden. Hij wilde haar niet maar had wel het lef zich te bemoeien met haar liefdes leven? Het ging hem hellemaal niets aan! Christina zag hoe Kelso geschrokken achteruit deinsde. “Kom nog één keer in mijn buurt, al zeg je maar hoi tegen me. Ik vervloek je zo erg dat je dat mooie snoetje van je nooit meer terug ziet.”Zei Christina dreigend. Kelso keek haar nog steeds geschrokken aan en rende toen weg, waarbij hij eerst nog het boterbier van de tafel stootte, tegen een paal aan rende, over zijn eigen voeten struikelde en als klap op de vuurpijl de deur vergat te openen waardoor hij er keihard tegen op knalde en op de grond viel. Toen Kelso verdwenen was richten Christina al haar woede op Severus. “En wat denk jij wel niet, kan je lachen!”begon ze te schreeuwen tegen hem. Severus keek even snel om zich heen maar er waren geen bekende hier in de driebezemstelen, dus ging hij veder met Christina geamuseerd aan te kijken, hij moest nog steeds op ze tanden bijten om niet te gaan lachen. “Je maakt me meer dan duidelijk, dat je niets met me wilt, dat ik veder moet gaan gelukkig moet worden met een ander en ondertussen sta je te bemoeien met mijn liefdes leven. Geef je er commentaar op, word je er boos om, ja ik zag heel goed hoe je keek!”Christina haalde even adem om haar geschreeuw te vervolgen maar voordat ze het wist werd ze weer tegen de muur aangedrukt, alleen dit keer door iemand van wie ze het wel wilde en begon Severus haar vol passie te zoenen. Even verstijfde Christina, voordat ze hem terug zoende. Christina sloot haar ogen en voelde haar hart tekeer gaan in haar borst.

Severus vond het geweldig om te zien hoe Christina tekeer ging tegen Kelso. Er gebeurde iets wat er al in geen jaren meer gebeurd was hij moest lachen. En ergens moest hij toegeven moorddadige Christina, was sexy Christina. Hij voelde nu pas echt hoe verliefd hij eigenlijk wel niet op haar was, een gevoel wat hij nooit zo sterk had gevoeld als nu. Hij luisterde aandachtig naar haar tirade die ze inmiddels tegen hem begonnen was, eigenlijk verstond hij er geen woord van, terwijl ze luid en duidelijk sprak en kon hij alleen maar naar haar kijken hoe aantrekkelijk ze wel niet was.
Voordat Severus zich kon bedenken maakte hij een beslissing en duwden haar tegen de muur aan, hij keek haar even diep in de ogen voordat hij haar zoende om haar de mond te snoeren, een gevoel van geluk wat hij nooit eerder zo sterk had gevoeld voelde hij door zich heen gaan en voor even vergat hij alles, alles wat hij gedaan had en alles waar hij bang voor was. Na een tijdje verbrak Severus de kus en voelde opeens een stekende pijn op ze wang.

Zodra Severus stopte sloeg ze hem. “Die is voor dat je zo een flubberwurm bent geweest de afgelopen tijd!” zei Christina boos, ze had hem veel minder hard geslagen dan Kelso, pakte hem weer vast bij de voorpand van zijn gewaad en kuste hem weer, Severus gaf zich gewillig hieraan over en kuste haar terug. Na een tijdje verbrak hij de kus weer. “Chris…straks ziet iemand ons laten we terug
gaan naar Zweinstein.”Severus streek haar zachtjes over haar wang om haar gerust te stellen toen hij haar geschokte blik zag. Ze was bang dat hij haar weer zou afwimpelen maar tot haar opluchting was dat gelukkig niet zo, ze zuchtte even van verlichting, en al snel voelde ze zich weer dolblij. “Dus je geeft het eindelijk toe?”vroeg ze hem toen liefelijk. Severus die moeite had om over zijn gevoelens te praten knikte daarom even alleen maar ter bevestiging. “We moeten wel het een en ander bespreken.”zei ze toen. “Dat kan beter op mijn kantoor.” Christina vond het jammer dat Severus niet echt antwoordden maar ze besefte dat ze hem hierin de ruimte moest geven en ze knikte.

Severus en Christina liepen zwijgend richting Zweinstein, de stilte was een beetje gênant. Geen van beide wist wat ze moesten zeggen. Wanneer hun blikken kruiste glimlachte Christina naar hem. Severus glimlachte niet terug maar keek wel met een blik waarvan ze wist dat maar weinig mensen zo’n blik van hem kregen, het was bijna aardig zelfs. Christina stopte even met lopen en keek snel om zich heen er liep niemand en ze drukte snel haar lippen op die van Severus. Severus kuste verbaast terug, maar keek wel behoedzaam om zich heen of er geen andere leraren/leerlingen liepen, maar het was nog vroeg dus de meeste leerlingen bleven voorlopig nog in zweinsveld. Christina verbrak de kus, ze had haar ogen nog dicht en haar voorhoofd tegen dat van Severus aan. Severus had een arm om haar middel geslagen, de andere ging zachtjes door haar haar. “Sorry dat ik je een lafaard noemde, je maakte me gewoon zo boos….”Zei Christina toen ze had er oprecht spijt van. “Ik….ben ook niet bepaald aardig geweest.”Bracht Severus langzaam en moeizaam uit, hij had er duidelijk moeite mee zijn excuses aan te bieden. Een glimlachje verscheen op haar gezicht, ze accepteerde dit als een excuus. “Brrr…die wind is koud.”merkte Christina opeens op, het waaide erg hard, het was dan ook herfst. De bladderen aan de bomen waren verkleurd en begonnen langzaam van hun takken te vallen. “Welke gek loopt er dan ook met alleen een gewaad en zo een dun manteltje buiten in de herfst.”merkte Severus op. Christina bloosde, Severus had gelijk ze had dan wel haar Zweinstein gewaad aan, maar echt warm was die niet en daarover heen had ze een zijde mantel. Erg mooi, alleen totaal niet warm. Severus zuchtte en deed zijn sjaal af. “Hier.”zei hij en hij maakte aanstalten om hem bij haar om te doen Christina glimlachte en liet het hem doen. Severus drukte zachtjes een kus op haar slaap, weer voelde Christina de tinteling door haar lichaam gaan, die ze altijd voelde als Severus haar ook maar aanraakte. Severus voelde zich een beetje ongemakkelijk, hij had het idee dat hij Lily bedroog. Hij probeerde die gedachte uit zijn hoofd te verbannen en alleen maar aan Christina te denken, hij voelde zich prettig bij haar en eindelijk kon hij toegeven aan het gevoel waar hij nu al weken mee rond liep. Zachtjes drukte hij nog een kus op haar lippen.

Melian’s handen trilden toen ze Remus zijn shirt over zijn hoofd uittrok, ze liet haar blik even over zijn bovenlichaam glijden en voelde een steek van medelijden door haar heen gaan toen ze de verzameling littekens zag die kris kras over zijn hele borst en buik liepen, ze kon er echter niet lang bij stilstaan gezien Remus haar afleidde doordat hij ook haar shirt uittrok. Hij haalde even scherp adem toen hij haar shirt ergens in de kamer had gedeponeerd en hij haar kon bekijken. Geen van beiden waren ze van plan snel te gaan of dingen te overhaasten, Remus al helemaal niet omdat hij 1. Melian de kans wilde geven om zich te bedenken mocht ze dat willen en 2. Hij zelf niet snel wilde gaan omdat het voor hen beiden de eerste keer was. Melian liet haar vingertoppen over het grootste litteken op zijn borst heen glijden wat bij Remus kippenvel veroorzaakte. Voorzichtig duwde Melian Remus op zijn rug tegen het matras en kroop op hem om hem vervolgens weer te zoenen terwijl ze haar handen de vrije loop liet gaan. Remus had een hand in Melian’s haar laten glijden en de andere om haar heup heen geslagen, zo lagen ze een tijdje tot Melian ongeduldig werd. Ze konden het rustig aan doen maar op dit tempo zouden ze volgend jaar nog niets gedaan hebben.

“Zo, zo wat hebben we hier?” hoorde ze opeens een maar al te bekende stem zeggen. Snel verbraken ze de kus. De rillingen liepen over Severus zijn rug heen, iets wat altijd gebeurde als hij die stem hoorde. Snel duwde hij Christina achter zich en ging beschermend voor haar staan. “Nooit gedacht dat mijn nichtje zich zo erg zou verlagen tot de half bloeden.”Ging de stem poeslief veder. “Jij bent een dochter van het nobele huis Zwarts….Jij vuile bloed verrader!”de stem werd steeds harder en krankzinniger, het laatste schreeuwde ze zowat tegen Christina. “En het ergste is nog.” Nu klonk er gespeelde medelijden door haar stem. “Dat het ook nog eens een verader is, waarmee je gaat.”
“W-wat doe jij hier.”zei Christina angstig. “Jij hoorde bij jeweetwel, waarom ben je niet opgepakt Bellatrix.” Ze probeerde haar angst te verbergen haar nicht was zwaar gestoord en zou er niet mee zitten om een van hun wat aan te doen. “Christina blijf achter me.”Zei Severus die inmiddels zijn toverstok in de aanslag had. Christina deed wat hij zei maar pakte ook haar eigen toverstok.”Denk jij nou echt dat die stelletje waardeloze onbenullen van het ministerie mij te pakken zouden kunnen krijgen?”zei Bellatrix schel, een glimlachje speelde om haar lippen. “Ik wist niet dat docenten van Zweinstein hun privé hoer mochten. “grinnikte ze toen. was duidelijk iets van plan. “Wat wil je.”Snauwde Severus. “Oh Sneep.”Bellatrix trok weer geen gezicht en een stem alsof ze medelijden had. “Het is niet wat IK wil maar wat WIJ willen.” Er verschenen nog 5 andere dooddoeners om Christina en Severus heen, ze waren omsingeld. Severus trok lijkbleek weg, wij….alleen Bellatrix was al een lastige tegenstander, maar nog 5 andere dooddoeners erbij was ongelofelijk. Voordat Severus ook maar iets kon doen had Christina al een patronus – een vos- opgeroepen en naar Zweinstein gestuurd. Christina stond nu met haar rug tegen die van Severus aan zodat ze elkaar rug dekking gaven. Bellatrix lachte. “Hoe schattig, denk je nou echt dat je ons kunt stoppen, dat ze op tijd zullen komen?” “Voor dat je het weet is Perkamentus hier en die zal jullie zeker stoppen!” riep ze, ze kon haar angst nu beter verbergen, met haar vrije hand zocht ze naar die van Severus. Severus kneep even troostend in haar hand als teken dat het wel goed zou komen en liet die toen snel weer los. “Haal ze uit elkaar.”blafte Bellatrix tegen een dooddoener die Severus herkende als Edwin Roselier. Severus bleef berekend kijken, zodra er ook maar een vinger naar hem of Christina werd uitgestoken zou hij toeslaan. Hij wist dat ze met ze tweeën niet zes grote dooddoeners aankon, hij hoopte maar dat ze de boel lang genoeg op konden houden tot professor Perkamentus er zou zijn. Maar voordat Roselier ook maar in de buurt kon komen had Christina hem al vervloekt. Hij lag nu kermend van de pijn op de grond met zijn handen voor zijn gezicht geslagen. Roselier was er duidelijk niet op voorbereid dat een studentje hem zou vervloeken. Bellatrix lachte schel, en voordat Severus het ook maar besefte werden er vloeken van alle kanten op hun afgevuurd. Christina probeerde Severus zo veel mogelijk rug denken te geven en zo veel mogelijk vloeken af te weren, Severus deed het zelfde bij haar. Zo lang ze stand konden houden hadden ze een kans. Helaas was dat van Severus te vroeg gedacht. “CRUCIO!”riep Bellatrix ze richtten haar toverstok op Christina die nu op de grond viel, ze had stuiptrekkingen van de pijn, maar ze weigerde te gillen. Ze hield haar lippen stijf op elkaar. Severus wilde naar haar toe rennen om haar te beschermen, helaas liet hij hierdoor de verdediging verslappen – wat sowieso al een stuk minder sterk was nu Christina op de grond lag- “Crucio!”herhaalde Bellatrix lachend, Christina probeerde zich uit alle macht te verzetten en op te staan. “Nichtje lief, het is maar goed dat je je nooit heb t aangesloten bij de heer van het duister…je bent zwak.”zei ze alsof het haar speet. “Pak hem nu!”gilde Bellatrix opeens, ze wist dat Severus er nu alleen voor stond. “Het is tijd voor wraak jij onderkruipsel!” en met ze zessen tegelijk –Roselier was inmiddels weer overeind- vuurde ze zoveel mogelijk vervloekingen op Severus af. “Jou dood zal niet snel en pijnloos zijn.”grinikte Rodolphus, de man van Bellatrix zijn broer Rabastan was er ook bij. “Bella schat, als je zo lief zou willen zijn.”Grijnsde hij. Severus zat inmiddels op zijn knieën op de grond, naast Christina die bewusteloos was, ze was flauw gevallen van de pijn. Bellatrix had meerdere malen de curciatus vloek op haar gebruikt. Hij had haar hand vast. Hij probeerde zich snel weer bij elkaar te rapen zodat hij zich kon verweren, hij wist wat er komen ging als Bellatrix de gene was die ze op hem afstuurde. Niet alleen voor zichzelf maar ook voor Christina hij zou haar beschermen koste wat het kost, al werd het zijn dood“CRUCIO!” Bellatrix richtten zijn staf op Severus en hij voelde een vreselijke pijn door zijn lichaam gaan, ondanks de pijn maakte hij geen geluid. Heftig verzetten hij zich tegen de vloek. Langzaam probeerde hij op de staan wat lukte maar voordat hij goed en wel stond herhaalde Bellatrix de vloek meerderen malen. Severus kwam met moeite overeind, maar wel zo snel dat voordat Bellatrix er erg inhad Severus Ravenwoud had weten te verlammen met een lamstraal. Als wraak vuurde Bellatrix nog een keer Crucio op hem af, waardoor hij weer dubbel klapte van de pijn. Severus hoorde Christina gillen ze was wakker maar vaalhaar had haar zo vast dat ze geen kant op kon, terwijl Severus bezig was met Bellatrix had hij zijn kans gezien om haar te pakken. “Ik wil haar levend.” Eiste Vaalhaar. Bellatrix lachte. “Doe wat je wilt met haar.” Severus kreeg een hol gevoel in zijn maag, hij wist maar al te goed wat voor beest Vaalhaar was. “Blijf van haar af.”Siste hij gevaarlijk. “Oh, de verader kan nog praten ik moet vrees ik beter me best doen. We kunnen hem niet teleurstellen toch jongens?” vroeg Bellatrix aan haar mede dooddoeners er werd instemmend geknikt en Bellatrix ging veder met het martelen van Severus. “NEEEE!” gilde Christina die heftig om zich heen schopte en trapte om los te komen. “Doe hem niets!” Severus hoorde de angst in Christina haar stem hij probeerde haar aan te kijken om haar gerust te stellen dat het wel goed kwam, de tranen rolde over haar wangen. Severus zag dat ze een diepe snee in haar gezicht had. Bellatrix zuchtte geïrriteerd, ze kon het niet uitstaan dat Severus zich bleef verzetten tegen de vloek, precies toen hij naar Christina keek besloot ze dat het klaar was en vuurde ze non verbaal een vloek op Severus af, Severus die afgeleid was door Christina had het niet eens door tot hij een scheper pijn in zijn borst voelde.
Christina gilde zo hard dat het een wonder zou zijn als ze dat niet op Zweinstein zouden hebben gehoord. Het bloed spatte uit Severus zijn borst, Christina begon nog harder te schoppen en te slaan waardoor Vaalhaar zijn grip op haar verloor, snel rende ze naar Severus toe die inmiddels op de grond lag, ze zag hoe het bloed zijn mond vulde. “Nee, Severus blijf wakker. “snikte Christina. Bellatrix keek vol minachtig naar het koppel. “De liefde heeft je zwak gemaakt Sneep, het word tijd dat we er een definitief einde aan maken.”Bellatrix hield haar toverstok omhoog. “Avada-“ begon Bellatrix, maar voordat ze de spreuk kon voltooien had Christina een soort magische koepel om haar en Severus heen opgeroepen. Ze had Severus zijn hoofd voorzichtig op haar schoot gelegd en drukte met haar handen de wond in zijn borst dicht om het bloede te stelpen. “Blijf wakker.”Commandeerde Christina hem. Severus keek verbaast naar de koepel om hun heen, dit was een zeer moeilijke vorm verdediging magie en de enige andere persoon die Severus dat ooit had zien doen was niemand min der dan Albus Perkamentus. Severus vocht keihard om zijn ogen open te houden, wat hem extreem veel moeite kosten. Hij probeerde zich te concentreren op Christina haar gezicht en stem.
“Wat krijgen we nou…”Mompelde Rodolphus toen de vloek van Bellatrix miste. “Dat schild kan niet eeuwig stand houden.”Zei Vaalhaar toen hij glimlachten geamuseerd. “Je kan het beter opgeven kleine meid. Laat het schild maar zaken en we zullen jou sparen.” Christina negeerde hem en ging er niet op in. “Severus hulp is onderweg, blijf nog even wakker het duurt niet lang meer.” Christina hoopte ook echt dat het niet lang meer zou duren, ze zou niet lang stand houden, maar dat zou ze de dooddoeners niet laten merken. Het klonk alsof het heel hard regende binnen in het schild. Christina keek weer op en zag dat de dooddoeners nu met ze allen tegelijk spreuken afvuurde op het schild. Christina slikte even, het schild zou niet lang meer houden en dan moest ze zichzelf en Severus verdedigen. Christina bond snel haar sjaal – die eigenlijk van Severus was- strak om zijn middel heen zodat het bloed lichtelijk gestelpt werd. Ze deed haar mantel uit en legde die onder Sneep zijn hoofd, haar gewaad deed ze ook uit, zodat ze alleen nog in haar blouse en haar rokje stond wat alle leerlingen van Zweinstein onder hun gewaad droegen. Ze legde haar gewaad over Severus heen zodat hij warm zou blijven zachtjes gaf ze hem een kus op zijn voorhoofd. “Blijf wakker.”commandeerde ze hem. “Chris nee!”Zei Severus met moeite, hij wist al wat ze van plan was, maar voordat Severus er ook maar iets aan kon doen- wat vrijwel onmogelijk was aangezien hij niet eens kon zitten- stapte ze met opgeheven toverstok het schild uit. Christina voelde de koude wind, maar ze probeerde die zo goed mogelijk te negeren. Ze wist dat ze geen kans maakte in haar eentje tegen vijf dooddoeners dus ze probeerde het op een andere manier. “Zeg Bella, ik snap wel dat je zo’n grote mond hebt.” Grijnsde Christina, ze deed net alsof ze totaal niet bang was en op haar dooie gemak daar stond. Bellatrix keek verbaast. “Wat?” bracht ze verbouwereerd uit. “kijk als ik met ze vijven tegen een 17 jarig studentje zou vechten ja dan zou ik ook wel zo’n grote mond hebben. Daar is natuurlijk niets bijzonders aan.” Ging Christina nonchalant veder. “Suggesteer jij, dat ik jou niet aan zou kunnen als ik alleen zou zijn?”Vroeg Bellatrix beledigt, weer ging ze bij ieder woord dat ze zei harder praten zodat ze aan het einde van de zin schreeuwde. “Ik suggesteer niets…Ik wéét het gewoon.”Glimlachte ze. “Dan wordt het hoogtijd voor een krachtmeting.”zei Bellatrix. “Het word tijd dat ik mijn nichtje een lesje leer…Jullie bemoeien je nergens mee.”Blafte Bellatrix tegen haar mede dooddoeners. “Bella doe nou niet, hier hebben we geen tijd voor.”begon Rodolphus. “Wil je soms dat ik aan de heer van het duister vertel wat voor een lafaard mijn eigen man is?!”snauwde Bellatrix. “De heer van het duister zou je hiervoor om moeten brengen! Maar zelfs daar ben je nog te min voor.” Bellatrix keek hem volminachting aan en spuugde de woorden naar hem. Rodolphus stak zijn handen op ten teken van je doet maar wat je wilt. “Goed een duel, jij en ik nichtje.”Grinnikte Bellatrix nu, haar ogen twinkelde bij de gedachte dat ze haar nichtje kon verwonden.

Christina was dolblij dat ze non-verbale spreuken kon en al een redelijk goede Occlumens was, haar grootvader Albus Perkamentus had dat haar geleerd. Ze deed ook haar voordeel ermee dat Bellatrix dit niet wist, en in tegenstelling tot Severus zetten Christina meteen de aanval in op Bellatrix, ze gebruikte een spreuk die ze van Sirius had geleerd. Sectusempra! Dacht ze bij zichzelf en hief haar stok op Bellatrix, omdat Bellatrix zag dat ze haar stok hief probeerde ze ondanks dat ze niet wist wat er op haar afgevuurd werd de vloek tegen te houden, hier slaagde ze deels in, een grote snee verscheen op haar linkerwang en in haar linkerarm, het bloed gutste eruit. “Jij…kleine…” voordat Bellatrix haar zin kon afmaken volgde er een grote flits en een klap Bellatrix lag op de grond, buitenwesten- ze zou duidelijk voorlopig niet meer bij komen- Christina keek naar de oorzaak en zag dat het haar grootvader was. Ze slaakte een zucht van verlichting, waardoor ze niet door had dat Roselier haar probeerde te vervloeken, gelukkig was Alastor Dolleman er ook en die starten het gevecht met Roselier. Christina hield zich nu bezig met Vaalhaar, en Perkamentus richtten zich op Rabastan en Rodolphus van Detta. Christina kreeg een vloek in haar gezicht waardoor haar neusbrak, ze spuugde wat bloed uit haar mond maar gaf niet op. Ze glimlachte even vals naar Vaalhaar met een –dit is de grootse fout van je leven- blik keek ze hem aan. Heel even leek het of Vaalhaar achteruit deinsde, maar voordat je dat ook maar goed kon zien had ze hem al verlamd.

Christina rende snel naar Severus terug, die nog steeds in het schild lag. Christina was verbaast dat het haar zo lang gelukt was een schild op te roepen. Ze zag dat Alleen nog Alastor in gevecht was met Roselier en dat de rest van de dooddoeners uitgeschakeld op de grond lagen, ze besloot het schild op te heffen. Vervolgens voelde ze hoe haar binnenste ijs werd. Severus had zijn ogen gesloten, was lijk wit, lag in een grote plas bloed, en was ijskoud. “Nee…” bracht ze uit, ze voelde de tranen opwellen in haar ogen. Perkamentus knielde aan de linkerkant van Severus en voelde aan zijn pols. “Ik voel een hartslag, zwak.”Was het enige wat hij zei en hij toverde een brancard tevoorschijn en voordat Christina het besefte waren ze onderweg naar Zweinstein. Christina was nog deels in shock, ze had niet eens door dat ze hellemaal onder het bloed zat alsof ze zojuist iemand had afgeslacht. “Christina ren vast voorruit, en waarschuw madame Pleister.”Christina knikte, ze wierp een korte blik op Dolleman, zijn neus bloedde ernstig, maar Dolleman leek het niet door te hebben hij was druk bezig om alle dooddoeners te knevelen. Christina wou hier ook zo snel mogelijk weg, ze wist dat Dolleman al de dementors had opgeroepen, het zou niet lang meer duren voordat ze hier zouden zijn. Christina zetten het op een lopen, ze rende zo hard als ze kon. Alsof het voor haar eigen leven was -wat dus eigenlijk voor Severus zijn leven was- ze negeerde het brandende gevoel in haar longen.


Een straaltje zonlicht scheen brutaal over Melian’s gezicht heen waardoor ze geïrriteerd een oog open deed en boos naar buiten keek, het kleine stukje van het raam dat niet afgedekt was door het gordijn zorgde ervoor dat de zon naar binnen scheen, de zon had blijkbaar besloten dat het tijd was voor Melian om wakker te worden al was Melian het daar totaal niet mee eens. Maar toen ze naast zich keek waren al haar bezwaren spontaan verdwenen. Remus lag nog diep en vredig te slapen, wat betekende dat ze hem ongestoord kon gaan zitten bekijken. Ze staarde naar de man van wie ze in een korte tijd was gaan houden en waarmee ze de nacht van haar leven had beleefd. Het was meer dan perfect geweest, Remus was zo lief en voorzichtig geweest en toen ze in elkaar was gekropen door de onverwachte pijnscheut die door haar heen was gegaan toen het zover was, was Remus direct verstijfd en had gewacht tot zij toestemming had gegeven om verder te gaan. Melian glimlachte onbewust, ze merkte wel dat ze een beetje stijfjes was maar ze kon niet zeggen dat ze dat erg vond. Ze liet haar blik nogmaals over de vele littekens op zijn lichaam glijden en toen naar zijn gezicht. Hij zag er zo onbezorgd uit als hij sliep, alsof niets hem dwars zat al wist Melian wel beter. Hij zei het misschien niet hardop maar ze wist dat de dood van Lily en James hem harder had getroffen dan hij liet blijken en dat de opsluiting van Sirius hem ook zwaar viel. Over Peter zei hij niet veel, niet dat Melian ernaar vroeg maar ze had het idee dat Remus het niet over hem wilde hebben en dus liet ze het gaan. “Je staart.” mompelde Remus ineens onverwachts waardoor Melian zich zo ongeveer een driedubbele rolberoerte schrok. Hij had zijn ogen nog gesloten maar er speelde een flauwe glimlach om zijn lippen. “Ik staar niet, ik bewonder.” murmelde ze lichtelijk beschaamd. Remus zweeg maar de glimlach was breder geworden “Je staart nog steeds.” meldde hij nadat Melian een volle minuut nog steeds haar blik niet van hem had afgewend “Problemen mee?” vroeg ze uitdagend, dit keer deed Remus wel zijn ogen open en keek haar aan “Niet bepaald. Bevalt het je ?” Melian lachtte “Meer dan je beseft.” ze drukte snel een kus op zijn lippen en kwam toen half overeind de dekens meetrekkend zodat ze bedekt zou zijn, het was niet bepaald warm. Remus kreunde even toen ze de dekens van hem aftrok “Hoe laat is het?” gromde hij terwijl hij de dekens van Melian probeerde terug te stelen die ze stevig vast hield “Geen idee.” Remus zuchtte nog even, besloot toen dat het niet uitmaakte hoe laat het was, greep Melian bij haar heupen, pinde haar onder hem en keek haar aan “Hoe voel je je ?” vroeg hij met een bezorgde blik en Melian rolde haar ogen “Hoe vaak ga je dat nog vragen?” “Net zo vaak tot ik er zeker van ben dat je echt oké bent.” “Dan blijf ik net zo vaak herhalen dat het prima gaat. Meer dan prima. Ik voel me super.” ze grijnsde vrolijk en Remus ontspande en liet zich weer naast haar vallen en trok direct de dekens met zich mee waardoor Melian een verontwaardigde kreet slaakte toen zij ineens dekenloos was. “Hee!” ze stoeide even en vochten om de deken tot ze besloten dat het tijd was om uit hun roze bubbel te stappen en zich weer moesten gaan mengen in de echte wereld. Melian had een hoop commentaar gegeven daarop maar had toegegeven dat ze moeilijk hier de hele dag konden blijven liggen. Niet dat ze daar bezwaar tegen zou hebben maar goed.

Nadat ze zich hadden aangekleed en hadden ontbeten was het weer tijd om Melian terug te brengen naar school. Geen van beiden wilde ze eigenlijk afscheid nemen maar ze hadden al afgesproken heel snel weer bij elkaar te komen. Remus had zijn arm om Melian der schouders heen geslagen en Melian hield zijn hand vast, ze liepen samen alsof ze al jaren samen waren en nooit iets anders hadden gekend dan elkaar. Beiden perfect tevreden met hoe ze zich nu voelde niet wetende dat die perfecte roze bubbel waar ze nog in zaten elk moment uit elkaar kon barsten. Dat moment kwam toen ze het terrein van Zweinstein op liepen, Remus fronste even diep en had het idee dat er iets niet klopte. Melian pikte de verandering in zijn humeur direct op “Wat is er?” vroeg ze bezorgd. Remus schudde even zijn hoofd “Er klopt iets niet...” mompelde hij meer tegen zichzelf dan tegen Melian. Ze liepen door over het terrein en Remus kon het gevoel dat er iets goed mis was niet van zich afschudden.
Terug naar boven Go down
http://thunderstruckfandoms.bestforumpro.com
Christina Black-Snape
The Queen
The Queen
avatar

Aantal berichten : 676
Registratiedatum : 03-06-15
Leeftijd : 24
Woonplaats : Zweinstein

Karakter kaart
Fandoms: Christina Black-Snape
Favorite Actor/Actress:

BerichtOnderwerp: Re: Lost and damned (Harry Potter)   di jun 09, 2015 11:28 pm

Hoofdstuk 11 : Als een donderslag
Christina kwam hijgend aan op de ziekenzaal, onderweg was ze uitgebreid aangestaard door leerlingen die grote ogen opzetten toen ze zagen dat ze onder het bloed zat. De reactie van madame Pleister was niet veel anders, met grote ogen keek ze naar Christina. “Wat heb je gedaan?! Ben je gewond?”vroeg madame Pleister bezorgd. Christina hijgde nog steeds ze stond gebogen met haar handen op haar knieën uit te puffen en kon niet echt praten ze schudde vel haar hoofd. “Heb je iemand vermoord?” vroeg madame Pleister nu nog meer geschrokken. “Nee!”Bracht Christina met moeite uit. “Professor! Sneep! Dooddoeners! Gewond!” Tussen ieder woord stopte Christina even om naar adem te happen. “Hierheen!” Voordat Christina nog een ander woord kon zeggen vloog de deur van de ziekenzaal al open. Perkamentus kwam binnen gevolgd door de brancard, hij was echter niet de enige die naar binnen liep, professor Anderling volgde hem op de voet. Christina bedacht zich dat Dwaaloog moest zijn gebleven om te wachten op de dementors. “Poppy, Severus is aangevallen door Bellatrix van Detta. Ik heb werkelijk geen idee welke vervloeking ze heeft gebruikt en ik krijg de wond niet dicht.”zei Perkamentus die typisch zijn kalme zelf was. “Minerva, zou jij de Zwadderaars vandaag voor jou rekening kunnen nemen en een uil naar Ellen kunnen sturen over wat er gebeurt is?”vroeg Perkamentus haar vriendelijk. Minerva knikte maar kwam nog niet in beweging, ze kon alleen maar staren naar Severus. Poppy knikte. “Christina je moet me helpen om hem van de brancard op het bed te krijgen, ik wil niet teveel magie gebruiken omdat dat het bloeden kan vergeren.”Christina knikte en kwam direct naast mamdame Pleister staan. “Goed jij ondersteund zijn hoofd met je borst, en je pakt hem voorzichtig onder ze schouders goed?”vroeg mamdame Pleister, ze was zelf al op leeftijd dat was de rede waarom ze Christina het zwaarste gedeelte liet tillen. Christina knikte en pakte hem voorzichtig vast, madame Pleister pakte hem bij zijn benen en samen tilde ze hem op het bed. Professor Perkamentus pakte de pols vast van Severus om zijn hartslag te voelen. “Hij leeft nog, maar als we het bloeden niet snel stoppen niet lang meer. “zei Perkamentus ernstig.
Christina merkte dat haar handen begonnen te trillen, wat als hij het niet zou overleven? Vroeg ze zich angstig af, en versteend keek ze naar Severus plotseling niet meer wetend wat ze moest doen.
Als versteent bleef ze staan niet wetende wat te doen. “Kind, sta daar niet zo en help me!”Riep Madame Pleister streng. Christina leek weer bij haar positieve te komen en liep snel naar madame Pleister toe. “W-wat moet ik doen?”Stotterde Christina. “Pak een bloed verversend elixer, prikkelsap en wondsap en snel een beetje Christina!” Madame Pleister boog zich over professor Sneep heen en bekeek zijn puppillen. Christina had de drie elixers met trillende handen gepakt. Ze zetten de elixers neer op het kastje dat naast het bed van professor Sneep stond.
“Goed, ik ga nog wat spulletjes pakken, kan jij ondertussen zorgen dat professor Sneep’s zijn gewaad en shirt uit zijn als ik terug kom? Dan kan ik zijn organen controleren.” Christina voelde dat ze langzaam rood werd, de eerste keer dat ze Severus zou uitkleden had ze zich toch wel anders voorgesteld, ze hoopte maar dat hij er niet boos om zou worden als hij weer bij kwam….als…dacht Christina bij zichzelf, snel schudde ze haar hoofd, nee zo mocht ze niet denken! Severus ging het redde, daar zou ze persoonlijk voor zorgen. Even keek ze blozend naar professor Perkamentus, ze had ook niet gedacht dat haar grootvader erbij zou staan als ze voor het eerst een man uit zou kleden. “Christina, ik weet dat het ongepast is om een docent uit te kleden, maar in dit geval weet ik zeker dat professor Sneep het je niet kwalijk zou nemen.”Glimlachte haar grootvader vriendelijk. “De minister zal nu wel gearriveerd zijn en ik ben bang dat ik hem moet inlichten over de gebeurtenissen, als er iets veranderd ben ik meteen weer terug.” “Ja grootvader.”was het enige wat Christina erop zei. “Minerva, zou jij mij willen volgen, dan hoor jij ook gelijk wat er gebeurt is, we hebben hier een aantal belangrijke dingen over te bespreken.” Professor Anderling knikte stijfjes en legde even een troostende hand op Christina haar schouder, Christina verstijfde eventjes, het kon toch niet dat professor Anderling van haar en Severus zou afweten? Vroeg Christina zichzelf af.
Maar Christina had niet lang de tijd om daarbij stil te staan, zodra de deur achter professor Anderling was dicht gevallen begon Christina langzaam de knoopjes van Severus zijn gewaad los te maken.
Christina moest zichzelf inhouden om niet te gaan vloeken, waarom had hij toch zoveel knoopjes! Normale mensen hadden één of twee knoopjes maar Severus moest er zo nodig een stuk of 15 hebben. Toen ze eindelijk klaar was met zijn zwarte gewaad losknopen gilde ze bijna van frustratie, onder het gewaad zat nog een witte blouse waar natuurlijk ook weer een hele rij knoopjes aanvast zat. Al kon je blouse niet echt wit meer noemen aangezien de blouse doorweekt was van het bloed en nu meer rood was dan wit. Heel voorzichtig deed ze zijn blouse ook uit, ze kon het niet laten om naar zijn borstkast te kijken. Het zag er vreselijk uit, ze telde meerdere diepe wonden op zijn borst. Iets wat haar veel zorgen baarde, ook viel het haar op dat Severus enorm gespierd was. Haar ogen vlogen naar de deur waar madame Pleister door was verdwenen en zag dat die nog altijd gesloten was. Even drukte Christina een kus op zijn voorhoofd en zachtjes aaiden ze door zijn haar. “Severus, wordt alsjeblieft wakker.”zei ze smekend tegen hem, ze voelde de tranen in haar ogen branden met pijn en moeite slikte ze deze weg. Niemand mocht zien dat ze zo erg van streek was dan zouden ze misschien vragen gaan stellen. Bezorgt keek ze naar de verwondingen die nog altijd hevig bloeden.
Christina had nog steeds niet door dat ze zelf ook nog steeds met een gebroken neus liep, het kon haar niets schele, het enige waaraan ze kon denken was dat Severus beter moest worden.

“Dus als ik het goed begrijp zijn Severus en Christina aangevallen door een stuk of vijf dooddoeners?”Vroeg professor Anderling verontstelt. “We kunnen niet met zekerheid zeggen of er geen dooddoeners zijn gevlucht toen Alastor en ik eraan kwamen, maar toen wij er waren, waren het er inderdaad vijf. “zei Perkamentus kalm, net zo kalm alsof ze het over het weer hadden. “Het is een wonder dat ze beide nog in leven zijn, Albus.” Professor Anderling kon het niet geloven wat er gebeurt was. “Komt Severus er weer boven op?” voegde ze er bezorgt aan toe. “Ik ben bang dat we daar nog geen uitspraak over kunnen doen.” Antwoordde Perkamentus somber. Beide keken ze om naar de deur toen Dwaaloog binnen kwam lopen. “Dat stel duivelsstrik zijn nu overgeleverd aan de dementors, ze worden naar Azkaban overgebracht in afwachting van hun proces. Maar we weten allemaal maar al te goed wat de uitspraak zal zijn.”deelde Dwaaloog mee. “Het was een gelukkig toeval dat je vandaag hier aanwezig was om mijn in te lichten over de klopjacht op de van Detta’s, Alastor.”zei Perkamentus redelijk vrolijk. “toeval mijn r-“ “Alastor!” onderbrak Anderling hem al voordat hij ook maar het woord kon afmaken waaraan Dwaaloog begon. “Goed, is Ellen ingelicht?”kwam Perkamentus maar snel tussen beide. Hierop knikte Anderling alleen maar en ze keek verslagen voor zich uit. “En Melian Sneep? Zijn zusje?” voegde Albus er nog aan toe. “Ze is onvindbaar dus ze weet nog van niets, waarschijnlijk is ze nog in Zweinsveld. Zodra ze terug keert zal ze worden ingelicht.” Anderling zuchtte diep. “Ik begrijp waarom ze Sneep moesten hebben… Maar wat wilde ze van Zwarts.” Zei Dwaaloog toen. “Ik geloof niet dat ze ook maar iets van Christina wilde, ik denk dat ze gewoon helaas op het verkeerde moment op de verkeerde plaats verkeerde.” Zei Perkamentus toen luchtig. Dwaaloog leek een opmerking te willen maken maar toen hij zag hoe Perkamentus keek besloot hij dit echter niet te doen. Er klonk een klop op de deur en zonder op antwoord te wachten kwam er een magere bleek uitziende vrouw met zwart haar binnen. “Ellen goed dat je er bent, ga zitten.” Perkamentus zijn blik was meteen weer ernstig, de vrouw keek angstig en deed wat haar gezegd werd. Ze nam plaats voor Perkamentus. “Wat is er met Severus?”vroeg ze bezorgt. Perkamentus begon met het verhaal opnieuw te vertellen.

Snel ging Christina weer naast het bed van Severus staan toen ze madame Pleister terug hoorde komen. Madame Pleister zei niets en ging aan de slag met Severus ze diende Severus de drankjes toe die ervoor zorgde dat hij niet dood zou bloeden en daarna richten ze zich tot Christina. Geluidloos hief madame Pleister haar staf en heelde zonder er ook maar iets over te zeggen Christina haar neus. “Christina je trilt helemaal en je zal wel doodmoe zijn na alles wat er gebeurt is. Er zijn helers onderweg vanuit het St. Holisto, je kan hier niets meer doen ga rusten.” “Ik wil helpen!”ging Christina er meteen tegen in, maar madame Pleister keek haar toen verbaast aan. “Je kan niets doen kind.” Zei ze toen streng. Christina wist dat ze zich gewonnen moest geven als ze hier heel moeilijk over ging doen zou het alleen maar verdacht zijn en niemand mocht het weten van haar en Severus, dan zou zij misschien van school getrapt worden en hij zijn baan verliezen. Christina knikte en liep de ziekenzaal uit op weg naar de binnenplaats ze zou nu toch niet kunnen rusten, ze ging daar op de trap zitten bij de deur en moest haar best doen niet te huilen. Het kon haar niets schele of andere haar zagen.

“Remus, wat is er?”vroeg Melian verbaast toen Remus opeens stil stond, ze liep achter hem en zag dus niet waar hij naar keek. Remus die al het gevoel had gehad dat er iets mis was kreeg steeds sterker het vermoeden dat hij gelijk had. Zijn gevoel werd bevestigt toen hij naar de trap op de binnenplaats. “Christina! Wat is er gebeurt?” Remus nam niet eens de moeite om te antwoordden op Melian haar vraag en liep meteen op Christina af, al het bloed was uit zijn gezicht weggetrokken. Melian snapte er niets van maar toen ze zijn blik volgde werd ze al net zo bleek als Remus. Christina keek op en begon meteen onverstoorbaar tot aan het hysterische toe te snikken. Doordat ze Remus en Melian nu zag kon ze zich niet langer inhouden. Remus liep meteen op haar af en sloeg zijn armen om haar heen om Christina te troosten. Christina legde haar hoofd in zijn schouder, ze stotterde een paar woorden maar ze kwam er maar niet uit. Remus en Melian verstonden er helemaal geen ene smekie van. “Christina van wie is dat bloed?”vroeg Remus haar, hij probeerde haar aan te kijken wat niet heel erg makkelijk was als iemand haar gezicht zowat in je schouder aan het boren was. “Severus.” Bracht Christina met veel moeite uit. Melian begon te trillen als dit bloed van Severus was, betekende dat dat er iets goed mis met hem was. “Is Severus op de ziekenzaal?”vroeg Remus toen die merkte dat dit beter werkte dan Christina het hele verhaal te laten vertellen. Christina knikte alleen maar en voordat ze ook nog maar iets konden zeggen trok Melian een sprintje naar de ziekenzaal. Ze rende zo hard als ze kon om vervolgens opgehouden te worden bij de deur door professor Anderling. “Merijn zij gedankt! Daar ben je!” zei Anderling meteen. “Melian ik ben bang dat je hier moet wachten, ze zijn nog met hem bezig.” “Ze professor?”vroeg Melian met een stem die veel hoger was dan normaal, ze moest haar best doen niet te gaan huilen, maar voordat Anderling ook maar iets kon zeggen werd Melian al geroepen. “Melian!” Ellen kwam aanlopen samen met Perkamentus en Dwaaloog. Melian rende meteen naar haar moeder en stortte haar snikkend in Ellen’s armen. Als haar moeder hier was betekende dat dat er iets goed mis was. Ze lieten haar niet voor niets komen. “W-wat is er gebeurt? K-k-komt het weer goed?” stotterde ze. “Liefje, hij is aangevallen door dooddoeners, ik weet ook nog niet het hele verhaal. We weten ook nog niet hoe Severus eraan toe is, er zijn helers van het Holisto met hem bezig.”

Christina en Remus waren er nu ook bij komen staan. Remus had Christina nog steeds tegen zich aangedrukt die nog stond te snikken en bleef op de achtergrond staan hij kon zich heel goed voorstellen dat Melian het nu nog even niet zag zitten om hem voor te stellen aan Ellen. “Ben jij Christina Zwarts?”vroeg Ellen toen vriendelijk aan Christina. Christina knikte alleen maar, ze besefte nu pas echt wat er allemaal aan de hand was en begon nu dan ook in shock te raken. “Zou je mij alsjeblieft willen vertellen wat er met mijn zoon gebeurt is? Ik heb vernomen dat jij erbij was.”vroeg Ellen vriendelijk. Christina keek paniekerig naar Perkamentus, Remus en vervolgens Anderling. Anderling kwam al moederlijk naast haar staan. “Het lijkt me het beste als mevrouw Zwarts eerst iets krijgt om te kalmeren en daarna ons het verhaal in zijn geheel uit te leggen.” Anderling doelde erop dat Perkamentus hun wel wat had vertelt maar helaas niet het gehele verhaal wat ook niet kon omdat hij Christina nog niet had gesproken. Melian stond nog steeds tegen haar moeder aan te snikken, maar haar moeder liet haar voorzichtig los, op hetzelfde moment als Remus, Christina had los gelaten. Melian liep nu naar Remus en pakte hem vast, het kon haar niets schele dat haar moeder erbij was en zo zou weten dat ze een vriend had. Ze had Remus gewoon nodig nu. Ellen knikte en professor Anderling ging met Christina de ziekenzaal binnen, de rest nog steeds op de gang laten wachten. Na 10 minuten kwamen ze de ziekenzaal weer uit en was Christina gekalmeerd, ze had een drankje gehad van madame Pleister. Helaas wist ze nog niet hoe Severus eraan toe was. Ze keek naar Ellen en alle mensen die om hun heen stonden. Ze was nerveus omdat ze tegen zoveel mensen het verhaal moest vertellen. Ze keek nog even naar Ellen die bemoedigend naar haar knikte. Als het wat met Severus zou worden zou Ellen haar schoonmoeder worden bedacht Christina zich. Ze haalde nog even diep adem en begon het hele verhaal te vertellen, echter liet ze het gedeelte weg dat zij en Severus eerder gezoend hadden en samen op weg naar zijn kantoor waren geweest om de relatie te bespreken over hoe en wat. Ze deed alsof ze Severus gewoon toevallig tegen was gekomen en dat ze samen een praatje hadden staan maken en dat ze toen plots werden overvallen. “Ik snap alleen niet wat Bellatrix bedoelde met wraak nemen.”voegde Christina er als laatste aan toe. Ze was eindelijk klaar met praten, ze had het gevoel of ze uren bezig was geweest met het verhaal te vertellen terwijl het in de werkelijkheid misschien maar 10 minuten waren geweest. Intussen stond Melian naast Christina die er al net zo min van leek te snappen. Melian had nog steeds Remus zijn hand vastgeklemd. “Iets waar we alleen maar naar kunnen raden.” Antwoordde Perkamentus toen raadselachtig. Net toen Melian ook door wilde vragen gingen de deuren van de ziekenzaal opeens open. Madame Pleister kwam met een ernstig gezicht naar buiten en iedereen viel doodstil. “Voor nu is hij stabiel.”Net toen Melian opgelucht wilde uitademde vervolgde madame Pleister. “Ik ben bang dat hij in een coma ligt en we niet weten of professor Sneep nog wel wakker wordt.”
Terug naar boven Go down
http://thunderstruckfandoms.bestforumpro.com
Christina Black-Snape
The Queen
The Queen
avatar

Aantal berichten : 676
Registratiedatum : 03-06-15
Leeftijd : 24
Woonplaats : Zweinstein

Karakter kaart
Fandoms: Christina Black-Snape
Favorite Actor/Actress:

BerichtOnderwerp: Re: Lost and damned (Harry Potter)   di jun 09, 2015 11:29 pm

Hoofdstuk 11 : Als een donderslag
Christina kwam hijgend aan op de ziekenzaal, onderweg was ze uitgebreid aangestaard door leerlingen die grote ogen opzetten toen ze zagen dat ze onder het bloed zat. De reactie van madame Pleister was niet veel anders, met grote ogen keek ze naar Christina. “Wat heb je gedaan?! Ben je gewond?”vroeg madame Pleister bezorgd. Christina hijgde nog steeds  ze stond gebogen met haar handen op haar knieën uit te puffen en kon niet echt praten ze schudde vel haar hoofd. “Heb je iemand vermoord?” vroeg madame Pleister nu nog meer geschrokken. “Nee!”Bracht Christina met moeite uit. “Professor! Sneep! Dooddoeners! Gewond!” Tussen ieder woord stopte Christina even om naar adem te happen. “Hierheen!” Voordat Christina nog een ander woord kon zeggen vloog de deur van de ziekenzaal al open. Perkamentus kwam binnen gevolgd door de brancard, hij was  echter niet de enige die naar binnen liep, professor Anderling volgde hem op de voet. Christina bedacht zich dat Dwaaloog moest zijn gebleven om te wachten op de dementors.  “Poppy, Severus is aangevallen door Bellatrix van Detta. Ik heb werkelijk geen idee welke vervloeking ze heeft gebruikt en  ik krijg de wond niet dicht.”zei Perkamentus die typisch zijn kalme zelf was. “Minerva, zou jij de Zwadderaars vandaag voor jou rekening kunnen nemen en een uil naar Ellen kunnen sturen over wat er gebeurt is?”vroeg Perkamentus haar vriendelijk. Minerva knikte maar kwam nog niet in beweging, ze kon alleen maar staren naar Severus. Poppy knikte.  “Christina je moet me helpen om hem van de brancard op het bed te krijgen, ik wil niet teveel magie gebruiken omdat dat het bloeden kan vergeren.”Christina knikte en kwam direct naast mamdame Pleister staan. “Goed jij ondersteund zijn hoofd met je borst, en je pakt hem voorzichtig onder ze schouders goed?”vroeg mamdame Pleister, ze was zelf al op leeftijd dat was de rede waarom ze Christina het zwaarste gedeelte liet tillen. Christina knikte en pakte hem voorzichtig vast, madame Pleister pakte hem bij zijn benen en samen tilde ze hem op het bed.  Professor Perkamentus pakte de pols vast van Severus om zijn hartslag te voelen.  “Hij leeft nog, maar als we het bloeden niet snel stoppen niet lang meer. “zei Perkamentus ernstig.
Christina merkte dat haar handen begonnen te trillen, wat als hij het niet zou overleven? Vroeg ze zich angstig af, en versteend keek ze naar Severus plotseling niet meer wetend wat ze moest doen.
Als versteent bleef ze staan niet wetende wat te doen. “Kind, sta daar niet zo en help me!”Riep Madame Pleister streng. Christina leek weer bij haar positieve te komen en liep snel naar madame Pleister toe. “W-wat moet ik doen?”Stotterde Christina. “Pak  een bloed verversend elixer, prikkelsap en wondsap en snel een beetje Christina!” Madame Pleister boog zich over professor Sneep heen en bekeek zijn puppillen. Christina had de drie elixers met trillende handen gepakt. Ze zetten de elixers neer op het kastje dat naast het bed van professor Sneep stond.
“Goed, ik ga nog wat spulletjes pakken, kan jij ondertussen zorgen dat professor Sneep’s  zijn gewaad en shirt uit zijn als ik terug kom? Dan kan ik zijn organen controleren.” Christina voelde dat ze langzaam rood werd, de eerste keer dat ze Severus zou uitkleden had ze zich toch wel anders voorgesteld, ze hoopte maar dat hij er niet boos om zou worden als hij weer bij kwam….als…dacht Christina bij zichzelf, snel schudde ze haar hoofd, nee zo mocht ze niet denken! Severus ging het redde, daar zou ze persoonlijk voor zorgen. Even keek ze blozend naar professor Perkamentus, ze had ook niet gedacht dat haar grootvader erbij zou staan als ze voor het eerst een man uit zou kleden. “Christina, ik weet dat het ongepast is om een docent uit te kleden, maar in dit geval weet ik zeker dat professor Sneep het je niet kwalijk zou nemen.”Glimlachte haar grootvader vriendelijk. “De minister zal nu wel gearriveerd zijn en ik ben bang dat ik hem moet inlichten over de gebeurtenissen, als er iets veranderd ben ik meteen weer terug.” “Ja grootvader.”was het enige wat Christina erop zei. “Minerva, zou jij mij willen volgen, dan hoor jij ook gelijk wat er gebeurt is, we hebben hier een aantal belangrijke dingen over te bespreken.” Professor Anderling knikte stijfjes en legde even een troostende hand op Christina haar schouder, Christina verstijfde eventjes, het kon toch niet dat professor Anderling van haar en Severus zou afweten? Vroeg Christina zichzelf af.
Maar Christina had niet lang de tijd om daarbij stil te staan, zodra de deur achter professor Anderling was dicht gevallen begon Christina langzaam de knoopjes van Severus zijn gewaad los te maken.
Christina moest zichzelf inhouden om niet te gaan vloeken, waarom had hij toch zoveel knoopjes! Normale mensen hadden één of twee knoopjes maar Severus moest er zo nodig een stuk of 15 hebben. Toen ze eindelijk klaar was met zijn zwarte gewaad losknopen gilde ze bijna van frustratie, onder het gewaad zat nog een witte blouse waar natuurlijk ook weer een hele rij knoopjes aanvast zat. Al kon je blouse niet echt wit meer noemen aangezien de blouse doorweekt was van het bloed en nu meer rood was dan wit. Heel voorzichtig deed ze zijn blouse ook uit, ze kon het niet laten om naar zijn borstkast te kijken. Het zag er vreselijk uit, ze telde meerdere diepe wonden op zijn borst. Iets wat haar veel zorgen baarde, ook viel het haar op dat Severus enorm gespierd was. Haar ogen vlogen naar de deur waar madame Pleister door was verdwenen en zag dat die nog altijd gesloten was. Even drukte Christina een kus op zijn voorhoofd en zachtjes aaiden ze door zijn haar. “Severus, wordt alsjeblieft wakker.”zei ze smekend tegen hem, ze voelde de tranen in haar ogen branden met pijn en moeite slikte ze deze weg. Niemand mocht zien dat ze zo erg van streek was dan zouden ze misschien vragen gaan stellen. Bezorgt keek ze naar de verwondingen die nog altijd hevig bloeden.
Christina had nog steeds niet door dat ze zelf ook nog steeds met een gebroken neus liep, het kon haar niets schele, het enige waaraan ze kon denken was dat Severus beter moest worden.

“Dus als ik het goed begrijp zijn Severus en Christina aangevallen door een stuk of vijf dooddoeners?”Vroeg professor Anderling verontstelt. “We kunnen niet met zekerheid zeggen of er geen dooddoeners zijn gevlucht toen Alastor en ik eraan kwamen, maar toen wij er waren, waren het er inderdaad vijf. “zei Perkamentus kalm, net zo kalm alsof ze het over het weer hadden. “Het is een wonder dat ze beide nog in leven zijn, Albus.” Professor Anderling kon het niet geloven wat er gebeurt was. “Komt Severus er weer boven op?” voegde ze er bezorgt aan toe. “Ik ben bang dat we daar nog geen uitspraak over kunnen doen.” Antwoordde Perkamentus somber. Beide keken ze om naar de deur toen Dwaaloog binnen kwam lopen. “Dat stel duivelsstrik zijn nu overgeleverd aan de dementors, ze worden naar Azkaban overgebracht in afwachting van hun proces. Maar we weten allemaal maar al te goed wat de uitspraak zal zijn.”deelde Dwaaloog mee. “Het was een gelukkig toeval dat je vandaag hier aanwezig was om mijn in te lichten over de klopjacht op de van Detta’s, Alastor.”zei Perkamentus redelijk vrolijk. “toeval mijn r-“ “Alastor!” onderbrak Anderling hem al voordat hij ook maar het woord kon afmaken waaraan Dwaaloog begon. “Goed, is Ellen ingelicht?”kwam Perkamentus maar snel tussen beide. Hierop knikte Anderling alleen maar en ze keek verslagen voor zich uit. “En Melian Sneep? Zijn zusje?” voegde Albus er nog aan toe. “Ze is onvindbaar dus ze weet nog van niets, waarschijnlijk is ze nog in Zweinsveld. Zodra ze terug keert zal ze worden ingelicht.” Anderling zuchtte diep. “Ik begrijp waarom ze Sneep moesten hebben… Maar wat wilde ze van Zwarts.” Zei Dwaaloog toen. “Ik geloof niet dat ze ook maar iets van Christina wilde, ik denk dat ze gewoon helaas op het verkeerde moment op de verkeerde plaats verkeerde.” Zei Perkamentus toen luchtig. Dwaaloog leek een opmerking te willen maken maar toen hij zag hoe Perkamentus keek besloot hij dit echter niet te doen. Er klonk een klop op de deur en zonder op antwoord te wachten kwam er een magere bleek uitziende vrouw met zwart haar binnen. “Ellen goed dat je er bent, ga zitten.” Perkamentus zijn blik was meteen weer ernstig, de vrouw keek angstig en deed wat haar gezegd werd. Ze nam plaats voor Perkamentus. “Wat is er met Severus?”vroeg ze bezorgt. Perkamentus begon met het verhaal opnieuw te vertellen.

Snel ging Christina weer naast het bed van Severus staan toen ze madame Pleister terug hoorde komen. Madame Pleister zei niets en ging aan de slag met Severus ze diende Severus de drankjes toe die ervoor zorgde dat hij niet dood zou bloeden en daarna richten ze zich tot Christina. Geluidloos hief madame Pleister haar staf en heelde zonder er ook maar iets over te zeggen Christina haar neus. “Christina je trilt helemaal en je zal wel doodmoe zijn na alles wat er gebeurt is. Er zijn helers onderweg vanuit het St. Holisto, je kan hier niets meer doen ga rusten.” “Ik wil helpen!”ging Christina er meteen tegen in, maar madame Pleister keek haar toen verbaast aan. “Je kan niets doen kind.” Zei ze toen streng. Christina wist dat ze zich gewonnen moest geven als ze hier heel moeilijk over ging doen zou het alleen maar verdacht zijn en niemand mocht het weten van haar en Severus, dan zou zij misschien van school getrapt worden en hij zijn baan verliezen. Christina knikte en liep de ziekenzaal uit op weg naar de binnenplaats ze zou nu toch niet kunnen rusten, ze ging daar op de trap zitten bij de deur en moest haar best doen niet te huilen. Het kon haar niets schele of andere haar zagen.

“Remus, wat is er?”vroeg Melian verbaast toen Remus opeens stil stond, ze liep achter hem en zag dus niet waar hij naar keek. Remus die al het gevoel had gehad dat er iets mis was kreeg steeds sterker het vermoeden dat hij gelijk had. Zijn gevoel werd bevestigt toen hij naar de trap op de binnenplaats. “Christina! Wat is er gebeurt?” Remus nam niet eens de moeite om te antwoordden op Melian haar vraag en liep meteen op Christina af, al het bloed was uit zijn gezicht weggetrokken. Melian snapte er niets van maar toen ze zijn blik volgde werd ze al net zo bleek als Remus. Christina keek op en begon meteen onverstoorbaar tot aan het hysterische toe te snikken. Doordat ze Remus en Melian nu zag kon ze zich niet langer inhouden. Remus liep meteen op haar af en sloeg zijn armen om haar heen om Christina te troosten. Christina legde haar hoofd in zijn schouder, ze stotterde een paar woorden maar ze kwam er maar niet uit. Remus en Melian verstonden er helemaal geen ene smekie van. “Christina van wie is dat bloed?”vroeg Remus haar, hij probeerde haar aan te kijken wat niet heel erg makkelijk was als iemand haar gezicht zowat in je schouder aan het boren was. “Severus.” Bracht Christina met veel moeite uit. Melian begon te trillen als dit bloed van Severus was, betekende dat dat er iets goed mis met hem was. “Is Severus op de ziekenzaal?”vroeg Remus toen die merkte dat dit beter werkte dan Christina het hele verhaal te laten vertellen. Christina knikte alleen maar en voordat ze ook nog maar iets konden zeggen trok Melian een sprintje naar de ziekenzaal. Ze rende zo hard als ze kon om vervolgens opgehouden te worden bij de deur door professor Anderling. “Merijn zij gedankt! Daar ben je!” zei Anderling meteen. “Melian ik ben bang dat je hier moet wachten, ze zijn nog met hem bezig.” “Ze professor?”vroeg Melian met een stem die veel hoger was dan normaal, ze moest haar best doen niet te gaan huilen, maar voordat Anderling ook maar iets kon zeggen werd Melian al geroepen. “Melian!” Ellen kwam aanlopen samen met Perkamentus en Dwaaloog. Melian rende meteen naar haar moeder en stortte haar snikkend in Ellen’s armen. Als haar moeder hier was betekende dat dat er iets goed mis was. Ze lieten haar niet voor niets komen. “W-wat is er gebeurt? K-k-komt het weer goed?” stotterde ze. “Liefje, hij is aangevallen door dooddoeners, ik weet ook nog niet het hele verhaal. We weten ook nog niet hoe Severus eraan toe is, er zijn helers van het Holisto met hem bezig.”

Christina en Remus waren er nu ook bij komen staan. Remus had Christina nog steeds tegen zich aangedrukt die nog stond te snikken en bleef op de achtergrond staan hij kon zich heel goed voorstellen dat Melian het nu nog even niet zag zitten om hem voor te stellen aan Ellen. “Ben jij Christina Zwarts?”vroeg Ellen toen vriendelijk aan Christina. Christina knikte alleen maar, ze besefte nu pas echt wat er allemaal aan de hand was en begon nu dan ook in shock te raken. “Zou je mij alsjeblieft willen vertellen wat er met mijn zoon gebeurt is? Ik heb vernomen dat jij erbij was.”vroeg Ellen vriendelijk. Christina keek paniekerig naar Perkamentus, Remus en vervolgens Anderling.  Anderling kwam al moederlijk naast haar staan. “Het lijkt me het beste als mevrouw Zwarts eerst iets krijgt om te kalmeren en daarna ons het verhaal in zijn geheel uit te leggen.” Anderling doelde erop dat Perkamentus hun wel wat had vertelt maar helaas niet het gehele verhaal wat ook niet kon omdat hij Christina nog niet had gesproken. Melian stond nog steeds tegen haar moeder aan te snikken, maar haar moeder liet haar voorzichtig los, op hetzelfde moment als Remus, Christina had los gelaten. Melian liep nu naar Remus en pakte hem vast, het kon haar niets schele dat haar moeder erbij was en zo zou weten dat ze een vriend had. Ze had Remus gewoon nodig nu. Ellen knikte en professor Anderling ging met Christina de ziekenzaal binnen, de rest nog steeds op de gang laten wachten. Na 10 minuten kwamen ze de ziekenzaal weer uit en was Christina gekalmeerd, ze had een drankje gehad van madame Pleister. Helaas wist ze nog niet hoe Severus eraan toe was. Ze keek naar Ellen en alle mensen die om hun heen stonden. Ze was nerveus omdat ze tegen zoveel mensen het verhaal moest vertellen. Ze keek nog even naar Ellen die bemoedigend naar haar knikte. Als het wat met Severus zou worden zou Ellen haar schoonmoeder worden bedacht Christina zich. Ze haalde nog even diep adem en begon het hele verhaal te vertellen, echter liet ze het gedeelte weg dat zij en Severus eerder gezoend hadden en samen op weg naar zijn kantoor waren geweest om de relatie te bespreken over hoe en wat. Ze deed alsof ze Severus gewoon toevallig tegen was gekomen en dat ze samen een praatje hadden staan maken en dat ze toen plots werden overvallen.  “Ik snap alleen niet wat Bellatrix bedoelde met wraak nemen.”voegde Christina er als laatste aan toe. Ze was eindelijk klaar met praten, ze had het gevoel of ze uren bezig was geweest met het verhaal te vertellen terwijl het in de werkelijkheid misschien maar 10 minuten waren geweest. Intussen stond Melian naast Christina die er al net zo min van leek te snappen. Melian had nog steeds Remus zijn hand vastgeklemd. “Iets waar we alleen maar naar kunnen raden.” Antwoordde Perkamentus toen raadselachtig. Net toen Melian ook door wilde vragen gingen de deuren van de ziekenzaal opeens open. Madame Pleister kwam met een ernstig gezicht naar buiten en iedereen viel doodstil. “Voor nu is hij stabiel.”Net toen Melian opgelucht wilde uitademde vervolgde madame Pleister. “Ik ben bang dat hij in een coma ligt en we niet weten of professor Sneep nog wel wakker wordt.”
Terug naar boven Go down
http://thunderstruckfandoms.bestforumpro.com
Christina Black-Snape
The Queen
The Queen
avatar

Aantal berichten : 676
Registratiedatum : 03-06-15
Leeftijd : 24
Woonplaats : Zweinstein

Karakter kaart
Fandoms: Christina Black-Snape
Favorite Actor/Actress:

BerichtOnderwerp: Re: Lost and damned (Harry Potter)   di jun 09, 2015 11:29 pm

Hoofdstuk 12: Onverwachte omstandigheden
Er was een week voorbij gegaan sinds Severus in coma lag. Helaas was zijn toestand nog niet verbeterd. Omdat Severus stabiel bleef hoefden hij niet naar het St. Holisto verplaatst te worden en hadden madame Pleister en Christina de zorg voor Severus op zich genomen. Het was voor Christina een goed excuus dat ze stage liep op de ziekenzaal, anders had het nogal raar geweest dat ze voor een leraar zorgde. Melian had de eerste paar dagen vrij gehad van al haar verplichten, maar na drie dagen vond professor Anderling het beter als Melian gewoon weer aan de slag ging. Ergens kon Christina haar afdelingshoofd hier ook alleen maar gelijk in geven aangezien Melian had geweigerd haar bed uit te komen de afgelopen drie dagen. Nu waren ze samen op weg naar de grote zaal voor het avondmaal. “Blijft je moeder voorlopig nog in Zweinsveld?” vroeg Christina aan haar vriendin, ze probeerde een gesprek te beginnen. Iets wat gezien de omstandigheden niet erg makkelijk was. Christina had Melian nog steeds niet ingelicht over haar en Severus –wat zij en Severus dan ook waren, want Christina wist nog altijd niet of ze een stel waren of niet— want het leek haar beter omdat samen met Severus te vertellen. “Ja, ze wilt niet weg totdat we meer weten.” Antwoordde Melian het kostte haar moeite om niet weer te gaan huilen. “Hé?” bracht Melian verbaast uit. “Wa-?” maar voordat Christina ook maar iets kon vragen zag ze het antwoord al en verbaast keken ze naar de oppertafel. “Wat doet Remus nou hier?”vroeg Melian, ze klonk verbaast en blij tegelijk. “Dat is niet eens de grote vraag….wat doet hij aan de leraren tafel?” Christina haar stem klonk al net zo verbaast. Achterdochtig namen de meisjes plaats aan de tafel van Griffoendorn. “Kan je je voorstellen dat het pas de eerste week van oktober is?”vroeg Melian toen. “We zijn pas een maand op school en nu is er al zo ontzettend veel gebeurt.” “Ik snap precies wat je bedoelt, het lijkt alsof we al minstens een jaar terug zijn op Zweinstein.”voegde Christina eraan toe. “Ik weet dat je na alles Severus ook als een vriend zag Chris, ik snap dat je het er ook moeilijk mee heb.” Christina werd lichtjes rood en was opgelucht dat Melian tot de conclusie kwam dat ze goede vrienden waren.
Onverwachts werd het stil in de zaal, professor Perkamentus was opgestaan en stond nu achter het grote gouden beeld van een uil die tot zijn middel kwam. De plek waar professor Perkamentus altijd ging staan als hij een mededeling had. “Vergeef mij dat ik jullie nog even van jullie maaltijd af moet houden, maar ik heb twee mededelingen voor jullie.”Perkamentus ogen twinkelde vrolijk. “Ik ben er eindelijk in geslaagd een verweer tegen de zwarte kunsten docent te vinden –vergeef me dat het een maand later is dan gepland- ik stel u voor aan Professor Lupos!” Remus stond op, er klonk applaus door de grote zaal, Melian en Christina floten juichend en klapte het hardste van iedereen.
“Dat is geweldig!”riep Melian blij uit, ze vergat duidelijk het feit dat ze nu een docent date en dat dat niet geheel volgens het schoolreglement was. Christina besloot haar daar nog niet op te wijzen, Melian had het al moeilijk genoeg met alles wat er gebeurde en ze verdiende het om even blij te zijn.
Perkamentus glimlachte vrolijk en stak zijn hand op ten tekenen dat hij nog wat wilde zeggen. Remus ging weer zitten en leek verlegen te zijn door alle aandacht en met name door hoe de meisjes hadden gereageerd. “Tot mijn grote genoegen kan ik jullie mededelen dat het toverschool toernooi dit jaar plaats zal vinden op Zweinstein.” Er ontstond luid geroezemoes en Christina haar mond was opengevallen van verbazing. “Aangezien sommige van jullie niet weten wat het toverschool Toernooi inhoud, hoop ik dat de gene die dat wel weten me zullen vergeven dat ik een korte uitleg geef. Denk gerust aan wat anders zou ik zeggen. Het toverschool Toernooi werd 685 jaar geleden voor het eerst gehouden en was bedoelt als vriendschappelijke krachtmeting tussen de drie grootse Europese toverscholen: Zweinstein, Beauxbatons en Klammfels. Alle drie de scholen kozen vertegenwoordigers van de scholen, de vertegenwoordigers namen het tijdens een aantal opdrachten tegen elkaar op, iedere vijf jaar werd er om de beurt op een school het Toernooi gehouden. Totdat het dodental de pan uit rees en het Toernooi gestaakt werd.”
Christina keek Melian droogjes aan. “Is hij serieus?”vroeg Melian toen verbaast aan Christina. “Erhm, ik vrees van wel.”
“In de loop der eeuwen zijn er meerdere pogingen gedaan het Toernooi nieuw leven in te blazen, helaas is dat nochtans niet gelukt zonder slachtoffers. Maar het goede nieuws is! Ons eigen Departement van internationale magische samenwerking heeft zich over de kwestie gebogen, en ik kan jullie verzekeren dat we een goede oplossing hebben gevonden! Iedere vertegenwoordiger zal een docent naar keuze als mentor krijgen. Deze docent zal jullie helpen, maar let op jullie moeten nog altijd zelf de opdrachten uitvoeren! De docent mag jullie helpen maar niet de opdracht voor jullie doen. Over twee weken zullen de hoofden van de andere scholen met hun geselecteerde kandidaten arriveren op Zweinstein. De uitverkiezing van de drie kampioenen zal op Halloween plaats vinden! Een onpartijdige waarnemer beslist welke leerlingen waardig zijn om te mogen strijden voor de toverschool Trofee, de eer van de school en duizend Galjoenen persoonlijk prijzengeld!”
“Dat zou wel erg fijn zijn.”fluisterde Melian tegen Christina, Christina wist maar al te goed dat Melian haar familie arm was. Christina knikte ter bevestiging, ze was niet van plan mee te doen maar als ze dat wel zou willen en het wonder zou zich voordoen dat ze zou winnen zou ze Melian en Severus dat geld gegeven hebben.
“Nu weet ik dat een aantal van jullie staat te trappelen om de eer van de school te verdedigen, maar helaas moet ik jullie mededelen dat er voor de veiligheid een leeftijdsgrens is. Alle studenten vanaf 15 jaar mogen zich inschrijven voor het Toernooi.”Glimlachte Perkamentus, de zaal bleef muistil ook al was het duidelijk dat een hoop leerlingen enorm baalde. “Er zijn zo als vanzelf sprekend maatregelen genomen om te zorgen dat er geen jongeren studenten deel kunnen nemen, en nu heb ik jullie nog twee laatste woorden te zeggen.”Perkamentus glimlachte breed”Tas toe.” En met die woorden verscheen het eten op tafel. “Ik ga me inschrijven!”Zei Melian toen. Christina glimlachte. “Ik weet niet of ik me wel inschrijf, het is best gevaarlijk.”Zei Christina toen, normaal was ze daar niet bang voor maar ze wilde ook gewoon niet het gehele jaar in het middelpunt van de aandacht staan. Christina en Melian voerde de rest van het diner een gesprek over of ze wel of niet zouden inschrijven, na het eten liepen ze samen naar de uitgang. “Ik heb met Remus afgesproken. “zei Melian toen. “Hij wilt me afleiden van Severus.”zei ze toen droevig. “Dat is lief van hem, ik moet toch naar de ziekenzaal sinds Severus er ligt doen ik en madame Pleister om de beurt een nachtdienst voor het geval dat, je weet wel als hij wakker word.” Zei Christina voorzichtig. “Het leek madame Pleister niet handig als hij dan alleen is, dus er slaapt nu altijd iemand op de ziekenzaal.” Christina vertelde er maar niet bij dat dat alleen maar voorlopig zo was als ze zouden denken dat Severus niet meer wakker wordt, zou hij naar het St. Holisto worden overgebracht. Christina wilde dit nog niet aan Melian vertellen, ze zou zelf dan ook weer gaan huilen en dat zou teveel vragen oproepen. “Succes” was het enige wat Melian kon uitbrengen, anders zou ze weer gaan huilen en dat wilde ze niet. Ze wilde niet alweer huilend bij Remus aankomen. “Dank je, veel plezier hé en doe de groetjes aan Remus.”zei Christina lief en ze gaf Melian een knuffel, vervolgens namen de meisjes afscheidt van elkaar.

Christina kwam aan op de ziekenzaal ze kleden zich om in het uniform wat ze had gekregen van madame Pleister voor als ze hier werkte, ze had haar haren in een vlecht gebonden zodat ze niet verhinderd werd door haar lange bruine haar. Het was rustig op de ziekenzaal vannacht zou Severus de enige patiënt zijn, tenzij er natuurlijk iemand werd binnen gebracht. Christina ging even zitten op de stoel naast Severus zijn bed, ze pakte zijn hand vast en aaiden er liefdevol over. Ze was alleen dus hoefden ze niet te doen alsof er niets was. “Severus, wordt alsjeblieft.”Zei ze lief tegen hem en ze drukte voorzichtig een kus op zijn lippen. Helaas kwam er geen reactie. Ergens had ze gehoopt dat ze hem zo wakker zou maken, maar het leven was helaas geen dreuzel sprookje. Liefdevol keek ze naar hem, ze miste hem vreselijk erg. Ze vocht tegen de tranen. “Ik wist dat er meer was tussen jullie!”zei een stem opeens Christina sprong zo ongeveer een meter de lucht in van de schrik. “alle uilen op een stokje!”zei ze en ze greep naar haar hart. Het was Ellen, ergens gelukkig maar want Ellen zou niet willen dat haar zoon ontslagen zou worden dus zou gemakkelijker haar mond houden. Aan de andere kant had Christina het liever op een andere manier aan haar schoonmoeder willen laten weten dat zij en Severus iets hadden. Ze wist bijna zeker dat Severus dat ook liever op een andere manier had gedaan. “Hoe bedoelt u mevrouw Prins?”vroeg Christina beleeft, ze kon het moeilijk gaan ontkennen, maar ze wilde wel graag weten hoe Ellen het wist. “De blik in je ogen als je naar hem kijkt kind.”zei Ellen toen alsof alles opeens duidelijk was. “Niemand anders heeft het misschien door, maar ik herken een verliefde blik maar al te goed.” Ellen glimlachte vriendelijk naar Christina. “En je bent wel erg toegewijd aan iemand die gewoon een docent van je is. Geen zorgen kind ik zeg niets tegen professor Perkamentus ik wil mijn zoon niet ontslagen zien worden. Hij heeft een baan om trots op te zijn.”zei Ellen toen, ze keek trots naar haar zoon. “Bedankt.”zei Christina toen maar ergens had ze het idee dat dit geen aangenaam gesprek zou worden. “Ik denk dat je me verkeerd begrijpt, ik doe dit niet voor jou maar voor Severus, ik wil niet dat hij zijn werk op het spel zet voor een opwelling.”zei Ellen toen haar stem niet langer vriendelijk. “Dit is geen opwelling mevrouw Prins.”Christina voelde zich beledigt maar liet dat niet merken. “Het is voor Severus inderdaad geen opwelling, als hij voor iemand gaat is hij loyaal, trouw en doet hij alles voor die gene.”Ellen keek met moederlijke liefde naar het lichaam van haar zoon. “Jij daarin tegen bent nog erg jong, je weet niet wat je wilt. Je bent een ontzettend knap meisje die elke tovenaar kan krijgen die ze maar wilt. Je bent een puur bloed een Zwarts, en Zwartsen hunkeren altijd naar status. Iets wat hij je niet kan geven. Nu vindt je het spannend en zijn jullie verliefd. Maar als de liefde over is zal je op hem uitgekeken raken, je zal zijn hart breken en er met een of andere knappe puurbloed tovenaar met een hoge functie bij het ministerie vandoor gaan.” Ellen keek afkeurend naar Christina. “Zo zijn alle Zwartsen, niets anders dan ellende, hunkerend naar status en altijd maar meer geld.” Ellen schudde afkeurend haar hoofd. Christina voelde de tranen over haar wangen stromen, de woorden van Ellen deden haar erg veel pijn maar boven al maakte deze woorden haar woedend. “Hoe durft u? Ik hou van uw zoon! Het kan me niets schele dat hij een docent is, dat hij een halfbloed is en dat hij misschien niet zo geweldig knap is als u beweert. Al die dingen kunnen mij gestolen worden! Ik kom uit een welgestelde familie, een familie met status waar geld nooit het probleem is geweest! Nog was ik niet gelukkig! Ik veracht mijn familie! Voor het geval u het nog niet wist ik zit in Griffoendorn! Ik heb twee jaar geleden met mijn vader en daardoor ook met de meeste familie leden gebroken, ik heb niets met de duistere kant, ik heb niets met geld of status! Liefde dat is wat er voor mij belangrijk is! En als u denkt dat ik uw zoon als een of ander pleziertje gebruik heeft u het goed mis! Ik hou van hem zo als hij is en niemand, niet u niet de schoolregels niet al het geld en de meest hoge status van de wereld veranderd daar iets aan!” Christina wist dat ze dingen zei die misschien erg voorbarig waren aangezien Severus haar nooit had gezegd van haar te houden en ze nog niet eens officieel een relatie hadden maar dit was wel wat Christina voelde en hoe ze erover dacht ze sprak de waarheid. Ze had echter niet door dat ze stond te schreeuwen. De tranen van woede rolde nog steeds over haar wangen. “Liefde is het enige wat telt.” “Hij heeft genoeg ellende mee gemaakt, hij is al genoeg gekwetst door haar! Als zijn hart weer vertrapt wordt zal hij dat deze keer niet te boven komen, ik wil dat je uit zijn buurt blijft!” ging Ellen veder. Christina snapte niet wat Ellen bedoelde met nogmaals zijn hart laten vertrappen net toen ze ernaar wilde vragen hoorde ze gekreun komen van het bed van Severus. Christina haar hart maakte een sprongetje van opwinding, zou hij eindelijk wakker worden? Ze hoopte het bij Merlijnsbaard! Ze hoopte maar dat het geen valse hoop was. Christina wilde meteen naar Severus toelopen maar Ellen was haar al voor. “Severus?”vroeg ze en ze boog zich bezorgt over haar zoon heen. Even overwoog Christina om Ellen aan de kant te duwen maar ze besloot maar naar zijn andere kant te lopen de ruzie te besparen. Weer klonk het gekreun, Severus leek min of meer te knipperen met zijn ogen, maar ook weer niet helemaal. Het leek net of het niet lukte om zijn ogen te openen. “C-c-Chris?” zijn stem klonk super schor en het kostte de vrouwen ontzettend veel moeite om hem te verstaan, maar uiteindelijk verstond Christina het en ze werd warm van binnen. Severus vroeg praktisch naar haar. “Ja, ik ben hier”zei ze liefdevol, ze pakte zijn hand vast en drukte die zachtjes tegen haar gezicht zodat hij wist dat ze er was. “Blijf hier.”zei hij toen schor. “Natuurlijk ik ga nergens heen.” Christina wierp een woedende blik op Ellen terwijl ze dit zei. “Ik droomde geloof ik….”het kostte Severus erg veel moeite om te praten om de paar woorden moest hij even stoppen maar Christina en Ellen wachten geduldig af wat hij wilde zeggen. “Ik dacht dat ik mijn moeder hoorden….Waarom is je gezicht nat?”voegde hij eraan toe toen hij merkte dat zijn hand nat was. “Dat droomde je niet, ik ben er echt.”zei Ellen liefdevol. De ijzige toon die ze net tegen Christina had gehad was nergens meer te bespeuren geweest. “Jullie hadden ruzie?” Severus had eindelijk zijn ogen een Beetje open en keek verbaast naar zijn moeder, de vrouw die altijd zo lief voor hem was geweest leek totaal niet op hoe ze net tegen Christina had gepraat. Severus dacht dat het maar een droom was geweest maar nu bleek het allemaal echt waar te zijn wat hij net hoorde. “Severus, rustig je moet je geen zorgen maken er was niets aan de hand.”zei Christina sussend, ze wilde niet dat Severus boos zou worden op Ellen of iets dus het leek haar verstandig om te doen of er niets aan de hand was, ze drukte zachtjes een kus op zijn hand aangezien Ellen het toch al van hun wist maakte dat niets uit. “Christina heeft gelijk Severus, je hebt een week in coma gelegen.”
Severus keek de vrouwe niet begrijpend aan. “De dooddoeners?” vroeg hij toen aan Christina hij bekeek haar goed en zag tot zijn opluchting dat behalve een snee in haar gezicht ze er blijkbaar ongeschonden vanaf was gekomen. “Zijn veilig in Azkaban waar ze horen. Dwaaloog en professor Perkamentus kwamen op het goede moment.”vertelde Christina toen aan Severus. “Ik ga Melian zoeken, en daarna professor Perkamentus.”zei Ellen toen, ze keek nog steeds niet al te blij naar Christina maar voor nu konden ze de discussie beter laten voor wat het was. “ik ben over ongeveer 30 minuten terug met hun.” “Dank je.”zei Christina, ze had door dat Ellen haar en Severus wat tijd alleen wilde geven, maar al snel keek Ellen weer ijzig naar Christina. Christina snapte de hint dat ze dit alleen voor Severus deed en niet voor haar. Het kon Christina niets schele zolang ze maar even tijd had met Severus. “Tot zo…mam…”zei Severus schor die nog steeds moeite had met praten. Toen Ellen de zaal had verlaten wenkte Severus Christina om bij hem te komen zitten. Severus kon niet gaan zitten, in plaats daarvan legde hij zijn arm om haar middel. Het was niet een hele handige houden maar zo kon hij haar toch vast houden. Christina legde voorzichtig haar hoofd op zijn borst en begon te snikken. “Ik was zo bang dat je nooit meer wakker zou worden.”snikte ze, ze voelde hoe Severus sussend door haar haren aaiden. “Het spijt me, je moeder zag het aan me…niemand weet het veder.”snikte Christina door ze was bang dat Severus boos zou worden. “Het maakt niets uit dat me moeder het weet……ik ben juist blij dat ze je kan zien….”zei Severus toen hij was nog erg zwak en het kosten veel moeite om hem te verstaan, maar hij was blij dat Christina bij hem was. “Chris….”zei hij opeens lichtjes in paniek. “Severus, blijf rustig liggen!”zei Christina voordat hij ook maar iets kon doen. Severus leek niet te luisteren en in paniek zei hij: “Ik voel me benen niet meer!”

Melian liep samen met Remus door de gangen van Zweinstein. “Professor Perkamentus weet het van ons.”zei Remus gerustellend. “Ik heb hem ingelicht voordat hij me aannam en hij vind het goed zo lang ik je niet voortrek en ik mag je examens en toetsen niet nakijken. Omdat als je een goed cijfer haalt het anders net lijkt of ik je voortrek…Ik denk dat we daar wel mee kunnen leven toch?” Remus glimlachte naar haar en had zijn arm om haar middel geslagen. “Natuurlijk kan ik dat!”zei Melian blij, ze wilde erg vrolijk zijn dat Remus hier was was een goed iets, maar ze maakte zich ontzettend veel zorgen om Severus. “We zijn er.”zei Remus toen, hij snapte wel waarom Melian niet al te vrolijk deed en had daar dan ook alle begrip voor. “Waar?”vroeg Melian verbaast. “Mijn kantoor.” Lachte Remus. “Ben je dat alweer vergeten? Ik zou je toch mijn kantoor laten zien.” Remus keek haar bedachtzaam aan. “Oh! Ja! Natuurlijk!”Melian kon zichzelf wel voor haar hoofd slaan, hoe kon ze dit in Merlijnsnaam vergeten. Samen stapte ze het kantoor binnen, en Remus deed de deur achter hem dicht nadat Melian ook naar binnen was gestapt. Melian keek het kantoor rond. “Ziet er goed uit.” Maar voordat ze nog maar iets kon doen drukte Remus haar al tegen de muur en begon haar vol passie te zoenen. Melian voelde hoe haar hart tekeer ging en zoende hem vol liefde terug. Voorzichtig liet ze haar handen door zijn haar gaan. Na een tijdje verbraken ze de zoen. “Mels…ik kan je dit weekend niet zien.”zei Remus toen met moeite. “Wat? Waarom niet?”vroeg Melian lichtjes in paniek bang dat Remus het ging uitmaken. “Je zei dat Perkamentus het goed vond!” “Mels, ik dump je niet geen zorgen..”zei Remus toen snel hij schrok hij had niet verwacht dat Melian dit gelijk zou denken, met zichtbaar moeite zei hij toen. “Het is dit weekend volle maan.” Legde hij toen gepijnigd uit. “Natuurlijk! Hoe kan ik zo stom zijn omdat te vergeten!”zei Melian toen. “Je hebt veel aan je hoofd Melsje, het maakt niet uit dat je dat vergeten bent.” Remus keek haar sussend aan en drukte nog liefjes een kus op haar wang, teder keek hij haar aan. “Blijf je vannacht hier?”Vroeg hij met een speelse twinkeling in zijn ogen en Melian wist maar al te goed wat hij bedoelde. “Natuurlijk professor!”zei Melian lachend en Remus deed de deur achter haar op slot, samen liepen ze naar het slaap gedeelte van Remus zijn kantoor. Melian begon vrolijk zijn gewaad uit te trekken en vergat even alle ellende om haar heen, ze vergat zelfs de hele wereld. Voor vannacht was het alleen Remus en zij nog, samen raakte ze verstrengeld in een gepassioneerde nacht.
Terug naar boven Go down
http://thunderstruckfandoms.bestforumpro.com
Gesponsorde inhoud




BerichtOnderwerp: Re: Lost and damned (Harry Potter)   

Terug naar boven Go down
 
Lost and damned (Harry Potter)
Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven 
Pagina 1 van 1
 Soortgelijke onderwerpen
-
» Devil's Daughter || Clean
» [RPG] Harry Potter Zweinstein
» [RPG] Lost animals(Vernieuwd)
» [RPG] Lost Animals
» Lost myself (Pepper)

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
thunderstruckfandoms :: Creatief :: Fanfiction-
Ga naar: